Voor Versace was alles decoratie

Modetentoonstelling Zijn vrouwenmode zou je nog zo kunnen dragen. Een vrolijke expositie in Berlijn geeft een uitstekend beeld van het talent van de in 1997 vermoorde ontwerper Gianni Versace.

De Versace-expositie in het Berlijnse Kronprinzenpalais. Foto Marko Berkholz

1997, dat is het jaartal dat voor altijd verbonden zal zijn met Gianni Versace. Op 15 juli van dat jaar werd de ontwerper op 50-jarige leeftijd door seriemoordenaar Andrew Cunanan doodgeschoten op de stoep voor zijn huis in Miami. Zijn zus Donatella, die sindsdien creatief verantwoordelijk is voor het modehuis Versace, eerde hem in september met een vrouwencollectie met slechts licht geüpdatete versies van zijn bekendste ontwerpen.

Die collectie ligt nu in de winkel. Eveneens een passend moment, want 2018 is ook een jubileumjaar, en een vrolijker bovendien: het is dit jaar veertig jaar geleden dat Gianni Versace zijn eigen modehuis begon.

In september 1978 gaf Versace zijn eerste show in Milaan. Dat was echter niet zijn allereerste show. Die vond op 3 februari van dat jaar plaats in het Duitse stadje Lippstadt. Een initiatief van de plaatselijke modewinkelier Albert Eickhoff. Hij was in Milaan onder de indruk geraakt van de ontwerpen die Versace had gemaakt voor de merken Byblos en Complice. Hij nodigde hem uit voor een lunch en wist hem ondanks de gebrekkige communicatie – Versace sprak alleen Italiaans, hij niet – ervan te overtuigen dat hij voor zichzelf moest beginnen en naar Lippstadt moest komen voor een show. Topmodellen Pat Cleveland en Jerry Hall liepen erin mee.

Foto Marko Berkholz

Dat moment wordt nu gevierd in Berlijn, waar op 31 januari een grote tentoonstelling opende over Versace. Dat wil zeggen: Gianni Versace – er is geen kleding te zien van na 1997. Het modehuis heeft zelf niet meegewerkt aan de expositie. Het motief op de poster, het Griekse meandermotief dat Versace zo vaak gebruikte op kleding, shawls, servies en in de interieurs van zijn huizen en winkels, is dan ook niet aangeleverd door het modehuis; het is getekend door het Nederlandse ontwerpduo And beyond, dat al eerder kostuums ontwierp voor een Duitse opera over Versace.

Particuliere verzamelaars

Je kunt je voorstellen dat het huis Versace niet per se blij is met de expositie. De Oostblokchic van het interieur van het Kronprinzenpalais is weliswaar heel charmant, maar mijlenver verwijderd van de overdadige, luxueuze, klassiek geïnspireerde stijl waar Versace zelf de voorkeur gaf – zie bijvoorbeeld de villa in Miami, nu een hotel, waar een deel van het tweede seizoen van American Crime Story is gefilmd, dat gaat over de moord op de ontwerper (de serie is alleen nog te zien via de Amerikaanse zender FX). In de zaal met de meeste kleding staan allerlei soorten etalagepoppen door elkaar en staat – voor de suppoost? – een plastic tuinstoel, de prijssticker er nog op. En in de ruimte waar allerlei shawls als vlaggen aan het plafond hangen, is een wat armoedig zwart tapijt neergelegd.

Dat betekent niet dat het Gianni Versace Retrospective niet de moeite waard is. Want met de kleding en de indeling is weinig mis. Alle ongeveer 300 outfits en shawls – plus één tapijt – zijn afkomstig van vier particuliere verzamelaars, twee mannen en twee vrouwen. Die kochten de kleding lang niet altijd om zelf aan te doen. Veel van wat er in Berlijn te zien is, zijn rechtstreeks van de catwalk afkomstige, verder ongedragen stukken uit de haute-couturelijn Atelier Versace. Er zijn een paar ontwerpen uit Gianni Versaces beginperiode te zien, zoals een breedgeschouderd leren mannenjack met een stukje metalen mesh op de schouder, en een korte goudkleurige jurk uit 1983 die helemaal van dat materiaal is gemaakt; Versace ontwikkelde zelf een variant die licht en dus draagbaar was. Maar het merendeel van de stukken komt uit de laatste tien jaar van zijn carrière en leven.

Foto Marko Berkholz

Poenerig

De expositie is ingedeeld naar stijl. Er is een zaal vol zwart leer met goudbeslag, een die vol staat met de woest bedrukte zijden overhemden, een met andere, net zo uitbundige mannenmode.

De vrouwenstukken zijn opvallend weinig verouderd. Op een enkel kortgerokt mantelpakje na, zou je het meeste nu zo aankunnen. De vrouwenmode is op dit moment natuurlijk sowieso dol op de stijl van de jaren tachtig en negentig, en voor hippe twintigers is oude Versace heerlijke, tikje campy retromode; Donatella Versace kwam geen minuut te vroeg met haar eerbetooncollectie. Niet dat het in de tijd zelf door iedereen mooi werd gevonden. De mode van Gianni Versace stond bekend als protserig en poenerig. Kleding voor nieuwe rijken, zoals de popsterren die Versace als eerste front row bij zijn shows liet zitten, alle onkosten vergoed.

Veel ouderwetser is de mannenmode. Het ‘omgekeerde driehoek-silhouet’, de eerder genoemde luidruchtige overhemden, een geborduurd gilet op een broek met heel rechte pijpen; zelfs voor hipsters die op rommelmarkten zoeken naar jarennegentigmode gaat dat een beetje ver. Wat veel zegt over de mannenmode, waar dus meer ontwikkeling in zit dan in de vrouwenmode. Daarom is juist wel weer goed te zien hoe revolutionair de mannenkleding van Versace indertijd was. Hij verheerlijkte de gespierde, stoere man, maar kleedde die zeer sensueel aan, waardoor hij morrelde aan het manbeeld.

Foto Markus Schreiber

Bovenal ademt de tentoonstelling vrolijkheid. De hoogtijdagen van de ontwerper waren de late jaren tachtig en jaren negentig, een tijd waar het voor sommigen niet op leek te kunnen, en de kleding van Versace weerspiegelde dat. Hij gebruikte invloeden van de oude Grieken, pop-art en op-art, sadomasochisme, maar nooit om daar commentaar op te leveren. Alles was decoratie, een middel om kleding nog uitbundiger en mooier te maken, en mannen en vrouwen nog aantrekkelijker, en elk kledingstuk werd met evenveel liefde gemaakt – het vakmanschap spat ervan af.

De vrouwenmode van Versace mag dan weer in trek zijn, het ongebreidelde optimisme uit de jaren negentig is tegenwoordig ver te zoeken. Die wetenschap, en de tragische manier waarop Versace aan zijn eind is gekomen, maken dat je bij al die blije kledingstukken toch af en toe een weemoedig gevoel krijgt. Het zijn relikwieën van een tijd die echt voorbij is.