Recensie

Tweede ‘Antigona’ in Nederland ooit is een gemengde ervaring

Opera Een vergeten opera is het, Antigona (1772) van Tommaso Traetta. Is het een muzikaal meesterwerk? In de voorstelling waarmee Opera Trionfo door het land reist, maakt vooral de regie indruk.

Erika Simons, Lina Liu en Kevin Ruijters in Antigona. Foto Jörg Landsberg

Als er ergens binnen de klassieke muziek veel ‘nieuws’ te ontdekken valt, dan is het in de barok. Regelmatig ontstoffen dirigenten vergeten parels, waarbij het vuur van de herontdekker over werken van bijvoorbeeld Cavalieri, Steffani, Jommelli en Salieri in wisselende mate overslaat naar het publiek.

Wat te denken van Tommaso Traetta (1727-1779)? Zijn naam is nu nog maar weinig bekend, maar aan hem gewijde encyclopedielemma’s buigen door onder de superlatieven. Als tijd- en idealengenoot van operahervormer Gluck (weg met ijdele virtuozendom!) was hij de voedingsbodem onder Mozarts opera’s en in zijn eigen tijd werd Antigona naar verluidt beschouwd als ongeslagen meesterwerk.

Regisseur Floris Visser (1983), in zijn carrière net op de grens van aanstormend naar gearriveerd, werd als 19-jarige getroffen door een opname van Antigona door dirigent Christoph Rousset. Hij leurde jarenlang met het plan Antigona op de planken te brengen. Het kwam er pas van toen Visser zijn eigen reisgezelschap Opera Trionfo succesvol koppelde aan het Duits repertoiretheater van Osnabrück, waar Antigona met dezelfde uitvoerenden vorige maand al was te zien (en verspreid over het jaar nog in zeven steden te zien is).

Goede maar niet geweldige cast

Kan Traetta met Gluck en Mozart wedijveren? Op zo’n vraag wil je liefst een volmondig ja of nee horen, maar de première van deze productie (de tweede Antigona in Nederland ooit) bleek een gemengde ervaring. Regelmatig klinken er (geweldige) koren, aria’s en melodieën, rijk aan prikkelende harmonische wendingen. Maar de orkestrale begeleiding onder Andreas Hotz, op zich met een spitsneus voor intrige neergezet, mist in de uitwerking de finesse om drie uur lang te boeien. Diezelfde indruk wekken ook het koor en de over de hele linie goede maar niet geweldige cast, met de Emone van alt Katarina Morfa als sterkste schakel. De op zich mooie Ismene van Lina Liu mist lijn in de fraseringen, Erika Simons (Antigona) zingt krachtig, maar ook wat ongelijkmatig.

Theatraal maakt Opera Trionfo meer indruk. Het eenheidsdecor van Dieuweke van Reij (het doet dienst als paleis en verstikkingsgrot) is simpel maar effectief en haar 20ste-eeuwse (leger-)kostuums onderstrepen de tijdloze thematiek van Sofokles’ familietragedie. De treurende moeders van Thebe ogen hier als de dwaze moeders uit Argentinië, rondlopend met portretten van hun dode zonen.

De grootste troef is Vissers regie. Met flashbacks (ouverture) en de schim van zoon Polinice (wiens dood de plot ontketent) verleent hij ingenieus diepte aan de complexe onderlinge verhoudingen en aan de vraag welke wetten moeten prevaleren: menselijke of politieke. Ook sterk: in deze uitvoering besluit Antigona als bij Sofokles met de duodood van geliefden Antigona en Emone: tragisch, akelig en veel relevanter en indrukwekkender dan Traetta’s nodeloze happy end.

    • Mischa Spel