Marten en Oopjen fris en fruitig

Restauratie dubbelportret Rembrandt Met speciale scans zijn bij de restauratie van Rembrandts Marten en Oopjen-doeken nieuwe details ontdekt.

Op scans is te zien dat Rembrandt oorspronkelijk deuren schilderde (1) achter Martens en Oopjens portretten. Oopjens ketting was langer (2), Martens handschoen groter (3). In de finale versies schilderde Rembrandt gordijnen voor de deuren. Foto's Rijksmuseum

Hoeveel oud vernis haal je bij een restauratie van een schilderij? Daarover verschilden de Fransen en Nederlanders al van mening. „Wij bij het Louvre vinden dat oude vergeelde vernis bij een schilderij hoort. Als je het te grondig schoonmaakt haal je misschien iets van de oorspronkelijke schildering weg. Wij zijn daarin terughoudender.” Dat zei Sébastien Allard, directeur van de afdeling schilderijen van het Louvre, maandag in Amsterdam bij de Frans-Nederlandse presentatie van de restauratie van de dubbelportretten van Marten Soolmans en Oopjen Coppit. Rembrandt schilderde ze in 1634 ten voeten uit.

Nederland en Frankrijk kochten in 2016 gezamenlijk beide schilderijen van de jonggehuwden voor 160 miljoen euro aan. Ze deden dat na een mislukte poging van Nederland het geld alleen bij elkaar te krijgen. Daarvoor hingen de schilderijen jarenlang in de echtelijke slaapkamer van de Franse bankiersfamilie Rothschild. Er werd op regeringsniveau onderhandeld. Oopjen is van Frankrijk, Marten van Nederland. Maar beide landen hebben afgesproken de schilderijen samen te tonen, afwisselend in Frankrijk en Nederland. En alle beslissingen, ook over de restauratie, moeten in overleg genomen worden.

Dat is gelukt. De zichtbaar helderder, strak geverniste schilderijen stonden maandagmiddag te stralen in het atelier van het Rijksmuseum. Daar werden ze gepresenteerd door de Fransman Allard en door Taco Dibbits, algemeen directeur van het Rijksmuseum. Daar werkte een team van wetenschappers vanaf de zomer 2017 aan onderzoek, schoonmaak en herstel van de doeken – die overigens in prima conditie verkeren, aldus Dibbits. Omdat in het Rijks veel kennis over Rembrandt aanwezig is, is de restauratie daar uitgevoerd. De vernieuwde Marten en Oopjen zullen ook in het Rijks het eerst te zien zijn, van 8 maart tot en met 3 juni in de expositie over grote portretten van rijken en hooggeplaatsten, High Society.

Verschillende experts vertelden over de verschillende fasen van de restauratie, het onderzoek en de ontdekkingen die werden gedaan.

Voor de oude vernislagen verwijderd zijn, is er eerst veel onderzoek gedaan – in archieven en met behulp van infrarood-, ultraviolet-, röntgen- en andere scans, om meer over de schilderijen te weten te komen.

Vier terabyte aan data

„Dit zijn waarschijnlijk de schilderijen waar op dit moment de grootste digitale bestanden van de wereld van zijn”, zei prof. dr. Robert Erdmann van het Rijks. „We hebben zo’n 4 terabyte aan data. We hebben allerlei scanbestanden gemaakt, met een enorme hoge dichtheid aan pixels – zo veel dat ze niet door bestaande beeldbewerkingsprogramma’s gelezen kunnen worden. We hebben een artificial intelligence-systeem ontwikkeld, dat al die beelden leest en combineert, zodat we moeiteloos van de ene scan naar de andere scan kunnen switchen, scans kunnen combineren en vergelijken. We hebben bestaande technieken op grotere schaal toegepast dan gebruikelijk is en uitgebreid.”

Lees ook: Kijkgids voor Marten en Oopjen in Rijksmuseum

Zo ontdekte het researchteam met macro-röntgenfluorescentie dat Rembrandt eerst deuren achter beide portretten heeft geschilderd. Dat gebeurde vaker bij zulke grote portretten, maar Rembrandt heeft ze weggewerkt achter een groot zwart gordijn, „om meer eenheid tussen beide doeken te creëren, en de figuren beter te doen uitkomen”, denkt Dibbits.

De Playmobil poppetjes van Marten en Oopjen zijn uitverkocht. Het Rijks laat nieuwe maken. Foto ANP

Op die scans is ook te zien dat de handschoen die Marten vasthoudt oorspronkelijk groter was, net zoals de ketting die Oopjen vasthoudt eigenlijk langer is. „Toch heeft Rembrandt weinig veranderd of aangepast en met enorm weinig middelen en kleuren een enorm sterk beeld gemaakt. Het is heel dun geschilderd.”

De restaurateurs hebben ook het doek grondig onderzocht, onder meer met een door Erdmann verder ontwikkelde scanmethode waarbij het doek, het grof geweven canvas draad voor draad en de ruimte tussen de draden vastgelegd en gemeten wordt. Uit dat ‘canvas-weefselonderzoek’, en de ribbels die een doek krijgt als het opgespannen wordt – de zogenoemde spanguirlandes – blijkt dat Marten en Oopjen op een aaneengesloten opgespannen doek staan, dat later voor het schilderen in tweeën is gedeeld.

Er is ook onderzoek gedaan naar de vernislagen. Uit archiefonderzoek bleek dat Marten in 1952 in Amerika gerestaureerd is. En Oopjen in 1956 in het Rijks. Toen hebben ze een nieuwe vernislaag gekregen, maar daaronder zat bij Marten nog een oudere laag, en op beide schilderijen zat daaronder ook nog een laag eiwit die als vernis was aangebracht. Uit microscopisch onderzoek bleek dat het eiwit, bijvoorbeeld in Martens zwarte zijden streepjas en op Oopjens kanten kraag helemaal bruin was geworden. Ook dat oude eiwit is verwijderd. Alleen op sommige plekken, waar Rembrandt wat dikkere verf aanbracht, is het blijven zitten, om de verflaag niet aan te tasten. Maar het resultaat is dat Marten en Oopjen nu zonder die gelige eiwitlaag er fris en fruitig uitzien. Alsof ze net geschilderd zijn.

Expositie High Society. De schilderijen van Marten en Oopjen door Rembrandt zijn van 8 maart tot en met 3 juni te zien in het Rijksmuseum op de expositie High Society, naast portretten door Velázques, Cranach en Manet.
    • Paul Steenhuis