Opinie

    • Arjen Fortuin

Zijlstra, Rutte en meer: een lange tv-dag voor de politieke junks

Zap Dinsdag de dertiende was een lange dag voor de politieke kijker. De overwinning van Pia Dijkstra in de Eerste Kamer ging vrijwel naadloos over in de nederlaag van Halbe Zijlstra in de Tweede.

Premier Rutte over het aftreden van Halbe Zijlstra (NOS)

Ik had me nogal verheugd op de inburgering van het woord datsjagate – het hek was van de datsja! – maar dat zal er wel niet meer van komen. De zaak Zijlstra bleek een flitsaffaire. 36 uur nadat de krant met het leugenverhaal was bezorgd, bood de minister de koning zijn ontslag aan. Dat kan gelukkig digitaal, want onze vorst heeft op het moment andere buitenlandse zaken aan zijn kroon.

Lees ook: Rutte verliest wéér een vertrouweling

Dinsdag de dertiende was een lange dag voor de politiekkijker. Om twee uur zat Ron Fresen namens de NOS klaar om de stemmen over de donorwet te tellen, maar de Eerste Kamer was nog lang niet zover.

De senatoren voelden elkaar eerst nog uitgebreid aan de tand over amendementen, moties, wetten en bestuursmaatregelen. Het gaf een mooi inkijkje in hoe bevreesd men daar is om broddelwerk af te leveren. De verslaggever bleef maar benadrukken dat het debatje belangrijk was voor de uiteindelijke stemming. Ook voor het land, lijkt mij.

Het duurde tot na vieren eer er was gestemd. De overwinning van Pia Dijkstra in de Eerste Kamer ging voor de kijker vrijwel naadloos over in de nederlaag van Halbe Zijlstra in de Tweede. De aftredende minister schoot vol toen hij zei dat Nederland een minister van Buitenlandse Zaken verdient die vrij kan opereren. En dat hij die minister niet was.

De beelden waren mooi: het ingehouden troosthandje van Rutte op de arm van Zijlstra kwam door zijn onhandigheid oprecht over. De plotse emotie van Zijlstra verried dat hij ook wel begreep dat hij zijn prachtige baan helemaal door eigen toedoen had kwijtgespeeld – en dat hij zich daarvoor schaamde.

Even later, het debat was inmiddels geschorst, werd Rutte geïnterviewd in de wandelgangen en bleek ook de premier werkelijk uit zijn evenwicht gebracht. Hij zag er hondsmoe uit, maar dat kan ook de olympische jetlag zijn geweest. Gevraagd naar wat hij zou missen van Zijlstra zei hij iets mafs: „dat haar” – ik ben geen haarman, maar ik had nog nooit iets geks aan de coupe van Zijlstra ontdekt.

Nog opmerkelijker was de toelichting die Rutte gaf op de band die Zijlstra en hij in de loop der jaren hadden gekregen. Halbe was iemand die hij ondanks meningsverschillen totaal vertrouwde. Waarop de premier mijmerde: „Zo intensief heb ik dat met niemand meegemaakt, hooguit Diederik Samsom komt misschien in de buurt”. Samsom? Waar kwam dat vandaan? Hier stond niet een politicus een verklaring af te leggen, hier stond een man hardop te denken over wat hem was overkomen. Rutte, de man bij wie altijd alles functioneel is, was echt van slag.

Het post-Zijlstra debat duurde nog tot tien uur op het 24-uurskanaal NOS Politiek, maar van politieke spanning was geen sprake meer, zelfs niet toen Geert Wilders een motie van wantrouwen indiende. Esther Ouwehand van de Partij voor de Dieren mokte tegen Kamervoorzitter Arib dat deze Wilders niet aan durfde te pakken als hij over zijn spreektijd heen ging, maar háár wel – was dit het parlement of een herhaling van De Luizenmoeder?

Rutte kwam tegen het eind van het debat weer in sferen van all the men I’ve loved before toen hij Lodewijk Asscher vergeleek met iemand die alle dekens in bed naar zich toe trok. Een opmerkelijke beeldspraak, die gekker werd doordat Rutte het woord ‘dekens’ vergat uit te spreken en dus plotseling zei: „Dan lig ik weer naakt op bed.” Ruttiaans gelach alom uiteraard, maar waarschijnlijk drukte het beeld de gemoedstoestand van de premier best precies uit.

    • Arjen Fortuin