Foto David Edwards

‘We hebben ons nooit een gitaarband gevoeld’

Franz Ferdinand

Het nieuwe album ‘Always Ascending’ van de Schotse band Franz Ferdinand is een echt cross-overalbum, vol retro dance-invloeden. Dankzij twee nieuwe bandleden smelten gitaren met synths samen tot doordachte pop.

Met de lichtheid die een muzikant kan omgeven als een nieuw album af is, zit de Schotse zanger-gitarist Alex Kapranos (45) in een fauteuil bovenin de Amsterdam Tower. Zijn geblondeerde coupe heeft veel weg van een geforceerde verjongingskuur, maar de relaxedheid waarmee de dandy-achtige Kapranos zich in zijn zwart-witte colbertje presenteert, komt zeker over. De wedergeboorte van zijn band Franz Ferdinand is een gegeven.

Na het vertrek van bandlid van het eerste uur gitarist Nick McCarthy, heeft Franz Ferdinand zich opnieuw moeten uitvinden. Alex Kapranos, Bob Hardy en Paul Thomson trokken in zijn plaats maar liefst twee nieuwe bandleden aan: gitarist Dino Bardot en toetsenist Julian Corrie. De laatste vergezelt Kapranos deze middag ook bij het geven van interviews over hun nieuwe album.

Tussen de vorige van Franz Ferdinand Right Thoughts, Right Words, Right Action en deze nieuwe Always Ascending zit vijf jaar. Daartussen viel de geslaagde samenwerking met de Amerikaanse broers Sparks, onder de naam FFS, op. Als vijfmanschap heeft Franz Ferdinand nieuw elan. Dat viel afgelopen september in Paradiso Amsterdam al op. Naast hun oude hits speelden ze ook een voorproefje van het fonkelnieuwe album Always Ascending, ‘Huck and Jim’ en ‘Paper Cages’. Het catchy ‘Lazy Boy’ hinkelt rond de lastig dansbare 5/4 maat – bepaald niet lui om te spelen, is de ironie.

Franz Ferdinands muziek is nooit zonder idee – opwekkend, doordacht, gestileerd of dramatisch. Neem het titelnummer ‘Always Ascending’. Het is een liedje dat omhoog kruipt in zowel tekst als letterlijk in de akkoordenovergang. Dat lukt door het gebruik van de zogeheten ‘Shepardtoon’ op de achtergrond. „Het is een soort auditieve illusie”, zegt Kapranos. „De toon lijkt er continu iets hoger door te worden, eeuwig stijgend. Net als wat Escher deed in zijn werk, de trappen die almaar omhoog lijken te klimmen.”

Aartshertog van Oostenrijk

De start van de Britse rockband, die zijn naam afleidde van de aartshertog van Oostenrijk Franz Ferdinand, ligt al weer krap twintig jaar achter ons. Opgericht in 2001 brak de band door in 2004 met het opgewonden, inmiddels klassieke liedje ‘Take Me Out’. De band won met zijn debuutalbum meteen de Mercury Music Prize en het was het album van het jaar bij de NME Awards.

Postpunky, krachtige, slim gemaakte, melodieuze gitaarmuziek waarop je kon dansen, vooral de meisjes – dat werd het handelsmerk van Franz Ferdinand. Het leuke aan hun puntige muziek en snedige teksten – dikwijls intellectueel geïnspireerd door boeken, kunst en films – is de onverwachte twist die een groot effect sorteert. Een refrein dat net een tel eerder komt, of in een andere toonsoort is gezet. Het vervreemdende effect van een droefgeestig onderwerp dat haaks staat op vrolijke sound. Op hun platen kwamen en gingen de dance-invloeden, soms zeer tegen de zin van fans in, maar hun gitaren werden nooit helemaal aan de wilgen gehangen.

In 2014 begon het intern te rommelen bij Franz Ferdinand. Gitarist Nick worstelde al jaren met de combinatie van het tourleven en zijn vaderschap. „Voor veel musici kan toeren een geweldige vlucht van huis zijn”, weet Alex Kapranos, die zelf geen kinderen heeft. „Of het kan een vreselijke kwelling zijn, omdat je heimwee krijgt en veel liever thuis wilt zijn. Nicks uiteindelijke vertrek was voor ieder een opluchting.”

Evengoed was het maar de vraag hoe een band zich na een split herstelt. „Als een bandlid van het eerste uur vertrekt, heeft dat natuurlijk veel impact”, knikt Kapranos. „We moesten over fundamentele zaken nadenken: gaan we nog door of scheiden we er helemaal mee uit, zoals The Maccabees vorig jaar deden? En waaróm gaan we dan nog door? En zo ja, hoe dan? In welke vorm? Gaan we onszelf herhalen, nemen we de hitcatalogus nog eens door en gaan we op ons gemak gewoon de festivals af? Of ligt dat decennium achter ons en gaan we iets nieuws doen? Het was een behoorlijk confronterende keuze. We kozen het meest positieve scenario: dóór en vernieuwen.”

