Drie forum voor Democratieleden. vnlr:Jan Berkhout, Gert Reedijk en Arthur Legger

Foto: Merlijn Doomernik

‘Partij van Baudet verandert in sekte’

Forum voor Democratie

Een jaar terug stonden ze nog op de kandidatenlijst voor de Tweede Kamer – een gynaecoloog, vastgoedbeheerder en psychotherapeut. Nu zijn ze geroyeerd. „Ze hebben onze partij afgepakt.”

Ze worstelen met wat ze overkomen is, de drie mannen van het eerste uur. Sinds de oprichting in september 2016 zaten ze bij Forum voor Democratie, de partij van Thierry Baudet. Ze waren belangrijk in de partij, kwamen op de kandidatenlijst voor de Tweede Kamerverkiezingen van vorig jaar, waren op de achtergrond actief als adviseur. En ze geloofden heilig in hun partijleider.

„Ik ben voor zijn charme en snelle denken gevallen”, zegt Freek Jan Berkhout, gynaecoloog. „De man is simpelweg briljant”, zegt Arthur Legger, voormalig historicus en journalist en nu vastgoedbeheerder. „Ik heb mij een soulmate van Thierry gevoeld, eindelijk kregen mijn gevoelens een stem”, zegt Gert Reedijk, psychotherapeut te Zwolle.

Maar de laatste weken is de liefde bekoeld. En nu de drie mannen terugkijken, aan de open haard in de woonkamer van Reedijk in Zwolle, snappen ze eigenlijk niet waarom ze het zo laat pas hebben gezien.

Berkhout: „We voelen ons verraden, ze hebben onze partij afgepakt.”

Legger: „We waren bang te worden gekaapt door rechts-extremisten van buitenaf. Ik heb me nooit gerealiseerd dat de kapers gewoon onze eigen bestuurders konden zijn.”

Reedijk: „Ik ben gebruuskeerd door Baudet, ik heb zijn boosaardige kant gezien.”

De drie mannen staan in het middelpunt van een strijd binnen Forum voor Democratie die al sinds december 2017 begon te woekeren, onzichtbaar voor de buitenwereld.

We voelen ons verraden, ze hebben onze partij afgepakt

Het was Baudet zelf die de interne problemen naar buiten bracht. Samen met zijn medebestuurders meldde hij op maandag 5 februari dat hij een van zijn grootste vertrouwelingen het lidmaatschap had ontnomen. Robert de Haze Winkelman, die vorig jaar de selectie van kandidaat-Tweede Kamerleden leidde en adviseur van het partijbestuur was, en zijn echtgenote Betty Jo Wevers waren niet meer welkom bij FvD. De twee voormalige VVD-politici hadden volgens Baudet „de afgelopen maanden op oneigenlijke wijze en door gebruikmaking van dreigementen en kwaadsprekerij, geprobeerd de gecontroleerde uitbouw van de partij actief tegen te werken en het partijbestuur over te nemen”.

Het partijbestuur meende zo de interne onrust te kunnen bezweren. „We willen juist LPF-achtige toestanden voorkomen”, zei penningmeester Henk Otten. Maar het conflict verhevigde. De Haze Winkelman twitterde zijn ongenoegen over „het schrikbewind” bij de partij – en kreeg daar veel publieke steunbetuigingen voor. Reedijk, Legger en Berkhout mailden een dag later een brief naar wat zij de „tophonderd” van de partij noemden waarin zij aan het partijbestuur om hervormingen vroegen. De brief lekte uit. Andere kandidaat-Kamerleden verklaarden publiekelijk hun lidmaatschap op te zeggen, onder wie Susan Teunissen, de nummer drie op de kandidatenlijst.

Wat Baudet en zijn medebestuurders ook beweerden, over het „ongefundeerde gestook”, het werd in een paar dagen duidelijk dat er bij de FvD iets ernstig rommelde.

