Een kunstexpo in je woonkamer

Kunst Kunstenaars bieden hun woonkamer aan als galerie. „Als ze de vrijheid hebben te maken wat ze willen, levert dat beter werk op.”

Bij een huiskamerevenement hebben publiek en kunstenaars direct contact. Foto Olivier Middendorp

De deurbel klinkt om de minuut en de witte zolderkamer vult zich langzaam met veelal in het zwart geklede mensen. Bij binnenkomst krijgen ze een plastic bekertje met drank aangereikt, een Swinging Sultan, legt de gastvrouw uit, een cocktail met wodka, granaatappelsap en raki. Het wordt ineens stil als de kunstenaar van dienst een schoonmaakmop pakt en met water iets op de houten vloer schildert. ‘Hi’, schrijft hij. Het publiek zoekt aarzelend een zitplek aan de zijkanten van ruimte.

De performance van Baha Görkem Yalim (30) is het vierde evenement van Manifold Books, een initiatief van kunstenaar Maartje Fliervoet (40). Zij nodigt jonge kunstenaars uit om in haar studio in Amsterdam nieuw werk te tonen en de boeken die het werk inspireerden of erbij passen in haar boekenkast te zetten. Manifold Books is niet uniek. In grote steden worden steeds vaker tentoonstellingen en evenementen in huiskamers, kelders en ateliers georganiseerd. Vanwaar al die huiskamerkunst?

Geldgebrek was een reden voor Cathelijne Dapiran (33) om in haar Utrechtse woonkamer een galerie te beginnen en erboven te gaan wonen. Zij was net klaar met haar studie kunstgeschiedenis en durfde nog geen dure ruimte te huren. Bovendien was de begane grond van haar huis een strakke kamer met witte planken op de vloer. De kleine woonkamer bleek geschikt voor ‘totaalinstallaties’ waarbij de hele ruimte het kunstwerk vormt, zegt ze. „Een kunstenaar had bijvoorbeeld de kamer gevuld met gestippelde zeefdrukken. Op de opening droegen de bezoekers rode, blauwe en gele hesjes: de kleuren van de stippen. Zij werden daarmee onderdeel van de stippenpatronen.”

Het fijne van een kleine ruimte is dat je heel dicht op elkaar zit, zegt Dapiran. „Je moet bijna wel een gesprek met elkaar aangaan. Ik geef dan extra informatie, en dat lijken mensen leuk te vinden.” Ook Maartje Fliervoet vindt het prettig dat ze direct contact heeft met de bezoekers. „Als een galeriehouder in een hoekje op een laptop zit te typen, ga je geen vragen stellen. Maar als ik voor iemand de deur opendoe, ontstaat er direct een gesprek.”

Hapklare brokken

Knusse expositieruimtes, zoals Marwan, De huiskamer Kalkmarkt 8, en La Jetée, alle drie in Amsterdam, zijn opvallend vaak door kunstenaars opgezet. Wat hebben zij eraan om het werk van anderen te exposeren? Fliervoet: „Het is voor een kunstenaar superbelangrijk om mensen te ontmoeten. Het gaat dan niet per se om het netwerken. Maar als je met mensen die jou inspireren in contact komt, gaan dingen vanzelf rollen. De eerste bezoeker die bij mij aanbelde, bleek net als ik geïnteresseerd in archivering. Wij hebben samen afdrukken gemaakt van objecten uit zijn archief, en daarvan verschijnt binnenkort een boek.”

Het kunstenaarsbestaan is best eenzaam, zegt Ester Eva Damen (52), videokunstenaar en artistiek leider van stichting la Jetée. „Je werkt toch vooral alleen in je eigen atelier.” In de etalageruimte van haar huis exposeren op dit moment installatiekunstenaars die op elkaars werk reageren. „Iedereen is op zoek naar mensen die waardevolle kritiek kunnen geven. Er komt een moment dat je je werk wilt toetsen vóór het de grote boze buitenwereld ingaat.”

Baha Görkem Yalim heeft het applaus voor zijn performance in ontvangst genomen en neemt tevreden een trekje van zijn sigaret. Toen Fliervoet hem vroeg om iets voor Manifold Books te maken, was hij net zijn studio kwijtgeraakt, vertelt hij. „Dat is nu een luxe appartement.” En het lukte niet om subsidie te krijgen voor zijn werk, dat „te complex” zou zijn. Fliervoet, zijn mentor op de Gerrit Rietveld Academie, bood hem de mogelijkheid om in haar atelier te werken en betaalde zijn materialen.

Esther Eva Damen: „Galeries verwachten een knap verhaal en een af product van een kunstenaar. Je moet je werk in hapklare brokken aan het publiek kunnen brengen.” Bezoeker Tirza Kater (28): „Als beginnend kunstenaar word je gedwongen om dingen te maken die verkoopbaar zijn.” Ze zegt onder de naam Marwan ook exposities in haar atelier vlakbij Manifold Books te organiseren. „Als je kunstenaars de vrijheid biedt te maken wat ze willen, levert dat beter werk op.”

Wat vond het publiek van de performance van Yalim? Bezoeker en Rietveld-student Sanne van Balen (23): „Ik weet niet zo goed waarom hij met die ladekasten zat te slepen. Ik wil intelligent zijn en het begrijpen, en volgens mij ben ik ook wel slim genoeg. Ik had me beter moeten inlezen, geloof ik.” Hanneke van der Heijden (53) is de vertaler van het Turkse boek dat centraal stond, zegt ze. Ze had wat moeite met het accent van Yalim. „Ik hoorde een paar interessante ideeën maar ik verstond niet alles. Dus ik ga nog even om zijn tekst vragen.”

Gemeenschapsgevoel

Dat je mensen moet kennen om op zo’n evenement te komen, vindt Van Balen jammer. „Je komt hier niet zomaar aanwaaien,” beaamt Esma Moukhtar (45), docent op de Willem de Kooning Academie in Rotterdam. „Naar een opening ga je meer voor elkaar dan voor wat er zich afspeelt. Hier kom je voor de persoon die je heeft uitgenodigd en voor de kunst. Het zorgt voor een gevoel van betrokkenheid dat je in een galerie niet hebt.”

Een ons-kent-ons-sfeertje is precies wat Chloé Chauvelot (37) en Lili Beurel (32) willen voorkomen. Ze hebben in Amsterdam al veertig huiskamerevenementen georganiseerd, onder de noemer Cultcheers. Vanaf mei kunnen Amsterdammers zich via hun site inschrijven voor een uurtje cultureel vermaak bij een „talent” thuis die muziek maakt, een praatje geeft of een tentoonstelling organiseert.

Beurel: „We willen een gemeenschapsgevoel creëren. Ervoor zorgen dat mensen over iets wezenlijks praten in plaats van over het weer of een tv-programma. De wereld is isolationistisch geworden. We zitten op sociale media, we werken vaker thuis, maar we kennen onze buren niet. Als vreemde mensen bij jou thuis welkom zijn, nodig je ze uit om hun leven met je delen.”