Boegbeeld achter Buurtzorg hield publiek- en privégeld niet gescheiden

Jos de Blok

Jos de Blok werd een managementgoeroe dankzij zijn instelling voor kleinschalige thuiszorg. Hij is ook ondernemer. En hij houdt, naar nu blijkt, publiek geld en privé-winst niet altijd goed gescheiden.

Wie een wijkverpleegkundige van Buurtzorg over de vloer krijgt, merkt dat het anders is. Een vertrouwd gezicht, makkelijk aanspreekbaar en benaderbaar. Achter de hulpverlener geen groot anoniem concern met een pseudolatijnse naam en een slecht bereikbaar 088-nummer.

Wijkverpleegkundigen van Buurtzorg regelen alles zelf, in een team van hooguit twaalf man. Zonder managers, zonder hiërarchie. Ze zijn gemiddeld wat hoger opgeleid, verdienen iets meer, maar leveren ook bovengemiddeld goede zorg. Analyses trekken steeds dezelfde conclusie: deze benadering maakt patiënten buitengewoon tevreden, net als de hulpverleners zelf.

Bij de start in 2006 is deze werkwijze revolutionair. Zorginstellingen fuseren er in die tijd op los om ‘schaalvoordelen’ te pakken. In de praktijk levert het veelal extra bureaucratie en managementlagen op. Buurtzorg houdt het klein. Een slim softwaresysteem neemt de hulpverleners veel verplichte administratie en registratie uit handen.

Een succesformule.

Buurtzorg groeit hard. Er werken inmiddels 14.000 wijkverpleegkundigen en verzorgenden – evenveel werknemers als bij ING (of ABN Amro) in Nederland. De omzet gaat van een paar honderd euro in 2006 naar zo’n 360 miljoen in 2016. Jaar na jaar wordt Buurtzorg verkozen tot beste werkgever van Nederland.

Eigengereide verpleegkundige

De man achter Buurtzorg is Jos de Blok. Vriendelijke donkere ogen, een zachte ietwat zalvende stem, en steevast in het zwart gekleed. Een Zeeuw. Zijn moeder was gezinsverzorgende, zijn vader fabrieksarbeider.

De Blok is een eigengereide verpleegkundige die opklom tot directeur van een – ander – groot zorgconcern. Hij vond dat er te weinig tijd was voor de patiënten. In 2006 nam hij ontslag en lanceerde de stichting Buurtzorg.

Managers zijn zinloos, zegt Jos de Blok. Met die benadering is hij grappig genoeg een goeroe voor managers geworden. Politiek Den Haag loopt weg met hem, zijn inzichten zijn verfrissend voor de ambtenaren. Rutger Bregman, journalist van De Correspondent, riep de natie op om Jos de Blok tot baas van Nederland te maken.

Hij ontvangt prijzen in Londen, geeft interviews in Duitsland en is regelmatig in de VS, India, China om zijn visie op zorg uit te dragen. De buitenlanders komen ook zelf naar Almelo om zich te laven aan zijn revolutionaire ideeën. Hoe organiseert Buurtzorg zijn wijkverpleging? Waardoor is die aanpak zo succesvol? Japanners, Australische verpleegkundigen of een zware delegatie Zuid-Koreanen, allen reizen af naar het bescheiden hoofdkantoor van Buurtzorg om zich te laten inspireren.

Conflict met de belastingdienst

Maar dit jongensboekverhaal heeft nog een andere, minder bekende kant. Jos de Blok is ook een ondernemer die tal van besloten vennootschappen bezit. Vaak heten die ook Buurtzorg of hebben Buurtzorg in de naam. De bedrijven zitten in Nederland, China, de VS, Zweden, Japan en India. Het vermogen dat hier opgebouwd wordt komt toe aan Jos de Blok en zijn zakenpartner(s).

Het is niet verboden om geld te verdienen aan zorg. Maar, en nu komt het, de privébedrijven van De Blok – in Zweden, VS en Azië – zijn vaak opgezet met geld van de zorgstichting Buurtzorg. Dat is premiegeld dat niet allemaal naar de zorg in Nederland gaat. En alsof het een franchiseformule van de FEBO is, betaalden de zorgstichting aan een bedrijf van De Blok om de naam en het concept ‘Buurtzorg’ te gebruiken.

Dit alles leidde tot vertrekkende toezichthouders en een conflict met de belastingdienst, blijkt uit onderzoek van NRC.

Jos is een echte ondernemer die ik honderd procent vertrouw.

Jan Bouwens, ex-lid van de raad van toezicht

De Blok verdiende in 2015 circa 137.000 euro voor een aanstelling van 80 procent. Maar de stichting betaalde dat jaar ook ruim 525.000 euro voor het gebruik van de formule Buurtzorg aan een bedrijf van De Blok.