Berkhout (67), Legger (53) en Reedijk (70) vertellen nu voor het eerst wat hen bewoog om zich te verzetten tegen het partijbestuur, en hoe Forum voor Democratie van een open, energieke „start-up” op weg is te veranderen in een achterdochtige en „rechts-extremistische sekte” waar de leider Baudet „solitair en arbitrair” bepaalt wat er gebeurt.

‘Jullie zijn geweldig’

Gert Reedijk. Foto: Merlijn Doomernik

Er waren altijd al gekke momenten geweest. Zoals toen Baudet uit het niets Annabel Nanninga aanwees als lijsttrekker voor de gemeenteraadsverkiezingen in Amsterdam. Iedereen was dol op haar – maar de manier waarop Baudet het regelde was bijzonder. „Ze kreeg tien minuten bedenktijd”, zegt Legger. En van Baudet hoefde ze – in strijd met alle afspraken – niet door de integriteitsscreening. Een woordvoerder van FvD bestrijdt deze lezing en zegt dat er ,,diverse lange gesprekken” met Nanninga zijn gevoerd.

Kort voor het eerste partijcongres op zaterdag 25 november in de Amsterdamse RAI trok Paul Frentrop zich terug als beoogd partijvoorzitter. Hij vervulde die positie al tijdelijk sinds maart maar wenste op het laatste moment geen permanente voorzitter te worden – dat werd Baudet. Ook de veelgeprezen directeur van het partijbureau Saskia Koning vertrok plotseling voor het congres, zonder uitleg.

Het belang van die ontwikkelingen ontging de drie. Net als het feit dat de statuten van de partij niet ter goedkeuring aan de leden werden voorgelegd. Terwijl in die statuten de mogelijkheid het partijbestuur te vervangen praktisch onmogelijk is gemaakt. Wie dat wil moet zorgen dat tweederde van alle 23.000 leden op een congres komt opdagen, en dan ook nog met tweederde meerderheid stemt voor een ander partijbestuur.

Het ging allemaal ongemerkt voorbij. Reedijk: „Het was één groot feest, een enorm familiegevoel. Niemand lette echt op.” Wie het wel gek vond dacht: ach, elke nieuwe partij heeft groeikrampen.

Maar na zondag 10 december konden ze niet meer wegkijken.

In het Van der Valk-hotel in Leusden kwamen die dag de honderd belangrijkste FvD’ers bij elkaar voor een kadertraining.

Deze groep ‘scouts’ had in mei van het partijbestuur nog de opdracht gekregen om in hun eigen provincie „besturen voor de provinciale afdelingen” te gaan formeren. Hun belangrijkste taak was om als „headhunters” voor de partij goede provinciale politici te vinden. Baudet prees het werk van de scouts in een lovende mail op 14 mei. „Jullie zijn geweldig.”

Argwaan

Jan Berkhout. Foto: Merlijn Doomernik

Dat gevoel bleek op 10 december te zijn verdwenen. Na inspirerende colleges over Alexis de Tocqueville, de favoriete politiek filosoof van Baudet uit de 19de eeuw, hield de partijleider zelf een toespraak.

Baudet vertelde hoe er in de partij koninkrijkjes ontstonden. Reedijk: „Hij zei: ‘We maken ons zorgen dat mensen zichzelf baantjes toe-eigenen. We gaan een nieuwe structuur opzetten. We weten helemaal niet of we met jullie wel doorgaan.’” Reedijk: „Al die mensen die zó hard voor de partij aan het werk waren, werden op dat moment praktisch gezien uit hun functie gezet.”

Er moest „een knip” in de organisatie komen, zei Baudet. Om dat kracht bij te zetten begon hij op het podium de whatsappgroepjes op te heffen waarmee dit nieuwe kader onderling communiceerde, vertelt Legger. „Het was verbijsterend.”

