Het dorp van de ‘Palestijnse heldin’ Ahed Tamimi is een verzetshaard

Israëlisch-Palestijns conflict

Dinsdag staat de Palestijnse Ahed Tamimi (17) terecht voor het slaan van een Israëlische militair. In haar familie en dorp is verzet tegen de bezetting dagelijkse routine.

Palestijnse demonstranten op de vlucht voor Israëlisch traangas, vorige maand op de Westelijke Jordaanoever bij Nabi Saleh, waar de familie Tamimi woont. Foto Mohamad Torokman/Reuters, (beeldbewerking NRC Fotodienst)

De nieuwe Palestijnse heldin Ahed Tamimi moet dinsdag voor de militaire rechtbank verschijnen. Dat zij haar 17de verjaardag doorbracht in een Israëlische cel nadat zij een Israëlische soldaat sloeg – een actie waarvan de videobeelden op internet viral gingen – past in de dagelijkse routine van het dorp waar zij vandaan komt. In Nabi Saleh op de Westelijke Jordaanoever heet iedereen Tamimi en iedereen is slachtoffer, verzetsheld, filmster tegelijk.

Mohammed Tamimi (15) heeft een flinke deuk in zijn schedel. Kort voor Ahed Tamimi op 15 december 2017 trachtte Israëlische soldaten uit haar tuin te krijgen, had ze een telefoontje gekregen van verderop in het dorp: haar neefje Mohammed was geraakt door een Israëlische kogel. „We dachten dat hij dood was”, zegt zijn broer Tamim (17). De reddingsoperatie duurde zes uur. Dat Mohammed het heeft overleefd en zelfs weer thuis op de bank zit, lijkt een wonder. Volgens het leger reageerden Israëlische soldaten op een „gewelddadige rel” in het dorp met „middelen om de menigte uiteen te drijven”.

Bedevaartsoord voor activisten

Terwijl Aheds vader Bassem het vuur in de houtkachel oppookt, wijst hij telefonisch een Spaanse journaliste de weg. Dan schenkt hij koffie in voor een groepje Amerikaanse activisten. Bassem Tamimi kan zich de dag niet herinneren dat er geen journalisten of activisten in zijn huiskamer zaten. Al voordat zijn dochter werd gearresteerd, stond Nabi Saleh voortdurend in de belangstelling.

Aanleiding ervoor waren wekelijkse marsen naar de nabijgelegen waterbron, waarbij steevast confrontaties volgden tussen Israëlische soldaten en stenengooiende dorpsjongens. Die bron hoorde bij Nabi Saleh, maar werd in 2008 geconfisqueerd door jongeren uit de Israëlische nederzetting Halamish, die aan de overkant van de weg ligt. Zij legden er een picknickplek aan en de inwoners van Nabi Saleh konden er niet meer komen.

Nadat de dorpsbewoners eerder, door de bouw en uitbreiding van de nederzetting sinds de jaren 70, al van het merendeel van hun landbouwgrond waren afgesneden, was dit de spreekwoordelijke druppel. Nabi Saleh groeide uit tot een symbool van het Palestijnse verzet tegen de Israëlische bezetting en werd een soort bedevaartsoord voor internationale activisten.

In 2013 kregen de dorpelingen uiteindelijk van de Israëlische hooggerechtshof gelijk, maar in de praktijk veranderde er weinig. Ze kunnen nog steeds niet rustig naar de bron. Ook sluiten militairen het dorp regelmatig af van de buitenwereld – volgens Aheds tante Bushra vaak juist op tijden dat ze naar hun werk in het 20 kilometer verderop gelegen Ramallah moeten.

De ongeveer 500 dorpsbewoners behoren vrijwel allemaal tot de familie Tamimi. Het dorpscafé heet ‘Tamimi’ en Mohammed Tamimi is een van de honderd Mohammeds Tamimi in het dorp. Veel familieleden hebben net als Ahed blond haar en lichte ogen. Daarmee doorbreken ze zozeer het cliché van de donkere, bebaarde Palestijn, dat een Israëlisch Knessetlid zei onderzoek te hebben gedaan of de familie wel echt is of op uiterlijk is samengesteld.

