‘Laten we ouderen het gevoel geven dat hun leven níet klaar is’

Gert-Jan Segers ChristenUnie-leider

Lokale CU-lijsttrekkers moeten plannen maken: hoe worden ouderen minder eenzaam? ‘Gezellig je oude matties ontmoeten.’

„D66 wil ook niet dat iemand een pil neemt, als hij ook op een andere manier geholpen kan worden.” Foto David van Dam

De moeder van Gert-Jan Segers, 76 jaar, is net verhuisd – van Lisse naar Moerkapelle. „Alle oude spullen zijn door haar handen gegaan”, zegt Segers, in zijn werkkamer op het Binnenhof. „Het was heel zwaar. Ze is losgetrokken van haar wortels.” Maar nu heeft ze een woning waar ze de trap niet op hoeft, bij een woonzorgcentrum dat ook maaltijden in de buurt verzorgt. En vooral: dicht bij haar dochter.

ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers noemt dat „het nieuwe ouder worden”: niet meer in grote tehuizen op kosten van de overheid, maar ook niet alléén leunend op familie en vrienden, met het risico dat je vereenzaamt en je het leven misschien niet meer ziet zitten.

Zijn moeder heeft geluk gehad, vindt Segers. Er zijn niet veel van zulke plekken, ze zijn nog duur ook. Segers ziet dat veel andere ouderen dagen alleen thuis zitten en het gevoel krijgen dat ze niets waard zijn. „Ze moeten”, vindt hij, „in een omgeving kunnen leven waar mensen naar hen omzien, waar ze met anderen eten of gewoon even gezellig oude matties kunnen ontmoeten.”

Voor de ChristenUnie wordt dit een van de belangrijkste thema’s in de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen. Segers roept zijn lokale lijsttrekkers op, in 170 gemeenten, om met eigen plannen komen waardoor ouderen een zinvoller leven kunnen krijgen. Zoals zijn Tweede Kamerfractie het zelf vorig jaar had bedacht met het manifest ‘waardig ouder worden’.

Dat was een reactie op het D66-plan voor een voltooid-levenwet voor ouderen die niet ziek zijn en hun leven toch willen beëindigen.

Segers wil dat gemeenten er alles aan doen om te voorkomen dat ouderen hun leven voltooid vinden.

Als minder ouderen dat vinden, kan de vraag naar een dodelijk middel ook afnemen.

De ChristenUnie heeft met dat idee succes. Het idee van waardig ouder worden kwam in het regeerakkoord, er is 180 miljoen euro voor, de voltooid-levenwet kwam er juist niet in. Er wordt eerst nog onderzocht welke groep mensen zo’n doodswens zou hebben en waarom.

Wat moeten gemeenten volgens u doen?

„Er moeten andere woonvormen komen. Het zou ook goed zijn als ouderen jonge mensen kunnen tegenkomen. Je hebt ook initiatieven als AutoMaatje in Barneveld. Mensen nemen ouderen mee in hun auto voor een uitstapje. Een welzijnsorganisatie bemiddelt, de ANWB host de website. Zo kan een opa toch naar de verjaardag van zijn kleinzoon. Fantastisch. Maar er is wel een beetje subsidie voor nodig.”

Het lijkt er vooral op dat u zich afzet tegen D66. Stel dat die partij het andersom doet: van de voltooid-levenwet het belangrijkste verkiezingsthema maken?

„Anders dan voltooid leven is ons idee wél een lokale verantwoordelijkheid. Voltooid leven is een ethische discussie. Dat zal, als het ooit tot een wetsvoorstel komt en een stemming, een landelijk besluit zijn. Nu er een onderzoek komt naar de achtergrond van mensen die hun leven voltooid vinden, hebben we extra tijd. Laten we die gebruiken om ervoor te zorgen dat mensen minder snel het gevoel krijgen dat hun leven klaar is. Het mooie is: daar is D66 het mee eens.”

Het doel is dus dat de extra tijd in jullie voordeel uitpakt en de voltooid-levenwet overbodig wordt?