Tussen de ene en de andere tak van Buurtzorg blijkt zo al jaren geld heen en weer te gaan. De ene keer als lening, dan weer als vergoeding. Terugkerende vraag: wanneer levert Buurtzorg hulp en wanneer is Jos de Blok ‘de ondernemer’ zaken aan het doen?

„Jos is een echte ondernemer die ik honderd procent vertrouw”, zegt ex-lid van de raad van toezicht Jan Bouwens. „Maar ik vond het persoonlijk heel moeilijk om deze structuur te accepteren. De zaken wilde ik graag zuiver houden.” Bouwens kon die verantwoordelijkheid niet dragen en ging daarom weg.

Hybride structuur

Juist om het belangenconflict te neutraliseren stelt de raad van toezicht na het vertrek Van Bouwens een regeling voor hoe betaald mag worden door de Stichting Buurtzorg voor het gebruik van de formule Buurtzorg.

De hybride structuur trekt niettemin de aandacht van de Belastingdienst. De belastingregels voor een zorgstichting en een particulier bedrijf kunnen ingrijpend verschillen. Om één voorbeeld te noemen: vennootschappen moeten vennootschapsbelasting afdragen, een stichting als Buurtzorg is hiervan vrijgesteld.

Dus: wat wordt er verdiend in de stichting en wat in de privébedrijven van De Blok en zijn zakenpartners? Slotsom van de fiscus: Buurtzorg betaalt te weinig belasting. In 2016 komt er een naheffing van 6,5 miljoen euro binnen op het hoofdkwartier in Almelo.

Na jaren onderhandelen trof De Blok twee weken geleden een schikking met de Belastingdienst. Onder strikte voorwaarden krijgt Buurtzorg alsnog 8 miljoen euro van de fiscus terug.

À la Loek Winter

Wat zegt dit nu over Jos de Blok? Niemand betwist dat de zorgondernemer met zijn idee van Buurtzorg aan de basis staat van een sympathieke, succesvolle organisatie die de Nederlandse thuiszorg ingrijpend heeft verbeterd. Hij is een inspiratiebron voor anderen. Is hij daarnaast ook een handige zakenman die à la Loek Winter bouwt aan een zorgimperium waar hij ook rijk van kan worden?

Het duurt even om een afspraak met De Blok te maken, twee keer zegt hij op het laatst af. Maar op 29 januari neemt Jos de Blok in de lounge van een Amsterdams café-restaurant uitgebreid de tijd om te vertellen over zijn zakelijke handel en wandel. Het blijkt een bijzondere dag: net die ochtend heeft hij de overeenkomst met de belastingdienst gesloten.

De baas van Buurtzorg, zo benadrukt hij, heeft zich niet stiekem verrijkt. „Ik heb nooit een geheim gemaakt van mijn bv’s.” Hij herinnert zich dat hij ooit het advies kreeg van heel stichting Buurtzorg een BV te maken. ‘Je pakt zo 20-25 miljoen euro’, zei een lid van de raad van toezicht tegen hem. „Als ik rijk had willen worden van Buurtzorg, had ik het wel anders gedaan.” Genoeg mensen in mijn naaste omgeving vinden dat ik er juist veel te weinig aan verdien. Die zeggen: ‘je hebt voor heel veel mensen dingen goed geregeld, behalve voor jezelf’.”

Eigenlijk, zegt De Blok, was hij er nooit op uit zelf een zorginstelling te runnen. Samen met een paar vrienden bedacht hij destijds het concept voor vrijwel papierloze en managementvrije zorgteams. „Mijn idee was minder management, minder administratie, minder ict.”

In 2006 probeerde hij dat concept te verkopen aan de grote zorginstellingen van het land. Hij werd er enthousiast ontvangen. Tot er geleverd moest worden. „Dan zeiden die instellingen: die ict hebben we al, dus uw softwarepakket hebben we niet nodig.” Terwijl dat juist het probleem is bij de grote zorginstellingen: te veel aandacht voor protocollen, te weinig voor de zorg”, legt De Blok uit.

Er kwamen geen opdrachten, en geen geld. Nog datzelfde jaar besloot Jos de Blok het idee dan maar zelf in de praktijk te brengen. In Enschede startte eind 2006 onder de vlag van Stichting Buurtzorg het eerste team van wijkverpleegkundigen.

Hij betaalde de opstartkosten uit zijn inkomsten als adviseur, zegt hij. Noodgedwongen werd hij de belangrijkste financier van Stichting Buurtzorg vanuit een eigen BV. Gelukkig was dat volgens hem niet lang nodig. Verzekeraars en gemeenten vergoedden de declaraties van Buurtzorg. Een jaar later draaide Buurtzorg 1 miljoen euro omzet, het jaar erop 12 miljoen euro.

