Directe confrontatie tussen Iran en Israël boven Syrië

Het neerhalen van een gevechtsvliegtuig is een gevoelige klap voor het Israëlische militaire prestige, maar de kans dat de vlam verder in de pan slaat lijkt voorlopig niet groot.

Israëlische militairen inspecteren op 10 februari de resten van een F-16 die is neergehaald door een Syrisch luchtafweersysteem. Foto Abir Sultan / EPA

De vrees dat Israël en Iran direct met elkaar in conflict raken, nu Iran zijn militaire aanwezigheid in Syrië probeert te consolideren, is dit weekend bewaarheid. Daarmee wordt de complexe oorlog in Syrië, waarbij naast Iran ook Rusland, Turkije en de Verenigde Staten zijn betrokken, nog ingewikkelder.

Zaterdagochtend vroeg schoot de Syrische luchtafweer een Israëlische F16 uit de lucht. Die was op de terugweg van een grootschalige aanval op Iraanse en Syrische doelen in Syrië. Deze aanval volgde nadat de Israëliërs een volgens hen Iraanse drone hadden onderschept die het Israëlische luchtruim zou hebben geschonden. De piloten wisten zich met hun schietstoel in veiligheid te brengen, maar raakten gewond. Israël voerde daarop een tweede grootschalige operatie uit, volgens Israëlische media de grootste sinds 1982.

Het is voor het eerst in decennia dat een Israëlisch gevechtsvliegtuig wordt neergehaald, een gevoelige klap voor het Israëlische militaire prestige. Het zou ook de eerste keer zijn dat Iran Israëlisch gebied binnendrong. Waarschijnlijk doodde Israël bij de laatste operatie Iraanse militairen in Syrië. Dat is ook niet eerder gebeurd.

Nieuwe fase

Volgens de Israëlische krant Jerusalem Post is nu „de open oorlog met Iran begonnen”. Israël voert overigens al jarenlang luchtaanvallen uit op militaire doelen van Iran en haar bondgenoten in Syrië.

De afgelopen maanden werden onder meer munitieopslagplaatsen geraakt en bases waar wapens zouden worden ontwikkeld. Maar daarop kwam tot nu toe geen noemenswaardige reactie – de Syrische luchtafweer schoot wel, maar tot nu toe nooit raak. Die tijd is voorbij, zei Irans bondgenoot Hezbollah in een verklaring op haar website Al-Manar. „Er is een nieuwe strategische fase aangebroken.”

Toch lijkt het erop dat Israël, Syrië, Rusland en Iran de zaak niet op de spits willen drijven. Iran heeft in Syrië stevig voet aan de grond, onder meer door de aanleg van bases. Dat de Syrische president Bashar al-Assad in de burgeroorlog aan de winnende hand is, is mede dankzij de inzet van Iraanse ‘adviseurs’ en wapens, milities en bases van shi’itische bondgenoot Hezbollah. Zolang andere spelers de Iraanse belangen niet schaden, houdt het zich op de vlakte, zoals ook bij de Turkse operatie tegen de Koerdische milities in Afrin de afgelopen weken. Iran wil zijn positie vooral bestendigen. De Iraanse autoriteiten noemden de Israëlische beschuldigingen meteen „belachelijk”.

Ook Rusland lijkt er ondanks het bondgenootschap met Iran en het Syrische regime vooral belang bij te hebben de Israëliërs eveneens te vriend te houden. President Poetin belde na de nachtelijke escalaties met de Israëlische premier Netanyahu en riep op tot kalmte. „De Iraniërs, Syriërs of Russen hebben er geen belang bij de Israëli’s mee te trekken in een militaire situatie die voor hen al een tijdje de goede kant op gaat”, zei analist en voormalig CIA-medewerker Stephen Slick tegen de New York Times.

Kosten escalatie te hoog

Van de Israëlische kant kwam harde taal. Netanyahu meldde dat Israël „Iran en zijn Syrische gastheer verantwoordelijk houdt” voor wat hij een „grove inbreuk op de Israëlische soevereiniteit” noemt. Na de gebeurtenissen van zaterdag sprak Netanyahu uitgebreid met de militaire staf. Israël heeft Iran al langer gedreigd met een oorlog die ook in Syrië zou kunnen worden uitgevochten.

Toch zegt ook Israël niet uit te zijn op een verdere escalatie. De kosten daarvan zouden hoog zijn, te meer omdat Israël niet op veel steun hoeft te rekenen. Ondanks de recente toenadering tussen Israël en staten als Saoedi-Arabië heeft Israël „geen bondgenoten in de regio tegen Iran”, zei de Israëlische ex-general Amos Gilad onlangs op een veiligheidsconferentie. „Ik zie niet dat Arabische staten Iran gaan aanvallen. Wel dat ze contact zoeken met Bashar al-Assad.”

De kans dat de vlam verder in de pan slaat lijkt voorlopig niet groot. Maar tegelijkertijd weten alle betrokkenen dat een nieuwe confrontatie nog altijd makkelijk uit de hand kan lopen, met alle gevaarlijke gevolgen van dien.

    • Jannie Schipper