Nieuweling Julian Corrie, een zachtmoedige glunderende jonge kerel, is tot dan wat stil gebleven. Frontman Kapranos voert het hoogste woord, en wat is er voor Corrie te zeggen over vroeger. Dat hij werd uitgenodigd om de band te komen versterken was onwerkelijk, vertelt de toetsenist uit Glasgow, maar is snel ook „logisch” gaan voelen. Juist omdat hij is gevraagd om zijn eigen inbreng. „Waar Franz Ferdinand zeker geen behoefte aan had, was zomaar een sessiemuzikant die alles van ons goed kan naspelen”, onderstreept Kapranos. Als indieproducer en electromuzikant Miaoux Miaoux maakte Corrie al naam met subtiele, licht bubbelende dancemuziek waarin een synthesizergeluid uit de jaren tachtig en negentig domineert. „Een eigen muziekidentiteit. Dat vonden we zeer interessant.”

Dat een nieuw bandlid ook echt deel gaat uitmaken van een band is niet vanzelfsprekend. „Neem de band Interpol, we zijn goed met hen bevriend”, zegt Kapranos. „Toen zij voor dit probleem stonden, vormde het overgebleven drietal de basis en bleef ieder nieuw bandlid op de achtergrond. Letterlijk, ook op de foto’s.” Nee, schudt hij zijn hoofd en hij kijkt opzij naar Corrie. „Wij wilden dat iemand echt deel uit zou maken van de band. Een muzikant met een sterke persoonlijkheid en muzikale identiteit, die kon samenwerken en aanvullen. Want, eh…. we zijn nogal figuren. Dus je moet ons wel een beetje aankunnen, en ons creatief willen en kúnnen tegenspreken.”

„En humor hebben”, vult Julian Corrie aan. „Simpel, je moet gewoon ook echt kunnen lachen met elkaar. In Glasgow hebben we een speciaal soort droge humor die je nergens anders vindt. Dus we zijn gewoon veel naar de pub gegaan. Als je daar lang met elkaar rondhangt, weet je meteen of het klikt.”

Horizon

Met een hernieuwde band staat Franz Ferdinand weer aan de horizon, zegt Kapranos, refererend aan een liedje van de vorige plaat. Lacht: „Ik blijf dat een mooi beeld vinden. Het voelt bevrijdend niet te weten wat er komt. En we kunnen veel achter ons laten.”

Zoals wat dan, het idee van een gitaarband? „Grappig idee”, reageert hij meteen, quasi beledigd. „Maar we hebben ons nooit een gitaarband gevoeld of zo genoemd. Dat deden ánderen die rock als heilig beschouwen. Goed, ons tweede album was zeker meer rock, we werkten toen echt met een rockproducer. Maar synths hebben altijd op al onze albums geklonken. Op onze eerste single ‘Shopping for Blood’ nota bene al.”

Bijna een heel jaar woonde de band samen in Schotland. De leadzanger heeft een buitenhuis met een studio, op een uur rijden van Glasgow, „waar je uren geen mens hoeft tegen te komen, tenzij je de andere kant oploopt en zo in de pub zit”. „Meestal zaten we in de huiskamer rond de tafel te werken aan liedjes”, vertelt Julian Corrie. „Op een heel relaxte manier praatten we over liedjes, brachten ideeën in en werkten we aan songstructuren en teksten in de studio.” Producer Philippe Zdar, bekend van het Franse duo Cassius maar ook van opnames met de Beastie Boys, werd er al in een vroeg stadium bij betrokken. Het album is live ingespeeld.

Always Ascending is wat je noemt een echt cross-overalbum geworden. Typische Franz Ferdinand-elementen als fictionele teksten met terloops zware zinnetjes die aan het denken zetten, de wat sardonische humor en de muzikale paradoxen zijn gebleven. Ook de manieren om liedjes ineens te laten vonken en te doen opspringen zijn weer gevonden. Maar het zijn de retro dance-invloeden die nu het verschil maken. Franz Ferdinand omarmt het elektronische instrumentarium compleet, wat een ander er ook van vindt. Kapranos: „En dat gaan we live breed uitdragen. Om dit live uit te voeren voelt weer as such a buzz. We kunnen echt niet wachten op de shows.”

Always Ascending verschijnt 9/2 bij V2 Records. Franz Ferdinand speelt 3/3 TivoliVredenburg in Utrecht, 4/3 Oosterpoort in Groningen en op Down The Rabbit Hole.