Twee oud-leden zien hun kind ‘de referendumwet’ sneven

Referendumwet De volksraadpleging wordt afgeschaft. De oud-Kamerleden die de initiatiefwet ooit indienden, zien het mokkend gebeuren. „Droevig leeg leiderschap.”

Boris van der Ham (met trui) naast Niesco Dubbelboer op de publiekstribune, met minister Ollongren op de voorgrond. Foto David van Dam.

Rond het middaguur doet Niesco Dubbelboer nog een laatste poging. „Beste leden van de fractie van D66”, begint hij zijn e-mail, gericht aan de 19 Tweede Kamerleden. Het is een paar uur voor het debat over de afschaffing van het referendum en uit de mail van Dubbelboer spreekt lichte wanhoop. „Ik begrijp het werkelijk niet”, schrijft hij, en: „Het stoort mij natuurlijk mateloos.”

Het is zíjn wet, waarover donderdag in de Kamer gesproken wordt. Als Kamerlid voor de PvdA stond Dubbelboer aan de basis van de Wet raadgevend referendum. Samen met de toenmalige Kamerleden Boris van der Ham (D66) en Wynand Duyvendak (GroenLinks) diende hij het voorstel in 2005 in. Pas in 2015 trad de wet in werking en nu, drie jaar later, wil het kabinet het referendum weer afschaffen.

Oude werkplek

Dubbelboer en Van der Ham zijn deze donderdag naar hun oude werkplek afgereisd om het debat bij te wonen. Ze slaan elkaar gebroederlijk op de schouders, halen nog even herinneringen op aan een werkbezoek aan Zwitserland, waar ze in 2005 voor referenduminspiratie heen reisden. De oud-Kamerleden zijn nog steeds grote voorstanders en buitelen haast over elkaar heen in hun uitleg waarom het schandalig is dat hún referendum sneuvelt.

Dubbelboer: „Hoe noem jij het ook weer, Boris?” Van der Ham: „Droevig leeg leiderschap.” Dubbelboer: „O ja, prachtige term.” Van der Ham: „De meeste politici worden met de jaren steeds conservatiever, maar rond de democratie ben ik juist steeds scherper geworden. Veel Kamerleden doen hun werk goed, maar het representatieve stelsel faalt vaak door fractiediscipline en coalitiedwang. Dan heb je het referendum als correctiemechanisme nodig.”

‘Angst voor het volk’

In hún tijd zag de discussie er totaal anders uit. Na de opkomst van Pim Fortuyn was er een brede politieke consensus dat er meer naar het volk geluisterd moest worden. Waarom het nu zo anders is? „De angst voor het volk”, denkt Dubbelboer, die eerder al de term „demofobie” muntte. „Na het Oekraïnereferendum zijn de hogeropgeleiden bang geworden.”

Tijdens het debat schaart een krappe Kamermeerderheid zich achter de afschaffing. De coalitie krijgt alleen steun van de SGP, die principieel tegen referenda is. Wel is die partij verrassend kritisch over het voornemen van het kabinet om een referendum over de afschaffing te blokkeren.

Stockholm-syndroom

Vooral D66 wordt tijdens het debat door de oppositie van links én rechts zwaar aangevallen, voor het weggeven van een „kroonjuweel”. „Heel goed, heel vilein”, mompelt Van der Ham vanaf de publieke tribune als zijn partij het zwaar te verduren heeft. Soms lijkt het wel of hij nog meedoet aan het debat: als hij een kritische opmerking twittert, wordt die door Partij voor de Dieren-Kamerlid Femke Arissen live ingebracht.

Van der Hams kritiek richt zich vooral op hoe overtuigd zijn partijgenoot Rob Jetten de afschaffing tijdens het debat verdedigt. „Als ze zouden zeggen: oké, dit hebben we moeten slikken, dat vinden we ook niet fijn, had ik daarvoor nog wel begrip”, zegt Van der Ham. „Maar het lijkt wel of ze de argumenten van de VVD en het CDA helemaal hebben overgenomen. Een soort Stockholm-syndroom.”

Tijdens het debat zijn het vooral de flankpartijen die het referendum fel verdedigen, met de PVV, SP en Forum voor Democratie voorop. Tot verdriet van de twee initiatiefnemers, die vinden de middenpartijen hier ook een taak hebben. Dubbelboer hoort van andere PvdA’ers dat hij „bij Wilders op schoot zit” nu hij zo op de bres staat voor het referendum. „Dan word ik echt boos”, zegt hij. „Je bent verdomme van een sociaal-democratische beweging, zeg ik dan. Je moet opkomen voor je achterban!”

Van der Ham betreurt het dat er niets voor het referendum in de plaats komt. „Als je zorgt dat de onvrede nergens heen kan, moet je niet klagen dat anderen die gebruiken. De flanken zullen het debat kapen en dat is te wijten aan de middenpartijen.”

Correctie 15-2-2018: In een eerdere versie van dit artikel stond dat de Wet raadgevend referendum in 2014 in werking trad. Dat moet zijn: 2015.