NRC checkt:‘Nederlanders praten relatief vaker door concerten heen’

Dat schreef RTL Nieuws naar aanleiding van het ‘Lul-Niet-Lollie’-initiatief.

Sfeerbeeld bij het concert van De Vrienden van Amstel Live. Foto Levin en Paula / ANP

De aanleiding

Vorige week meldde RTL Nieuws op zijn site dat Nederlanders er zó om bekendstaan dat ze tijdens concerten door gevoelige liedjes heen kletsen „dat het ‘The Dutch Disease’ genoemd wordt onder muzikanten”. Aanleiding was het initiatief van het Haagse poppodium Paard om voortaan bij concerten gratis ‘Lul-Niet-Lollies’ uit te delen, als „vriendelijk gebaar of het ietsje stiller kan”. Het Paard noemt het „een veelgehoord, landelijk probleem”.

Waar is het op gebaseerd?

Voor de duidelijkheid: met ‘Dutch Disease’ wordt meestal een economisch verschijnsel bedoeld dat niets met pratende popconcertgangers te maken heeft. De eerste keer dat de term in Nederlandse media in verband werd gebracht met door concerten heen praten was in juni 2016, in Het Parool onder de kop ‘Wat is erop tegen om bij concerten gewoon je waffel te houden?’ Jon Heemsbergen, destijds werkzaam bij Amsterdams poppodium De Melkweg, zei daarin: „Het fenomeen schijnt vrij uniek te zijn voor Nederland en staat in het internationale bandcircuit ook wel bekend als The Dutch disease.” Aan de telefoon licht hij nu toe dat hij boekers van bands die term regelmatig heeft horen gebruiken. „Maar ik heb er geen bewijs voor dat het klopt. Het wordt ook met een bepaalde knipoog gezegd.”

En, klopt het?

Door concerten heen praten is zeker niet louter een Nederlands probleem. Zoek op internet ‘talking at concerts’ en je krijgt duizenden hits, naar artikelen met koppen als ‘Stop Talking at Concerts’ of ‘Why Can’t You Ever Shut Up During A Concert?’. Maar kletsen Nederlanders relatief méér? Volgens sommigen uit het popwereldje wel. Colette Hermans, een onafhankelijk promotor die vaak met buitenlandse acts werkt, waarschuwt er weleens voor. „Dan zeg ik, zeker tegen de wat meer ingetogen singer-songwriters, dat het Nederlandse publiek erom bekendstaat dat ze graag de week even doornemen tijdens concerten. Vaak weten acts het al.” En Dirk de Clippeleir, baas van Brussels poppodium Ancienne Belgique, is ervan overtuigd dat in Vlaanderen minder door concerten heen gesproken wordt dan in Nederland. „Het is een andere manier van concerten beleven.” Zangeres Anneke van Giersbergen, die over de hele wereld heeft opgetreden, bevestigt dat beeld.

Anderen zijn niet overtuigd. Ruud Lemmen, programmeur bij 013 in Tilburg, hoort alleen Nederlanders over die Hollandse ziekte. „Ik heb het nog nooit een internationale artiest of management horen benoemen.” Volgens Ron Euser, boeker bij Mojo voor onder meer Lowlands en Pinkpop, ligt het veel meer aan de artiest, of die concentratie afdwingt, dan aan het publiek. „Bij artiesten als Damien Rice, of laatst Iron & Wine, kon je echt een speld horen vallen. Als je het kán, dan is het publiek hier echt wel aandachtig.” Ook Paradiso-directeur Mark Minkman denkt niet dat het typisch Nederlands is. „Er zijn genoeg artiesten die hier stilte afdwingen.” En promotor Frank van Liempd, die vooral met metal-labels en bands werkt, hoort eerder dat Nederlanders te rustig zijn. „In Spanje of Mexico gaat het dak eraf.” Paradiso deelt overigens al jaren lolly’s uit, zegt Minkmans Paradiso-collega Jurry Oortwijn. „Bij de uitgang, zodat mensen rustiger de straat opgaan en rekening houden met de buren.”

Conclusie

Mensen uit het popwereldje verschillen van mening over de vraag of Nederlanders bovengemiddeld veel praten tijdens concerten. Belangrijker: er is niemand die het systematisch registreert of onderzoekt. Misschien blijft het idee van een Dutch Disease wel bestaan doordat mensen het erover hebben, waardoor anderen het denken te herkennen. We beoordelen de bewering als niet te checken.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt
    • Ellen de Bruin
    • Peter van der Ploeg