Rotterdamse grime is donker, diep en energiek

Nieuw album NoizBoiz

Het Rotterdamse NoizBoiz maakt een Nederlandstalige variant van de urgente, hyper-lokale Londense muziekstroming grime en werkt nauw samen met grime-pionier Wiley, die inmiddels in Rotterdam woont. „In Engeland zijn ze trots op wat we doen.”

NoizBoiz: Don de Baron (links), Axel ‘XL’ Linger en Mucky. Foto Khalid Amakran

De eerste keer dat Axel ‘XL’ Linger (32) een Londense grime-dj het nummer ‘Je bent niet hardcore’ van zijn groep NoizBoiz liet horen, was in 2010 tijdens Oi, een clubnacht waar Britse elektronische muziek centraal stond. Grime-dj van het eerste uur Garna wilde zijn mp3-speler niet teruggeven, zegt Linger. „Hij bleef de track afspelen; hij kon niet geloven dat we grime maakten in het Nederlands.”

Grime is een van de spannendste nieuwe Europese muziekstromingen van deze eeuw; snelle, rauwe, minimalistische muziek met vlammende vocalen, zware, diepe bassen en complexe, tegendraadse ritmes. De grime-scene heeft diverse wereldsterren opgeleverd – momenteel zijn Skepta en Stormzy de blikvangers – en Amerikaanse hiphopsterren als Kanye West en Drake laten zich erdoor inspireren. Maar in de kern is grime hyper-lokale grootstedelijke muziek, met harde, compromisloze beats die worden aangevuurd door mc’s die zich in slang en accent vooral lijken te richten op een straatblok verderop.

„In Engeland zijn ze trots op wat we doen”, zegt Linger, die via de contacten die hij tijdens optredens en feesten in Nederland legde, inmiddels een uitgebreid netwerk opbouwde in de Londense grime-scene. „Ze vinden het keihard om Nederlandstalige grime te horen. Het is voor hen speciaal te zien dat hun lokale hood music het ook buiten de buurt goed doet, en zelfs buiten het land, in een andere taal.”

Op het nieuwe album Techniek van NoizBoiz, dat 16 februari verschijnt, staat de single ‘Fris’, waarop de groep samenwerkt met Wiley, een mc en producer die wel de peetvader van grime wordt genoemd. Een Engelstalige variant van dit NoizBoiz-nummer staat op Wiley’s album Godfather. Linger leerde Wiley kennen tijdens een show in Nederland. „Later stuurde hij me een berichtje: ‘Yo, I am at Lijnbaan eating poffertjes’. Hij was in Rotterdam en is drie weken bij me in huis gebleven.”

Wiley houdt van Rotterdam, vertelt Linger, „omdat er hier een underground-mentaliteit is en een rauwheid die hem aan thuis doet denken, en hij liever niet thuis wil zijn.” Inmiddels heeft Linger voor Wiley ‘een huis gefixt’ achter Rotterdam Centraal en is hij de vaste tour-dj van Wiley buiten Engeland, vertelt hij. De Britse pionier bedankte de Rotterdammers op Twitter voor het opnieuw aanwakkeren van zijn creativiteit.

Jamaica

De grime-scene kwam begin deze eeuw in Londen op via piratenradio en lokale raves. Linger en NoizBoiz-producer Mucky (29), die elkaar kenden uit de Rotterdamse graffiti- en skatescene, gingen als tieners online op zoek naar dj-sets en geript vinyl nadat ze via feesten en videoclips de muziek voor het eerst hadden gehoord.

„Ik zag een clip van Dizzee Rascal op MTV”, vertelt Mucky. „Ik vond het bijzonder hoe de drums geprogrammeerd waren. Ze gebruikten hardcore-achtige kickdrums, maar bij hardcore werden die altijd strak op de tel gezet en hier was het heel random en ingewikkeld, met raps erbij, en een duistere toon die me erg aansprak. Ik vond ook het minimalisme interessant. De meeste nummers werden via piratenzenders verspreid, waren van lage kwaliteit en bestonden uit weinig geluiden; het was een heel specifieke sound.”

De muziek deed Linger denken aan Jamaicaanse dancehall uit de jaren tachtig van artiesten als Ninjaman, Papa San en Supercat, waar hij groot liefhebber van is. „Het is dancehall maar dan met een Britse industriële sound en slang uit Londen. Ik was al fan van UK Garage, dat langzaam overging in grime. Grime was donkerder, de bassen waren dieper, de beats werden aangestuurd door een mc. Het was rauwer en veel minder gepolijst dan de garage-hits die bijvoorbeeld Craig David maakte.”

Linger rapte in die periode op hiphopbeats. Zijn neef daagde hem uit in het Nederlands te gaan rappen op de snelle, opzwepende grime-beats. „In hiphop had ik wel voorbeelden, zoals Extince die liet zien dat je in het Nederlands ook goed kunt flowen en kunt zorgen dat je stem soepel onderdeel wordt van de muziek. Met Nederlandstalige grime moest ik het zelf gaan uitvinden.” Grime is, onder meer door het hoge tempo, lastiger dan rap, vindt Linger. „Je hebt minder tijd en ruimte om iets te vertellen.” Hij laat een paar harde keelklanken horen. „En Nederlands is niet zo’n mooie taal; ik schrijf vaak teksten die ik niet kan gebruiken, omdat ze niet soepel genoeg klinken.”

Veelzijdigheid

Linger en NoizBoiz-‘hypeman’ Don de Baron (34) zijn op Techniek klassieke masters of ceremony; rappers die de beat aanzwengelen met humor en strakke soundbites met metaforen en vol zelfvertrouwen. Volgens Don de Baron zijn hiphopartiesten „meer op zichzelf gericht terwijl het bij grime-mc’s echt om het opzwepen van het publiek gaat. Hiphop-artiesten zijn minder geneigd hun skills te testen buiten hun vaarwater. Bij grime maakt het niet uit wat de beat doet; ik flex erop.” Linger: „Toen grime begon, met rappen op vertraagde drum-n-bass-producties, stonden in die piratenstudio’s in Londen 15 man klaar die ook wel de microfoon wilden. Je moest laten zien dat je kon omgaan met de meest diverse stijlen. De muziek zelf eist veelzijdigheid van je.”

De beats van Mucky, tevens producer van internationaal succesvolle stadsgenoot Sevdaliza, zijn „Brits met een Rotterdams randje” zegt hij – de producer stipt bijvoorbeeld aan hoe hij zijn synthesizergeluiden overstuurt zoals in Rotterdamse hardcore-tracks. Mucky wil in zijn beats de energie vangen van de vroege grime die hem imponeerde, door er niet te lang aan te sleutelen. „Ik kan met geluidjes bezig zijn tot ze precies klinken zoals ik wil. Maar als ik dan een productie ga maken, hoeft die niet perfect te zijn. Dat is de kracht van het genre. Ik maak het en that’s it. Het is een momentopname van energie.”

Rap is in Nederland razend populair maar vergelijkbaar succes zit er voor Nederlandstalige grime niet in, denkt Linger. „Deze muziek is niet zo hapklaar. Onze liveshows worden goed ontvangen door onze energie en doordat we overbrengen dat wij dit wel echt voelen. Maar grote hits scoren we in Engeland ook maar mondjesmaat. Het is ook niet ons doel. Er is geen muziek die me zo raakt als grime, er zijn geen beats die ik zo boeiend vind. We focussen ons op onze techniek; niet op wat mensen willen horen.”

Techniek verschijnt 16 febr. Albumrelease in Annabel, Rotterdam op 17 febr.
    • Saul van Stapele