Russische trollenfabriek gedroeg zich als modern marketingbedrijf

Russische beïnvloeding De aanklacht van Mueller geeft een uitgebreide kijk in de werkwijze van Russische internettrollen. Ze betaalden activisten en organiseerden demonstraties in de VS.

Het gebouw in Sint-Petersburg van de inmiddels beruchte ‘trollenfabriek’ Internet Research Agency (IRA). Foto Dmitry Lovetsky / AP

Opvallend gedetailleerd beschrijft de vrijdag openbaargemaakte, 37 pagina’s tellende aanklacht van speciaal aanklager Robert Mueller hoe Russische internettrollen hebben geprobeerd de presidentsverkiezingen in de VS te beïnvloeden. Het ging om een ingrijpende, jarenlange, miljoenen kostende campagne, gericht op het bekritiseren van Hillary Clinton en het ondersteunen van senator Bernie Sanders, presidentskandidaat Jill Stein en vooral Donald Trump. Zeker tachtig Russen onderhielden valse identiteiten op sociale media, zogenoemde trollaccounts en stuurden vanuit Rusland Amerikaanse activisten aan.

Inlichtingendiensten trokken al eerder vergelijkbare conclusies, maar ze gaven niet eerder zo’n gedetailleerde inkijk in de werkwijze van het Internet Research Agency (IRA), de inmiddels beruchte ‘trollenfabriek’ waarvandaan veel operaties plaatsvonden. Tien van de dertien aangeklaagde Russen werkten voor het IRA.

Het valt vooral op hoe geraffineerd de Russen oude propagandatechnieken – valse informatie planten, nepactivisten rekruteren – hebben weten te vertalen naar het moderne internettijdperk. De aanklacht, die leest als een handleiding ‘Verkiezingen hacken in de 21ste eeuw’, laat zien dat het IRA te werk ging als een modern marketingbedrijf, inclusief afdelingen voor grafische vormgeving, data-analyse en search engine optimization (‘SEO’). Zo gingen de Russen te werk:

1 Ze bereidden hun campagne goed voor

Vanaf 2014 begonnen werknemers van het IRA nauwlettend Amerikaanse socialemediagebruikers te volgen die zich bezighielden met de Amerikaanse politiek, staat in de aanklacht. De Russen hielden bij hoe vaak de gebruikers en groepen berichten plaatsten en hoe vaak, en door wie, de posts werden gelezen, gedeeld en becommentarieerd. Zo leerden ze de politieke taal van Amerikanen zelf.

Daarnaast reisden IRA-werknemers meerdere malen naar de VS om informatie te verzamelen over het politieke landschap in de cruciale swing states en activisten te ontmoeten die ze later financieel konden steunen.

2 Ze gingen te werk als een reclamebureau

Het IRA analyseerde constant hoe de valse socialemediaprofielen presteerden. Berichten die aansloegen werden met een advertentiebudget van duizenden dollars per maand aan een groter publiek geserveerd. Het leverde Facebookgroepen op met honderdduizenden volgers. In een ironische wending ontdekte het IRA dat er geld viel te verdienen met de populairste accounts: de trollenfabriek liet Amerikaanse ondernemers voor 25 tot 50 dollar per post adverteren op de nepaccounts.

IRA-werknemers ontvingen regelmatig aanwijzingen om hun posts te verbeteren of hun digitale persona’s ‘Amerikaanser’ te laten lijken. De aanklacht beschrijft: „Specialisten kregen aanwijzingen welke verhouding tussen tekst, beeld en video ze moesten gebruiken; hoeveel accounts ze moesten beheren; en de rol die elk account kreeg.”

3 De trollen organiseerden demonstraties en betaalden Amerikaanse activisten

Vanuit het IRA in Sint-Petersburg stuurden de Russen verschillende Amerikaanse activisten aan, die geloofden met gelijkgestemde Amerikanen te maken te hebben. De Russen hebben tientallen demonstraties op Amerikaanse bodem georganiseerd, het merendeel via Facebook. Activisten werden met Russisch geld gefinancierd. Zo staat in de aanklacht hoe het IRA een Trump-aanhanger betaalde voor de bouw van een kooi, die bovenop een truck werd gezet. In de truck werd vervolgens iemand rondgereden die zich had verkleed als Hillary Clinton in een gevangenisoutfit.

Lees ook ons achtergronstuk over de aanklacht en IRA-financier Jevgeni Prigozjin

4 Ze namen het uitwissen van hun sporen heel serieus

Een van de opvallendste details in de aanklacht is hoe geraffineerd de trollen hun sporen uitwisten. Ze maakten gebruik van vpn-verbindingen zodat het leek of hun computers in de VS stonden, betaalden met gestolen betaalrekeningen en gebruikten gestolen sofinummers. Eerder spoorden Facebook en Twitter Russische trollen op door onder andere naar Russische ip-adressen en betalingen met roebels te kijken. Die trollen hebben zeker 150 miljoen Amerikanen bereikt. De aanklacht van Mueller roept de vraag op hoeveel trollen Facebook en Twitter hebben gemist.

    • Reinier Kist