Eindspel om Syrië wordt grimmiger

Oorlog

De oorlog in Syrië laait op en nu raken ook de grote mogendheden er slaags. Zolang niemand wint, blijven burgers de dupe.

Het zegt veel over de internationalisering van het Syrische conflict dat van de vier vliegtuigen, helikopters en drones die deze maand zijn neergeschoten er geen enkele Syrisch was.

Hayat Tahrir al-Sham – de opvolger van Al-Qaeda-in-Syrië – haalde een Russisch vliegtuig neer. De Syrisch-Koerdische YPG schoot een Turkse helikopter uit de lucht. En een Israëlische F-16 stortte neer in Noord-Israël nadat het geraakt was door de Syrische luchtafweer. Het Israëlische vliegtuig had doelen in Syrië gebombardeerd nadat van daaruit een Iraanse drone was opgestegen richting Israël.

Ook op de grond zorgt de nabijheid van troepen uit verschillende landen voor gevaarlijke situaties. Zolang de strijd tegen IS voortduurde, lieten Russen en Amerikanen elkaar grotendeels ongemoeid. Er was een akkoord dat de Russen ten westen en de Amerikanen ten oosten van de rivier de Eufraat zouden opereren.

Maar vorige week werd een kazerne van de Syrian Democratic Forces (SDF, voornamelijk Koerdische strijders die door de VS worden gesteund in de strijd tegen IS) aangevallen door milities trouw aan president Assad. De Amerikanen, die adviseurs hadden in de kazerne, sloegen terug met luchtaanvallen, waarbij aanvankelijk honderd doden werden gerapporteerd.

Nu duiken berichten op dat bij dat bombardement ook Russen zijn gesneuveld. Geen officiële Russische soldaten maar huurlingen die voor een particuliere veiligheidsfirma werken, de ‘Wagner-groep’. Het Conflict Intelligence Team, een gerespecteerde Russische onderzoeksgroep, houdt het op acht geïdentificeerde doden. Andere bronnen spreken van tientallen, zelfs ruim 200 doden. Het Kremlin weersprak het nieuws niet maar ontkent officiële betrokkenheid.

Turkse operatie in Afrin

De vorige maand gelanceerde Turkse ‘Operatie Olijftak’ tegen de Syrische Koerden van de YPG in de noordelijke grensprovincie Afrin houdt ook een risico in van een confrontatie met de Amerikanen. In Afrin zelf zijn geen Amerikaanse soldaten aanwezig. Maar als Turkije, zoals het dreigt, ook de stad Manbij gaat aanvallen, waar de VS wel adviseurs hebben, dreigt een militaire confrontatie tussen twee NAVO-partners.

„Het risico is hoog”, zei Sami Nadir van het Levant Institute for Strategic Affairs deze week tegen The Washington Post. „Er kondigt zich een nieuwe Koude Oorlog aan in Syrië en elke escalatie kan aanleiding geven tot een regionale of internationale oorlog.”

De secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Antonio Guterres, heeft vorige week opgeroepen tot een „onmiddellijke en onvoorwaardelijke de-escalatie van het geweld” in Syrië. Maar de Russische VN-ambassadeur Nebenzia noemde een staakt-het-vuren op dit moment „niet realistisch”.

Nochtans was Rusland eind vorig jaar in Astana met Turkije en Iran overeengekomen het geweld te de-escaleren. In vier ‘de-escalatiezones’ zou zes maanden niet gevochten worden, en de drie initiatiefnemers zouden garant staan voor die wapenstilstand.

Maar sinds het regeringsleger en zijn bondgenoten eind 2016 Oost-Aleppo heroverden op de rebellen was het een uitgemaakte zaak dat ook het resterende rebellengebied vroeg of laat opnieuw in het vizier zou komen van Damascus. President Assad heeft altijd gezegd dat het doel is om het volledige grondgebied opnieuw onder regeringscontrole te brengen.

Half december werd daarom een offensief gelanceerd in de provincie Idlib, met als eerste doel om de hoofdweg van Damascus naar Aleppo te heroveren. Aleppo is nu alleen bereikbaar via een grote omweg door woestijngebied. Ook in het oostelijke deel van Ghouta, een andere ‘de-escalatiezone’ nabij Damascus, wordt opnieuw hevig gevochten.

Lees meer over de situatie in Oost-Ghouta: Elke dag bommen en veevoer

Conflict rond Koerden

Wat in 2011 begon met vreedzaam protest tegen het regime is al enige tijd een aflopend verhaal. De landen die aanvankelijk het Vrije Syrische Leger steunden – de VS, Saoedi-Arabië, Turkije – hebben de handen afgetrokken van die rebellen, die gaandeweg steeds meer gedomineerd zijn geraakt door extremistische groeperingen zoals Al-Qaeda.

Voor de VS kreeg de strijd tegen IS voorrang. Washington ging met dat doel in zee met de Koerden van de YPG. Ankara liet hen aanvankelijk begaan. Maar het stond altijd vast dat Turkije nooit zou gedogen dat zijn zuidelijke grens werd gecontroleerd door de YPG – door Turkije beschouwd als terroristen wegens hun verwantschap met de Turks-Koerdische afscheidingsbeweging PKK.

Luchtaanval in Oost-Ghouta. Foto Abdulmonam Eassa

Op termijn dreigt ook een botsing tussen de Syrische Koerden en het regime. Die twee hebben altijd een dubbelzinnige relatie gehad. Assad gedoogde de Koerdische autonomie in het noorden zolang dat hem uitkwam. Damascus zou ook toelaten dat de Koerden via regeringsgebied versterkingen naar Afrin brengen om tegen de Turken te vechten.

Maar op termijn wil Damascus de Syrische Koerden hooguit administratieve of culturele autonomie gunnen – geen politieke, en al helemaal geen militaire autonomie.

De enige zekerheid is dat er nog veel meer doden zullen vallen voor het conflict in Syrië tot een einde komt. Het dodental van meer dan 400.000 dat momenteel wordt gehanteerd, is een schatting. De VN zijn al in 2014 gestopt met het tellen van de doden omdat het niet langer mogelijk was betrouwbare informatie te vergaren.