Kramer wist al lang wat er loos was

Tien kilometer Het had de kroon op zijn carrière moeten worden, maar de langste afstand eindigde in een nieuwe deceptie voor Sven Kramer.

Sven Kramer verlaat de Gangneung Oval na zijn teleurstellende race op de tien kilometer. Hij eindigt als zesde. Foto Vincent Jannink/ANP

Voor de camera’s kan er alweer een lachje af, een klein half uurtje na zijn dramatische zesde plaats op de olympische tien kilometer. „Dit gaat in ieder geval niet mijn leven verpesten”, vertelt Sven Kramer op het oog vrij monter. Is dit hoe de meedogenloze winnaar een keiharde nederlaag verwerkt? De man die alles in het schaatsen won wat er te winnen valt, behalve die ene wedstrijd? Alles zette hij opzij om na drie mislukkingen nu dan eindelijk goud te winnen op de ‘tien’, de vervolmaking van zijn carrière. „Ik kan hier de hele boel kort en klein slaan maar daar wordt het niet beter op”, klinkt het gelaten.

Ineens is er een oorzaak. „Het viel me al een tijdje op dat Sven zijn linkerbeen niet goed is”, zei Bart Schouten, de Nederlandse coach van de glorieuze winnaar Ted-Jan Bloemen in het voorbijgaan. Coach Jac Orie bevestigt dat Kramer met het linkerbeen tobde, al sinds oktober. „Dat-ie vond dat het niet lekker liep.” Maar Orie kon het probleem niet vinden. „We hebben constant naar hem gekeken. Naar zijn bloedwaarden, zijn wervels ook. Maar we konden het niet vinden.” Was er wel echt een probleem? „Hij klaagde al langer over zijn linkerafzet. Hij zal dat zeker voelen, maar ik kan geen gevoel zien.”

Niets aan de hand

Naar buiten toe deed Kramer (31) het hele seizoen al alsof er niets aan de hand was. Het is de les die hij al jong leerde van zijn vader Yep, zelf oud-topschaatser. Nooit zwakheden laten zien, de tegenstander geen hoop bieden. Hij heeft er ook een hekel aan, aan pijn. Niet de pijn van het afzien onderweg naar een topprestatie. Wel ‘onnodige’ pijn. Begin 2006 vertelt Kramer, dan 19 jaar, in het blad Sport International hoe bij op de dag van de tien kilometer bij het olympisch kwalificatietoernooi kruipend zijn bed uit moet. Zijn rug, aangeboren zwakke plek.

Voormalig ploeggenoot Beorn Nijenhuis ziet in de aanloop naar Vancouver 2010 hoe Kramer flauwvalt van de pijn na een training. „Elke topsporter heeft een limiting factor”, zegt hij zelf nonchalant. „Knie, nek, bij mij mijn rug. De ene dag is het beter dan de andere. Het is zoals het is.” Vijf kilometer schaatsen oké, dat is zijn natuur. Maar dertien minuten voluit op een tien kilometer is niet altijd feest.

Duwt hij onder grote stress toch nog een keer onweerstaanbaar door de pijngrens, stuurt zijn coach Gerard Kemkers hem de verkeerde baan in. Peilloos diep is de crisis na het missen van ‘zijn’ goud op de tien in 2010. Mysterie rond het rechterbovenbeen, later door sportarts Peter Vergouwen in de Volkskrant verklaard door een vergiftiging met (veel) te veel van een toegestaan supplement met vitamine B6. Hij slikt ook karrenvrachten pijnstillers.

Ernstiger is het mentale wak. Zo hoog als jarenlang zijn pieken waren, zo diep is nu het dal. „Als je zoals Sven een heel jaar langs de kant staat dan weet je het echt niet meer”, vertelt ploeggenoot Douwe de Vries.

De oplossing komt er niet, een comeback wel, in de herfst van 2011. Opnieuw als winnaar, maar met minder gemak en meer pijn. Kramer flirt met andere coaches, Peter Mueller en Jillert Anema. Praat bij de WK afstanden 2013 voor het eerst serieus met Orie. Stress krijgt de overhand op weg naar Sotsji. „Ik was te vaak ziek”, analyseert hij dit jaar. „Dat duwt je steeds over de grens heen.” Anema coach van zijn Friese concurrent Jorrit Bergsma, ziet het al snel. „Sven is een vakman, maar hij rijdt op zijn limiet. Hij kan niet harder.” Bergsma wel, het goud op de tien is voor hem.

Rug, stress, ziektes

Rug, stress, ziektes. Is dit nog wel leuk? „Fysiek was ik na Sotsji slechter dan na Vancouver. Ik was gewoon algeheel af.” Twee operaties, streptokokkenbacterie die zijn weerstand sloopt. „Na Sotsji was hij belabberd”, zegt De Vries. „Het slechtste hoe ik Sven ooit heb gezien.” Hij komt op halve kracht binnen bij zijn nieuwe ploeg, Lotto-Jumbo van coach Orie. Gaat hij zich meer richten op de 1.500 meter? Resultaat is niet te zien. Toch is het wel lekker, niet meer de druk van altijd moeten leveren als kopman van miljoenenploeg TVM. En motiverend om te zien hoe goed nieuwe ploeggenoten als Kjeld Nuis zijn in trainingen.

Pas na het eerste jaar in de ploeg van Orie begint Kramer te groeien. „De kracht zit er in dat ik vier jaar weinig onderbrekingen heb gehad. Weinig ziek geweest, weinig blessures.” In de zomer traint hij zich als vanouds „naar de ratten” met ploeggenoten Wouter Olde Heuvel en Douwe de Vries. Orie is zijn kompas in de schaatstraining. „We zijn harder gaan trainen en meer. Maar in the end is de balans tussen trainingen de key.” Met als ultiem bewijs de WK afstanden van vorig jaar op olympisch ijs, waar hij als vanouds schittert op de tien kilometer. „Ik ben op mijn best, precies op het juiste moment”, jubelt hij.

Degelijk

Relaxter dan voorheen begint hij aan het olympisch seizoen. Te relaxed? Degelijk maar niet briljant wint hij races. Laconiek reageert hij als Ted-Jan Bloemen zijn wereldrecord breekt op de vijf kilometer. Als Bob de Vries hem een zeldzame nederlaag toebrengt op het olympisch kwalificatietoernooi. Zijn gouden race op de vijf kilometer, zijn derde goud op rij, lijkt iets van berekening te hebben. Maar schijn bedriegt. Of beter: Kramer bedriegt. Want hij wist al lang wat er loos was.

„Ik moest heel hard werken om die 6.09 (zijn winnende tijd) voor elkaar te krijgen”, zegt hij na het drama op de tien kilometer. Maar 25 ronden gaat niet op zo’n manier. Daar moet je efficiëntie voor hebben, ze op het juiste moment raken, een bepaalde cadans hebben.” Ja, hij wist al langer dat het niet goed ging. „De echte vorm van vorig jaar, de flow en de manier van schaatsen heb ik dit jaar niet gehad.” Het besef wat hij is misgelopen. „Ik besef heel goed wat er gebeurt, de laatste twaalf rondjes al.” Voor altijd een smet op zijn carrière? „ Dan zou je te kort doen aan mijn carrière. Maar leuk is het niet natuurlijk.”

Bekijk ook deze video: zouden dit door opwarming van de aarde de laatste Winterspelen kunnen zijn?