Waarom protesteerden de mannen toen niet? Reedijk: „Ik dacht: bij mij in Overijssel aast niemand op een baantje, maar misschien is het in andere provincies wel zo. Het bestuur weet vast meer dan ik. We waren allemaal gezagsgetrouw, we hebben allemaal de grote leider gevolgd.” Berkhout: „We waren een nieuwe partij, er werd wel vaker gek geïmproviseerd. Ik heb mijzelf wel verweten dat ik toen niet ben opgestaan.”

Pas later drong het tot ze door wat er eigenlijk was gebeurd, en vielen andere gebeurtenissen op hun plaats. Zoals het plotselinge vertrek van bureaudirecteur Saskia Koning en beoogd voorzitter Paul Frentrop. Die twee willen daar weinig over zeggen. Koning laat in een appbericht weten dat zij en het bestuur „elkaar niet meer konden vinden in de koers”. Ze heeft vrijdag haar lidmaatschap opgezegd. Paul Frentrop liet vorige week al weten nog wel lid te zijn en bij de volgende verkiezingen op FvD te zullen blijven stemmen.

Lees ook: Congres Forum voor Democratie trekt meeste leden. Wie zijn zij?

De drie dissidenten vermoeden dat met name penningmeester Henk Otten, een van de medeoprichters van de partij, bang was dat provinciale afdelingen te veel invloed zouden willen opeisen. Legger: „Henk heeft ongelofelijk veel voor de partij gedaan. Maar hij kan mensen niet vertrouwen.” Reedijk: „Hij is argwanend tegen iedereen.”

In eerste instantie probeerden de drie mannen, samen met andere medestanders, het partijbestuur van de nieuwe koers af te praten. Ondanks de interne wrijving bleven critici loyaal aan de partij. Berkhout: „Niemand lekte!” Toen royeerde Baudet partijadviseur Robert de Haze Winkelman, en stuurden de drie hun open brief aan het hele partijkader. Ze stelden „oplossingen” voor: er moesten meer mensen in het partijbestuur, met maximale termijnen. En Otten moest eruit. De statuten moesten „democratischer”, en de provincieteams in ere hersteld.

Deze partij is niet in eigendom van Baudet en Otten. De vereniging is van ons, de leden

Baudet reageerde per mail woedend. „Ik adviseer jullie met klem om onmiddellijk te stoppen met het versturen van dit soort mails en om de door mij en het bestuur ingeslagen weg te steunen.” In een latere mail sprak hij over de „unieke synergie” die hij met Otten had. De partijleider zegde wel een gesprek toe, maar bij de gemaakte afspraak donderdagavond in Amsterdam kwam het bestuur niet opdagen. Daarna had Baudet met Reedijk nog een „uiterst onaangenaam” telefoongesprek.

Toch zegden de drie niet hun lidmaatschap op. Legger: „Ik ga graag het gevecht aan. Deze partij is niet in eigendom van Baudet en Otten. De vereniging is van ons, de leden.”

Samen zoeken ze naar mogelijkheden om het bestuur te corrigeren. Ze willen de gelegenheid om een Algemene Ledenvergadering aan te vragen, desnoods door dit via de rechter af te dwingen. Makkelijk is dat niet, en niet alleen vanwege de statuten. Ook de beroepscommissie, waar leden bezwaar kunnen maken tegen zaken als schorsing en royement, is door een recente wijziging van het huishoudelijk reglement in handen van het bestuur.

Het doet pijn, zo blijkt tijdens het gesprek. De drie mannen waren trots op wat de partij in korte tijd had bereikt. De ledengroei, de gestage aanmelding van goede kandidaten. Reedijk: „Bij ons meldden zich succesvolle mensen, die echt wat kunnen. Wij hadden geen brievenbusplassers.”

White supremacy

Arthur Legger. Foto: Merlijn Doomernik

Niet alleen de „kaping” van de partij houdt de mannen bezig. Ze hebben een koerswijziging zien ontstaan die grote zorgen baart. Ook hier werden de eerste signalen weggezet als „foute grap”, „uitglijder” of „uitprobeersel”.

