Commentaar

Syrië: zeven jaar bloedvergieten en geen eind in zicht

Eind 2017 leek het even de goede kant op te gaan: na bijna zeven jaar oorlog nam het geweld in Syrië af. Dictator Assad zat weliswaar nog steeds in het zadel, maar IS leek zo goed als verslagen. Bondgenoot Rusland riep Assad en zichzelf uit tot overwinnaar en maakte bekend troepen terug te zullen trekken. Een duidelijk plan voor vrede was er weliswaar niet, maar zowel in Genève als in Astana werd geprobeerd strijdende partijen aan tafel te krijgen. Geen vrede nog, maar ook geen gifgasaanvallen.

Begin 2018 is de hoop op een spoedige verbetering van de situatie in Syrië vervlogen. De berichten over gifgas zijn terug en een toch al uiterst complex conflict wordt alleen nog maar gecompliceerder. Islamitische Staat is dan wel op zijn retour, maar er raken steeds meer landen betrokken bij gevechtshandelingen. Het risico op escalatie – al was het maar per ongeluk – neemt schrikbarend toe.

Het conflict begon als een opstand van Syrische burgers tegen het regime, werd vervolgens gedomineerd door strijd tegen IS. Nu die strijd luwt, laaien oude conflicten weer op. Wat ooit begon als een burgeroorlog is in toenemende mate een arena voor buitenlandse mogendheden.

Vorig weekend raakte het Syrische leger boven Syrië een Israëlische F-16, nadat Iran eerder Israël had geprovoceerd door een drone boven Israëlisch grondgebied te laten vliegen, die vanuit Syrië was vertrokken. De Israëlische actie is begrijpelijk. Iran had ten westen van Israël al een zwaarbewapende bondgenoot tegen Israël in de Libanese militie Hezbollah en verwerft nu ook een positie in Syrië. Zondag dreigde premier Netanyahu Syrië en Iran met militaire actie als Iran inderdaad „Syrië koloniseert”.

Een paar dagen eerder waren Russische en Amerikaanse troepen in elkaars vaarwater geraakt in Oost-Syrië. Rusland steunt Assad, hoofdzakelijk met luchtaanvallen en met een onduidelijk contingent officiële en niet-officiële grondtroepen. De Verenigde Staten ondersteunen de anti-Assad-krachten . Bij een Amerikaanse aanval zouden zeker vijf Russen zijn omgekomen, mogelijk enkele tientallen. Ook al worden de details van dit incident aan het zicht onttrokken door de befaamde ‘fog of war’, duidelijk is hoe snel een incident uit de hand zou kunnen lopen.

De botsingen tussen Israël en Iran en tussen de VS en Rusland volgden op het begin van een Turks offensief tegen Koerdische troepen in Noord-Syrische Afrin. De Turkse president Erdogan is niet van plan zich neer te leggen bij het ontstaan van een Koerdische corridor langs de Turkse grens. Zijn inmenging zorgde voor spanningen tussen Turkije en de Verenigde Staten.

Zeven jaar strijd. En nog neemt de ellende toe. In 2014 waren er al vierhonderdduizend doden geteld, daarna houdt de officiële telling van de Verenigde Naties op. Er zijn miljoenen ontheemden. President Macron waarschuwde dat indien Franse diensten het gebruik van gifgas zouden bevestigen, hij niet zou aarzelen om in te grijpen.

Er zijn in deze duisternis twee lichtpuntjes. Alle partijen die in Syrië actief zijn, zijn zich bewust van de risico’s. En diplomatiek overleg heeft weliswaar nog geen tastbare resultaten opgeleverd, maar is ook nog niet opgegeven. De VS en Turkije proberen bijvoorbeeld sinds dit weekend weer samen op te trekken. De VN blijven zich inzetten voor een duurzame oplossing voor het hele land. Uiteindelijk kan alleen overleg een einde maken aan de Syrische nachtmerrie. Vraag is wel hoeveel ellende en bloedvergieten er nog nodig zijn voordat serieuze gesprekken een kans krijgen.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.