Column

Gewapende overvallen met speedboten: dus toch!

In 1983 waren de rechercheurs er al snel uit. Het ‘handschrift’ van de Heineken-ontvoerders leek sprekend op dat van de bandieten die sinds 1976 een serie overvallen hadden gepleegd. Maar de zaak kwam nooit voor de rechter. In de Bunker draaide Holleeder er deze week niet langer omheen.

Ik ken wel een paar oud-rechercheurs die een mooie week hadden. Uiteraard volgen zij de zaak-Holleeder op de voet en neemt u van mij aan dat ze dinsdag heel hard „zie je wel!” hebben geroepen. Best mogelijk dat hun vuist daarbij op tafel bonsde – verdraaid zeg, eindelijk spreekt die Willem de waarheid. Eindelijk geeft hij toe dat hij en de andere Heineken-ontvoerders ‘de overvallen’ op hun geweten hadden. De overvallen: zo noemen de oud-rechercheurs (voor zover nog in leven) de kwestie nu nog steeds. De gewapende, grondig voorbereide en tot ergernis van de Amsterdamse politie nooit opgeloste overvallen op banken en girokantoren van eind jaren zeventig, begin jaren tachtig. Dus toch.

In de Bunker draaide Holleeder er niet langer omheen. Met instemming van zijn zus Sonja zal een Amerikaanse film over de Heineken-ontvoering openen met een spectaculaire bankoverval en een vlucht per speedboot door de grachten. Toen het daarover ging tijdens het proces noemde Holleeder zijn zus een verrader. Niet: een leugenaar. Om zijn onschuld inzake liquidaties aannemelijk te maken geeft hij dit toe.

Sonja is een verraajer: zij heeft de familiaire omerta verbroken. De betrokkenheid van Sonja’s vermoorde man Cor van Hout, Jan Boellaard, Frans Meijer en Wim Holleeder bij ‘de overvallen’ mocht nooit worden toegegeven. Dit om financiële claims van Justitie te voorkomen.

Tot hun laatste snik moest iedere betrokkenheid worden ontkend

In 1983 waren de rechercheurs er al snel uit. Het ‘handschrift’ van de Heineken-ontvoerders leek sprekend op dat van de bandieten die sinds 1976 een serie overvallen hadden gepleegd met pruiken, maskers, speedboten en gestolen vluchtauto’s. Pistolen die werden aangetroffen waren dezelfde als die van de overvallen. Er was een vingerafdruk, er waren kogelhulzen en overeenkomstige vluchtroutes in de havengebieden. ‘Onze Amsterdammers’, concludeerden de rechercheurs; zulke brutale bendes waren tot midden jaren zeventig altijd buitenlands.

Vanwege juridisch gesteggel is de zaak nooit voor de rechter geweest. De rechercheurs balen – het racen door de grachten is de lokale bevolking altijd tot de verbeelding blijven spreken, terwijl hun dikke en behoorlijk overtuigende politiedossier in de kast bleef liggen. In 1988 werd in de misdaadfilm Amsterdamned gestunt met speedboten in de grachten en zo leefde het falen van de politie als het ware voort. Toch kreeg Sonja Holleeder later last van de zogenaamde ontnemingsprocedures: ze zou misdaadgeld van Cor (onder meer van de overvallen) hebben witgewassen. Haar zus en advocate Astrid stond haar bij. Tijdens een gesprek in 2010 met beide zussen in het kader van mijn boek over Holleeders jonge jaren zei Sonja: „Je komt er nooit vanaf. Ze blijven je achtervolgen.”

Altijd weer die overvallen. Mijn hoofdstuk daarover moest vooraf worden gelezen door Holleeders advocaten (geen wijzigingen). En toen Holleeder vrijkwam in 2012 vond hij mijn boek prima, „op de overvallen na”.

Tot hun laatste snik moest iedere betrokkenheid worden ontkend. Maar nu niet meer. Het is gewoon waar. Tijdens het proces komen alle familiegeheimen op straat te liggen. Holleeder zweet peentjes en de rechercheurs, die nemen er nog een.

Auke Kok is schrijver en journalist.