Zo was er een euforisch etentje in februari vorig jaar, in de kelder van de Indonesian Kitchen in Amsterdam, met alle dertig kandidaat-Kamerleden. Een kennelijk beschonken Theo Hiddema, het Tweede Kamerlid van FvD, maakte een grap, zo vertelt Legger: „Hoe leuk het was weer in een keldertje te zitten. Omdat de grootste beweging van de 20ste eeuw ook in een kelder was ontstaan.” Aanwezigen begrepen het als een verwijzing naar de mislukte Bierkellerputsch van de nazi’s in 1923. De uitspraak wordt bevestigd door drie andere aanwezigen, die niet bij naam willen worden genoemd.

„Er is een kwaadaardige draai gegeven aan een spottende waarschuwing van mij aan het partijbestuur”, zegt Hiddema in een reactie. „Dat we al een rechts imago hadden, en ze ons dus niet steeds in keldertjes bij elkaar moesten roepen. Straks verwachten de mensen nog dat we in uniform komen opduiken, zei ik nog. Pure ironie.” Niemand nam aanstoot aan zijn woorden, zegt Hiddema, en hij had geen druppel alcohol gedronken.

Later begon Baudet tijdens een campagnebijeenkomst over „die zelfhaat die we proberen te ontstijgen [..] door de Nederlandse bevolking homeopathisch te verdunnen met alle volkeren van de wereld, zodat er nooit meer een Nederlander zal bestaan”.

Legger merkte in de zaal dat het succesvol was. „Ik heb drie gekleurde kleinkinderen, voor mij kwam het dichtbij. Maar ik dacht, het is campagnekletskoek. Toen ik Thierry erop aanspraak, zei hij dat het eruit was gefloept, en dat hij het cultureel bedoelde, niet etnisch.”

In december werd bekend dat Baudet in oktober een heimelijk etentje had gehad met de racistische Amerikaanse ideoloog Jared Taylor. Legger: „Ik ging nadenken, wat gebeurt hier eigenlijk? Ik dacht: dit is georkestreerd. Baudet heeft het item racisme, white supremacy zelf geïntroduceerd. Hij volgt de route van Trump en zijn strateeg Steve Bannon in de VS.”

Lees ook: Onrust bij FvD is meer dan bescheiden binnenbrandje

Nu denkt Legger dat Baudet bewust het randje opzocht om te kijken hoe ver hij kan gaan met het oprekken van wat politiek acceptabel is. Freek Jan Berkhout: „Er zit een lijn in bij Baudet, je kunt er niet meer overheen kijken.” Reedijk: „De partij schuift op naar extreem rechts.”

Denken de mannen dat Baudet een racist is? Een antwoord hebben ze niet. „Ik heb vooral gemerkt dat Baudet uiterst opportunistisch is en in zijn doel om status en geld te verwerven gewetenloos”, zegt Legger. Of Baudet erin gelooft of niet, maakt hem niet uit: „Hij verspreidt het gedachtengoed.”

De partij, zo voelen de drie mannen het, verandert snel in een „politieke sekte”. Ze hebben dat geprobeerd tegen te houden, maar nu willen ze vooral de buitenwereld waarschuwen. Legger: „De partij heeft een enorm bereik, via Facebook zo’n anderhalf miljoen echte mensen. Er zit een intense, bijna seksuele energie in die grote, jonge groep. Via sociale media staan die in direct contact met Baudet. Het gevaar dat de partij verder naar extreem-rechts wordt getrokken is levensgroot. Dat maakt dit in potentie een zeer gevaarlijke mix.” Reedijk: „Ik maak me grote zorgen”.

Aanvulling (16 februari 2018): Pas na publicatie van dit artikel reageerde de woordvoerder van FvD inhoudelijk. Daarom is in de alinea over de selectie van Annabel Nanninga toegevoegd dat de partij de lezing van Arthur Legger bestrijdt.

    • Derk Stokmans
    • Philip de Witt Wijnen