Geldstromen

Al in 2006 richtte De Blok ook Buurtzorg Concepts BV op, met als doelstelling „het exploiteren van een bepaalde formule, het label/merk ‘Buurtzorg’”. De eerste jaren kwam het er niet van geld te verdienen aan de formule. Maar in 2010 gaat Buurtzorg betalen voor het gebruik van de formule aan Buurtzorg Concepts BV. Dan gaat het geld dus de andere kant op stromen. Niet meer van De Blok naar de stichting, maar van de stichting naar bedrijven van De Blok.

Een lastige situatie, zegt voormalig lid van de raad van toezicht Mathieu Weggeman. „In het bedrijfsleven zie je nergens dat de ceo iets bedenkt en daar extra voor betaald wordt.” En tot wanneer blijf je voor een idee betalen en hoeveel is dat idee waard? „Die vragen werden steeds lastiger te beantwoorden. Wij vonden op een gegeven moment dat er wel genoeg betaald was aan Jos.” De fiscus vond de betalingen aan de BV van De Blok onvoldoende ‘gedocumenteerd’. Buurtzorg, dat met succes de bureaucratie in de zorg bestreed, kreeg zelf last van de bescheiden verantwoording op het hoofdkantoor.

De Blok benadrukt dat zijn bedrijven daadwerkelijk ook allerlei diensten leveren en dat de afspraken zakelijk zijn. „Voor mij was het een vehikel om nieuwe concepten te ontwikkelen en te innoveren”, zegt Jos de Blok over die betalingen. Het geld gebruikten hij en zijn zakenpartners om „hun gedachtengoed over de wereld te verspreiden”.

Franchise in Japan

Je moet het wel in verhouding blijven zien, zegt De Blok. Hij buigt vanuit zijn fauteuil naar voren. De geldstromen naar bv’s in Azië betreffen misschien een paar ton, terwijl stichting Buurtzorg een paar honderd miljoen euro omzet draait, stelt hij. Die paar ton is niet verbrast of privé belegd, de buitenlandse expansie van Buurtzorg is ervan betaald. Zo droeg de stichting niet de risico’s van buitenlandse avonturen.

Stukken bij de Kamer van Koophandel ondersteunen dit. Het klopt dat de privé-bv’s van De Blok vergeleken met Buurtzorg een bescheiden activiteit zijn. Er is geen geld weggesluisd, er zijn geen grote bedragen als dividend uitgekeerd.

Toch: Buurtzorg is een multinational geworden met grotemensenproblemen. De afgelopen jaren liet De Blok zich bijstaan door drie kantoren van de Amsterdamse Zuidas. Zij adviseerden hem bij het geschil met de Belastingdienst. De onderlinge betalingen voor het gebruik van de formule Buurtzorg waren al stilgelegd toen de fiscus zich meldde, zegt De Blok.

Ik heb altijd rollen gecombineerd. Alleen de stichting is te beperkt, ik wil ook ondernemen.

Jos de Blok

De deal met de Belastingdienst gaat nog veel verder: alles wat De Blok in de bedrijven aan vermogen heeft opgebouwd, wordt teruggeploegd naar de stichting. Volgens de laatste cijfers betreft dat 1,4 miljoen euro. De bedrijven worden opgeheven. De Blok is samen met zijn zakenpartners nieuwe bedrijven aan het oprichten die de activiteiten overnemen en door andere partijen dan Buurtzorg zullen worden gefinancierd. Onder die voorwaarden hoeft Buurtzorg geen winstbelasting te betalen.

De problemen met de fiscus zijn dus opgelost, maar het belangenconflict niet. Jos de Blok blijft zaken doen met Jos de Blok. Maar er verandert wel iets, zegt De Blok: In de toekomst zal de stichting nog steeds opdrachten verstrekken aan bedrijven van de Blok, maar die besluiten zullen dan door de Raad van Toezicht worden genomen.

Buitenlandse activiteiten

Waarom zou ik moeten kiezen, vraagt hij zich af. „Ik heb altijd rollen gecombineerd. Alleen de stichting is te beperkt, ik wil ook ondernemen. Privaat alleen is ook te beperkt, ik wil de beste structuur voor de zorg.” Bovendien, zo benadrukt hij, leveren de buitenlandse activiteiten energie en ideeën op waar stichting Buurtzorg ook wat aan heeft.

In Azië werkt Jos de Blok inmiddels samen met een vaste zakenpartner, een Duitse ondernemer. „We hebben nu een franchise in Japan en zijn in 6 à 7 provincies in China actief. We proberen zo veel mogelijk lokaal te financieren.”

Terwijl Jos de Blok voor 80 procent op de loonlijst van stichting Buurtzorg staat, is hij ook soms voor lange tijd voor die privé-zaken in het buitenland. Wanneer werkt hij voor Buurtzorg en wanneer voor zichzelf? „Ik heb een positief mensbeeld. Je kunt ook uitgaan van mijn integriteit.”

Reageren? onderzoek@nrc.nl
    • Jeroen Wester