Om dat soort beschuldigingen lachen of zuchten de Tamimi’s. Maar dat het filmen van zichzelf, de bezetting en hun verzet daartegen onderdeel is geworden van hun dagelijkse routine, ontkent niemand.

Aheds nichtje Janna („Ahed is mijn beste vriendin”) is op haar elfde al een geroutineerde mediapersoonlijkheid. Als ‘jongste journaliste van Palestina’ heeft ze 270.000 Facebook-fans en ze doet met verve haar verhaal op Arabische tv-zenders. Janna laat haar tekenboek zien. Daarin staan schetsen met een politieke lading, zoals een tekening van Ahed en andere kindgevangenen met teksten als ‘I want to live my childhood’, maar ook kleurige ontwerpen van prinsessenjurken. Want Janna wil „journaliste, kunstenares, mode-ontwerpster en voetballer bij FC Barcelona” worden. Ze danst de dabke met de Amerikaanse activisten en als ze op verzoek een Engelstalig liedje zingt, filmt een nichtje haar met een mobieltje.

Verzetshaard

Ook vóór de wekelijkse protesten was het dorp al bekend als een verzetshaard. „De leiders van de eerste intifada kwamen hier vandaan”, zegt Bassem Tamimi. Zelf werd hij meermalen gearresteerd, net als verscheidene familieleden. Een oom van Ahed vertelt trots over opa die al in 1948 gewond raakte in de strijd, over het juridische verzet tegen de komst van de nederzetting en over zijn broer, in 1973 in Libanon gedood. Op een ander familielid is hij minder trots: Ahlam Tamimi was in 2001 betrokken bij de zelfmoordaanslag op een pizzeria in Jeruzalem. Zij werd in 2011 bij een gevangenisruil vrijgelaten en woont sindsdien in Jordanië. Hoewel Tamimi benadrukt dat de protesten tegenwoordig vreedzaam zijn en hij er „persoonlijk niet voor” is Israëlische burgers te doden, vindt hij niet dat ze dit soort acties moeten veroordelen. „Israël schendt constant het internationaal recht, waarom worden de Palestijnen dan afgerekend op een enkele keer?”

Bij de protesten in het dorp vallen regelmatig gewonden en zelfs doden. In 2012 kwam Aheds 31-jarige oom Rushdie Tamimi om het leven door Israëlische kogels – „voor haar ogen”, zegt haar vader. Ook raakten meerdere dorpelingen de afgelopen jaren verlamd aan hun benen door rubberkogels. Toen afgelopen voorjaar weer een twintigjarige dorpsgenoot gedood werd, besloten ze de regelmatige demonstraties te stoppen.

Stenengooiactie

Maar sinds het besluit van de Amerikaanse regering-Trump in december 2017 Jeruzalem te erkennen als hoofdstad van Israël, gingen de dorpsjongens toch weer bijna dagelijks de straat op. Hoewel Mohammed nog niet naar buiten mag en nog meerdere operaties te gaan heeft, schitteren zijn ogen van bravoure terwijl hij op zijn telefoon een filmpje laat zien van zijn stenengooiactie met dorpsgenoten. Op zijn veertiende bracht hij al drie maanden in een gevangenis door. Veel van zijn neven en nichten gingen hem voor.

De prijs voor hun activisme is hoog, geeft Bassem Tamimi toe. Maar op de opmerking dat volgens sommige Palestijnen hun offers tevergeefs zijn, reageert hij fel. „Dat wij worden gezien als een uitzondering, is tekenend voor hoe slecht het gaat. Wat wij hier doen, zou in heel Palestina normaal moeten zijn.”

Correctie (13-02-2018): In een eerdere versie van dit stuk stond dat Tamimi voor de rechter moet verschijnen. Dit moest de militaire rechtbank zijn. Hierboven is dat aangepast.