Bas bood een uitweg aan schuldenaars

Wie: Bas V.

Kwestie: oplichting

Waar: rechtbank Alkmaar

Verdachte Bas V. (36) staat met pech langs de weg op het moment dat in Alkmaar de rechtszaak tegen hem begint. Dat heeft hij althans net doorgebeld aan zijn advocaat. De drie rechters die zijn zaak moeten behandelen, zijn argwanend. Bas V. wordt verdacht van zeven gevallen van oplichting, hoe serieus moeten ze deze autopech nemen? Ze vragen of de verdachte een foto kan sturen van zichzelf en zijn auto, bij het bergingsbedrijf waar hij naartoe zou zijn gesleept. Na een korte schorsing zegt de advocaat van Bas V., Jan Peter van Schaik: „Ik heb heel veel informatie van mijn cliënt gekregen, maar de informatie die u wilde, heb ik niet.”

De zaak wordt zonder de verdachte behandeld.

Voor het bedrijf van Bas V., VSB Schuldhulpverlening, werd in januari 2014 een commercial uitgezonden, op Radio NL. Daarin werd gesuggereerd dat klanten binnen anderhalf jaar schuldenvrij konden zijn. Een wachtlijst was er niet.

Zes van de zeven opgelichte mensen wier zaak het Openbaar Ministerie nu voor de rechter brengt, belden het bedrijf naar aanleiding van dit spotje. Kennelijk, concludeert de officier van justitie wekt het vertrouwen als een bedrijf zich kenbaar maakt op de radio. Er waren meer slachtoffers, maar die deden geen aangifte.

Ook Mar (56), die naar de rechtbank is gekomen, belde en maakte een afspraak met Bas V. Ze wil niet met haar hele naam in de krant omdat ze niet geassocieerd wil worden met schulden. Bij haar thuis maakte V. „een goede indruk”. Volgens meerdere cliënten heeft V. ‘een vlotte babbel’, hoewel hij ook stottert. Hij liet zijn cliënten hun inkomsten en uitgaven invullen op een formulier en gaf zijn rekeningnummer. Als ze daarop hun salaris of uitkering overmaakten, zou hij betalingsregelingen treffen. Aan henzelf zou hij wekelijks een klein bedrag ‘leefgeld’ overmaken, zo’n 125 euro.

In enkele maanden tijd werd rond de 40.000 euro naar Bas V. overgemaakt. Telefoontjes werden door V. al snel niet meer of laat beantwoord. En ook het leefgeld kwam niet, of er werd te weinig overgemaakt. Echt door de mand viel V. pas als de schuldeisers weer aanbelden bij hun cliënten. „Ik was laaiend”, zegt Mar, toen het besef doordrong dat ze was opgelicht. Toen had ze al twee keer haar uitkering en de helft van haar vakantiegeld overgemaakt.

Het rekeningnummer waarop het geld werd gestort, stond op naam van de vader van V. Zijn rol wordt niet helemaal scherp: hij ontkent elke betrokkenheid maar in civiele zaken is wel al besloten dat hij delen van het geld dat op zijn rekening is gestort, moet terugbetalen. Vast staat dat V. over de pasjes van de rekening beschikte. Hij nam er duizenden euro’s cash mee op.

Bas V. heeft een strafblad van 22 pagina’s vol oplichting, flessentrekkerij en geweldpleging. Uit een rapport van de reclassering spreekt weinig hoop. Thuis werd diefstal er „met de paplepel ingegoten”. Bas’ vader pleegde vermogensdelicten en zette zijn zoon daarvoor in. Bas V. heeft een „antisociale persoonlijkheid” . De kans op herhaling is groot.

Wat de officier van justitie betreft is een lange gevangenisstraf nodig. V. heeft misbruik gemaakt van kwetsbare mensen die „een uitweg uit hun problemen zochten”. Hij eist achttien maanden celstraf. Ook vindt hij dat de slachtoffers hun geld moeten terugkrijgen.

V.’s advocaat draait er niet omheen. Dat zijn cliënt er niet is, „bevestigt het beeld dat uit het dossier oprijst”. Hij vraagt de rechter desondanks kritisch naar het bewijs te kijken. Want in het spotje werd niet gegarandeerd dat de schulden binnen anderhalf jaar zouden zijn verdwenen. En in gesprekken zei V. tegen cliënten: ‘Als schuldeisers meewerken’. De advocaat stelt dat er weliswaar „verdomd weinig aanwijzingen in het dossier zitten” dat V. het geld wilde terugbetalen, maar dat sluit niet uit dat dat wel zijn intentie is geweest.

De rechtbank legt Bas V. de geëiste achttien maanden cel op. Hij ging „geraffineerd te werk” en heeft het vertrouwen dat in hem is gesteld „diep beschaamd”. Zijn slachtoffers die daarom hebben gevraagd, moet hij hun geld terugbetalen. De overheid schiet dat voor.

    • Merel Thie