Dit zijn de ergste jeukwoorden van het milieujargon

Japke-d. vraagt door Japke-d. Bouma krijgt jeuk van al die bedrijven die ineens met het milieu bezig zijn. Zouden ze echt zo betrokken zijn, of zijn het louter mooie praatjes?

Illustratie Tomas Schats

‘Duurzaam’, ‘circulair’ en ‘klimaatneutraal’. Als ik érgens jeuk van krijg, dan is het wel van die woorden. Begrijp me niet verkeerd, ik draag de planeet een warm hart toe. Maar de laatste tijd hoor ik er zoveel bedrijven over, dat ik wel eens denk: zijn jullie nou écht zo dol op het milieu of zijn het slechts mooie praatjes om in een goed blaadje te komen bij het publiek?

Afgelopen donderdag was ik uitgenodigd door NRC Live, een „onafhankelijk podium voor professionals die openstaan voor nieuwe inzichten”, om daar iets over te komen vertellen op een ‘event’ – evenementen bestaan niet meer, dat zijn allemaal ‘events’ geworden – over „maatschappelijk verantwoord ondernemen”. Als vlucht vooruit hadden ze alvast maar het ergste milieujargon op een bingokaart laten drukken. Dit waren de ergste:

Met stip op één: circulair. Sterker nog, we zaten donderdag zelfs in een circulair pand! Dat betekende concreet dat de gevel begroeid was met planten, het isolatiemateriaal was gemaakt van oude spijkerbroeken, de houten vloer van oude barkrukken en dat alle aanwezigen hun scheermesjes, toiletpapier, visitekaartjes, kleding en maandverband in plastic zakjes moesten verzamelen en na afloop bij de balie konden inleveren. Nou ja dat laatste niet natuurlijk, maar daar dacht ik wel de hele tijd aan. Ik dacht ook steeds, het was natuurlijk pas écht een circulair pand geweest als het nooit gebouwd was.

Want wat betekent circulair? Dat je álles hergebruikt toch, in een nooit eindigende spiraal van hergebruik? Nou, dat kan dus helemaal niet. Ja, ik maak wel eens een circulair ommetje en mijn leven is ook circulair. Zo blijf ik altijd op dezelfde foute mannen vallen. Ook op kantoor is alles circulair. Je kunt nog zoveel delegeren, uiteindelijk moet je het toch zelf weer opknappen. Maar verder is er natuurlijk niets 100 procent circulair. Want er blijft altijd afval over.

Wat wél kan, is dat je als bedrijf of pand zegt dat je PROBEERT zoveel mogelijk circulair te zijn. Maar dat zeggen bedrijven amper. En dat is wat ik erop tegen heb.

Precies hetzelfde heb ik met ‘klimaatneutraal’. Kan ook helemaal niet, want dat zou betekenen dat je helemaal je eigen energie opwekt. Toch claimen allerlei provincies, gemeenten en bedrijven het te zijn. Als ik dat hoor zou ik zeggen: draai dan de gaskraan maar dicht bij al die instanties. En dan mag er ook geen onsje afval meer uitkomen.

Of ‘de nieuwe economie’. Ook onzin. Jongens, geloof me: er is echt niks nieuws aan de economie. Dertig jaar geleden was hij er ook al. En in 1917. En in 1327. En net zo economisch als nu, net zoveel vraag en aanbod, net zo op winst gericht en net zoveel verkooppraatjes over gebakken lucht. Of zijn bedrijven ineens altruïstisch geworden? Kijk, dán heb je een nieuwe economie. Ik dacht het niet.

Dan vijf voor twaalf. Hoor ik ook overal. Daar was laatst trouwens weer van alles over te doen. Toen had een klimaatpanel uitgerekend dat het geen vijf voor twaalf, maar twee voor twaalf was. Weer anderen zeggen dat het al vijf over twaalf is, of erger nog, kwart over twaalf.

Lieve mensen, wat is het nou?! Ik word daar onrustig van. Ik denk bovendien ook altijd: hoe lang kan het vijf voor twaalf blijven? Want in de jaren zeventig had de Club van Rome het er ook al over. Om over de vraag wat er gebeurt als het twaalf uur is nog maar te zwijgen. Zijn we dan allemaal gedoemd? Weet iemand dat, want dan kan ik misschien weer beginnen met roken. Of gaan alle computers op nul? Dat zeiden ze in 1999 ook. Is toen niet gebeurd. Nu wel?

Bovendien, wat is er zo leuk aan drie p’s? Je hebt ook ‘de drie J’s’. Zie ik ook niet meteen het voordeel van

Ook heel erg: people, planet, profit. Waarom zeggen ze niet gewoon ‘mensen, planeet en winst’? Nou, zei iemand laatst, dan zijn het geen drie p’s meer en kun je het minder goed onthouden.

Ik denk dan, als je als bedrijf de planeet, de mensen en de winst al niet kunt onthouden, dan kun je er beter maar helemaal mee stoppen. Bovendien, wat is er zo leuk aan drie p’s? Je hebt ook ‘de drie J’s’. Zie ik ook niet meteen het voordeel van. Of zeg dan ‘planeet, publiek, profijt’ als het zo nodig drie p’s moeten zijn. Dat is nog Nederlands ook.

Of ‘de eerlijke keten’. Jeuk. Je hebt ook „de korte keten” en „de groene keten”, maar ik hoor mensen het meest over de „eerlijke keten”. Dan denk ik altijd: kan een keten eerlijk zijn? Zeker als je een lange keten hebt, zit er toch altijd wel een zwakke schakel tussen? Kun je voor elke schakel instaan?

Ik ben zelf ook niet altijd eerlijk. Ik heb bijvoorbeeld zo’n vriend die altijd vraagt of hij een dikke kont heeft in die ene broek en dan zeg ik maar dat het hem hartstikke leuk staat. Je kunt bovendien beter hebben dat ánderen over je zeggen dat je zo’n eerlijke keten hebt. Maar ik hoor het vooral bedrijven over zichzelf zeggen.

Maar het aller, allergrootste jeukwoord stond afgelopen donderdag niet op de kaart, en dat is natuurlijk ‘duurzaam’. Maar dat is zo’n groot jeukwoord, dat ik daar volgende week op terugkom. Tot dan!

Jeuktweets van de week

    • Japke-d. Bouma