In de rechtbank blijkt hoe gevoelig het verhoor ligt voor broer en zus Holleeder

Holleeder-proces Sonja Holleeder kon niet anders dan gewoon blijven doen tegen broer Willem, zei ze. Anders „dacht hij dat je met de politie praatte”.

Illustratie Aloys Oosterwijk

Een spiegelpaleis met een gitzwarte binnenkant: dat is misschien wel de beste omschrijving van het leven dat Sonja Holleeder dinsdagmiddag schetste tijdens de tweede dag van haar getuigenverhoor in de strafzaak tegen haar broer Willem Holleeder.

Sonja heeft belastende verklaringen afgelegd tegen haar broer tussen 2013 en 2017. Zij beschuldigt hem onder andere van de moord op haar partner, Cor van Hout. Willem en Cor waren jeugdvrienden en waren met anderen betrokken bij de ontvoering van Freddy Heineken, een misdaad die van de twee mannen bekende Nederlanders maakte en nog altijd een cruciale rol speelt in de familieverhoudingen. Volgens Sonja is Willem altijd uit geweest op een deel van het losgeld dat Cor had geïnvesteerd in raambordelen op de Achterdam in Alkmaar.

In de rechtbank wordt duidelijk hoe gevoelig het verhoor ligt voor broer en zus Holleeder – verdachte en getuige. Willem zit te wiebelen op zijn stoel en schudt soms nadrukkelijk met zijn hoofd als Sonja een vraag beantwoordt. Sonja spreekt met een hoge en soms harde stem en heeft een licht Jordanees accent.

Ze reageert soms geagiteerd en krijgt het op een moment echt te kwaad. Dat gebeurt als ze vragen krijgt over haar verstandelijk gehandicapte dochter Bo, die is opgegroeid in een adoptiegezin. Ze wil niks over haar zeggen. Behalve dan dat haar broer Willem een verhaal heeft geplugd over Bo in een boek over Cor. Dat deed Willem volgens Sonja om „Cor in een kwaad daglicht te stellen”. Op dat moment is de pijn in haar stem hoorbaar.

Tiran

Sander Janssen, een van de twee advocaten van Willem Holleeder, begon het verhoor met het voorhouden van een lange serie afgeluisterde telefoongesprekken uit de periode tussen 1995 en 2006. Volgens Janssen zijn die gesprekken in strijd met het beeld van de tiran dat Sonja heeft geschetst over haar broer. Willem Holleeder is vriendelijk tegen Sonja en haar kinderen, koopt cadeautjes en doet klusjes. En Sonja’s kinderen bellen soms ook met Willem, die ze dan oompje noemen.

Volgens Sonja is dat allemaal schone schijn. Zij moest gewoon blijven doen, vertelde ze. „Dat kon gewoon niet anders.” Willem vertrouwde het niet als je anders deed dan normaal. „Dan dacht hij dat je met de politie praatte.”

Advocaat Janssen zei dat hij het niet kon geloven dat iedereen in het gezin van Sonja bleef doen alsof er niks aan de hand was en dat ook haar kinderen mee acteerden. „Dat is voor een ander niet te begrijpen. Ik ben alles blijven doen voor Willem. Dat moest wel omdat hij iets anders niet accepteerde”, aldus Sonja Holleeder. „Maar we hebben het hier wel over de man die Cor heeft laten vermoorden. Hoe verwacht u dat ik daar tegen opkom?”

Het is een steeds terugkerend thema, in het Holleeder-dossier. Weet je wat het is, zo zei Sonja vlak voor de pauze: „Hij kan het zo mooi verbloemen. Hij had me al in de tang voordat de aanslag werd gepleegd. En zo maakt hij je deelgenoot van zijn daden. Je kan dan niet anders.”

In het tweede deel van het verhoor sneed advocaat Janssen een ander terugkerend thema aan: de criminele erfenis van Cor van Hout die in 2003 is vermoord. Over die erfenis is in de aanloop naar de feitelijke behandeling van de zaak al veel gesproken. Geld is de as waar deze zaak om draait, zo vatte rechtbankvoorzitter Frank Wieland dit thema samen.

Leugen

Tijdens het verhoor over deze kwestie moest Sonja Holleeder bekennen dat ze in het verleden over de afwikkeling van de criminele erfenis van Cor van Hout heeft gelogen. Het gaat daarbij specifiek over een aantal raambordelen op de Achterdam in Alkmaar, die in het midden van de jaren negentig zijn gekocht met het nooit gevonden losgeld van de Heinekenontvoering.

De rol van Sonja bij de verkoop van die panden is door justitie uitgebreid onderzocht en Sonja heeft uiteindelijk een schikking gesloten waarbij ze ruim 1 miljoen euro aan achterstallige belasting moest betalen.

In de bekentenis over die schikking heeft ze dus gelogen. Dat moest volgens Sonja wel. „Over het losgeld mocht nooit gesproken worden, omdat dan ook de bezittingen van Willem in beeld zouden kunnen komen”, aldus Sonja. Dat ging onder andere om gokhallen op de Wallen in Amsterdam. „Die halletjes waren van Willem.” Uit het verhaal van Sonja blijkt dat het Heinekenlosgeld een waar familietrauma is. Ook Willem Holleeder moest eerder bekennen dat hij eerder heeft gelogen over het losgeld.

Advocaat Janssen vermoedt dat Sonja Holleeder nog altijd niet de waarheid spreekt over de kwestie en wil daarom dat alle afspraken die zij heeft gemaakt met de Belastingdienst aan het dossier worden toegevoegd. De rechtbank zal over dat verzoek vrijdag beslissen. Het is afwachten of dat de rechters zal helpen bij het beantwoorden van de ultieme vraag: wie spreekt hier de waarheid? De lezingen van broer en zus, verdachte en getuige, lopen zo uiteen dat ze in ieder geval niet allebei waar kunnen zijn.