Trigger happy terug naar school

Vanuit Princeton, New Jersey, schrijft over wat haar opvalt. Vandaag: op de school van haar dochter is een onbekende man gesignaleerd.

Illustratie Eliane Gerrits

Dinsdagmorgen, kwart voor tien. Dochter naar school, de ontbijtboel opgeruimd en aan het werk. Ik nestel me bij de haard met een kopje koffie. De kat springt op schoot en begint te spinnen.

Pling. Er komt een bericht mijn mailbox binnen van de schooldirecteur:

„Beste ouders, om 8 uur vanmorgen meldde een leerling dat een onbekende man van begin twintig in de school is gesignaleerd. Na enig onderzoek is de school in shelter in place gegaan en de politie gealarmeerd. Op dit moment is er een zoektocht gaande naar dit individu. Aangezien we geen enkel risico durven nemen, blijft de school afgesloten totdat de politie aangeeft dat het veilig is. We houden u op de hoogte.”

Daar gaat mijn rust. En die van onze dochter, die vanmorgen zo ontspannen zat te smullen van haar gekookte eitje. En nu zit ze naar de gesloten deuren van haar klaslokaal te staren, omdat er een onbekende man van in de twintig door de gangen loopt. Mijn nuchtere Hollandse instelling, gemengd met een flinke dosis wensdenken, vertelt me dat het vast wel mee zal vallen. Onze zoons, oud-leerlingen van de school, gaan tenslotte ook wel eens terug. Maar vijf jaar lang regelmatig geconfronteerd worden met schoolbeschietingen – zo’n 250 keer sinds het drama van Sandy Hook en alleen al vijftig vanaf deze zomer – doet me het angstzweet over mijn rug lopen.

Ik bel mijn vriendin, moeder van een klasgenoot, die tegen elk advies in naar school is gereden. „Ik sta hier voor de poort”, zegt ze. „Het lijkt verdorie wel oorlog. Overal politieauto’s. Mannen met kogelvrije vesten en geweren. God weet wat daarbinnen nu gebeurt. Ik geloof helemaal niet dat het helpt om de deuren op slot te doen. Die trapt een beetje twintiger toch zo open.”

„Kom nu maar hierheen”, zeg ik. „Ik heb net koffie gezet.”

„Nee,” zegt ze. „Ik wil er zijn als … als …” Om er meteen aan toe te voegen: „Hoe blijf jij toch altijd zo kalm?”

Ik ben eerlijk gezegd blij dat ze niet komt. De beelden van schoolbeschietingen staan in het hoofd van iedere Amerikaanse ouder gegrift, maar aan dergelijke horrorscenario’s wil ik liever niet denken. Ik probeer rustig te blijven, maar luister toch aandachtig of ik ambulances in de verte hoor rijden en kijk of ik helikopters zie overvliegen.

Gruwelijke nachtmerries

Half elf. Pling. Weer een bericht van de schooldirecteur. De onbekende man van begin twintig blijkt een oud-leerling van de school te zijn die gewoon weer eens zijn leraren en vrienden wilde opzoeken. Grote opluchting alom. De politie heeft het alles-is-veilig-signaal afgegeven. De deuren kunnen van het slot af. De lessen zullen vervolgd worden.

Mijn koffie is ondertussen koud. Er loopt een straaltje bloed langs mijn nagel. Ik heb zonder dat ik er erg in had het velletje eraf gebeten. „Ik heb de huisarts gebeld voor een recept voor valium”, mailt mijn vriendin. „Elke keer na zo’n incident is zij weken van slag. Dan krijgt ze gruwelijke nachtmerries.”

Een paar dagen later. Pling. Nieuwsalert. Een schietpartij in Florida, de zoveelste op rij. Een jongeman is de school binnen gedrongen en heeft minstens zeventien kinderen vermoord. Het blijkt een oud-leerling te zijn.

Reacties naar pdejong@ias.edu