„Ik hoop dat het uitpakt in het voordeel van ouderen. Dat ze niet eenzaam worden, want dat neemt extreme vormen aan. Dat ze over drie of vier jaar merken dat er een andere wind gaat waaien, ook lokaal. We weten al uit een promotieonderzoek dat zo’n voltooid-levenwens altijd meer lagen heeft. Dat het niet gaat om een oudere die autonoom in zijn stoel zit en zegt: ‘Ik wil er een eind aan maken, het is welletjes geweest.’ Vaak heeft het met ziekte te maken of sociale omstandigheden. Mijn oproep: laten we dáár wat aan doen. Iedereen steunt dat. D66 wil ook niet dat iemand een pil neemt, als hij ook op een andere manier geholpen kan worden.”

Als iedereen dit steunt, waarom zou de ChristenUnie dan met dit thema kiezers trekken?

„Je hebt een aanjager nodig, iemand die zegt: voorwaarts ermee. Dat zijn wij. Ik denk, in alle onbescheidenheid, dat wij de beste waarborg zijn voor een zorgvuldig ‘waardig ouder worden’-plan, ook omdat het idee in onze fractie is geboren.

Het zou mooi zijn als D66 zich ook lokaal aansluit. Hierin lopen onze belangen parallel. Het kan natuurlijk zijn dat D66 uiteindelijk alsnog zegt: hoe dan ook willen we een voltooid-levenwet. De initiatiefneemster, Pia Dijkstra, wekt sterk die indruk. Dan kan er een moment komen dat onze wegen uiteen gaan. Maar dat probeer ik zo lang mogelijk uit te stellen.”

Is dit een campagnethema waar uw kiezers op zitten te wachten? Is het belangrijker dan bijvoorbeeld vliegveld Lelystad, waar uw achterban zorgen over heeft?

„Lelystad is ook belangrijk. Dan gaat het over een overheid die moet luisteren. Er is veel argwaan. Tegelijk: omzien naar elkaar, dat is onze hartenklop. De kern van het evangelie, God liefhebben boven alles en je naasten als jezelf, daar proberen wij elke dag werk van te maken.”

Als zo’n plan voor ouderen na de verkiezingen niet in een college-akkoord komt, doet de ChristenUnie niet mee in het gemeentebestuur?

„Ik ga niet zeggen: het wordt een breekpunt in Leusden als ze daar het AutoMaatje uit Barneveld niet willen overnemen. Het is zoeken. Er moet worden samengewerkt met vrijwilligersorganisaties. Kerken kunnen ook een rol spelen, al wekt dat bij sommige mensen koudwatervrees. Alsof we zieltjes gaan winnen, ook al is dat niet zo. Ik hoop heel erg dat mensen bij ons als eerste een helpende hand zien en niet het opgeheven vingertje: gij zult geen euthanasie plegen.”

De ChristenUnie stelt zich in de Tweede Kamer vaak bescheiden op. Denkt u weleens: regeren kan mijn partij veranderen?

„Ik heb de neiging om ‘nee’ te zeggen, want ik ken onze mensen. Maar ik ben er wel altijd bang voor, ja. Ik zou het heel erg vinden als wij er minder bescheiden uitlopen dan we er in zijn gegaan. Dan heeft iets je vervormd. Ik ben de politiek ingegaan omdat ik voor de samenleving iets wil doen, niet voor de macht.”

Hoe voorkom je zo’n verandering?

„Door met de juiste vrouw getrouwd te zijn. Die soms tegen je zegt: ‘Gast, doe normaal. Nu gaan we het ergens anders over hebben.’”

En als regeringspartij?

„Door elkaar erop te wijzen. Als we op donderdag bij elkaar komen, de fractie en onze bewindslieden, doen we altijd een rondje wel en wee. Ik ben er ongelooflijk allergisch voor als mensen zich breed maken in een functie. Ik zou het verschrikkelijk vinden om dat bij ons te zien.”