Ongemak in NAVO bij Turkse inval

Turkse operatie in Noord-Syrië

De bondgenoten binnen de NAVO uiten voorzichtig hun zorgen over de Turkse operatie in Afrin. Want wat is het Turkse einddoel?

Soldaat zwaait met Turkse vlag in Bursayah, wat grenst aan het Koerdische Afrin. STR/AP Photo

Kijk dan tenminste uit dat je geen onschuldige burgers doodt, afgesproken? Met die bescheiden aansporing aan het adres van Turkije eindigde dinsdag in Brussel het speciale NAVO-overleg over de Turkse militaire operatie ‘Olijftak’ in de Syrische provincie Afrin. Wereldwijd is er veel kritiek op dit offensief tegen de Syrisch-Koerdische militie YPG. Daarbij zijn sinds de start op 20 januari ook tientallen burgerslachtoffers gevallen.

Ondanks de kritiek en het groeiende wantrouwen – mondt dit offensief uit in een Turkse bezettingsmacht in Syrië? – was de toon van het overleg volgens waarnemers „terughoudend en diplomatiek”.

Het was op aandringen van Nederland en Duitsland dat Turkije op de raad van NAVO-ambassadeurs uitleg kwam geven over de motieven voor de aanval. Nederland hoort tot de meest uitgesproken bezorgde landen.

Ons motief is zelfverdediging, zegt de Turkse regering, die YPG beschouwt als een terroristische organisatie die samenwerkt met de Turks-Koerdische beweging PKK. Volgens NAVO-bronnen was er na de ambassadeursraad begrip voor dat standpunt. „De NAVO erkent de legitimiteit van de zorgen van de Turken om de veiligheid in hun land.” Tegelijkertijd werd Ankara opgeroepen om „de proportionaliteit en doelmatigheid” van het offensief in de gaten te houden.

Lees ook: Stratego spelen in het noorden van Syrië, over Turkije dat dreigde Afrin aan te vallen en de dubbelrol van Rusland. Wie staat waar in het conflict?

Ongemak Berlijn, Parijs, Den Haag

Die vrijblijvende boodschap verhult het grote ongemak binnen de NAVO. Politiek ligt het gevoelig om NAVO-partner Turkije terecht te wijzen. Dat ondervond vorige week de Franse president Macron toen hij ‘Olijftak’ een ‘invasie’ noemde. Er volgde een boze reactie van de Turkse minister van Buitenlandse Zaken, Mevlut Cavusoglu: „Macron hoeft ons de les niet te lezen.” De minister verwees daarbij naar eerdere Franse militaire interventies in Afrikaanse landen. Meteen bond Macron in. Parijs hield het bij een oproep aan Turkije om „de operatie te coördineren met de NAVO-bondgenoten”.

Ook Duitsland nam diplomatiek gas terug. Minister Gabriel (Buitenlandse Zaken) eiste eerst een NAVO-raad op ministersniveau in plaats van het uit te besteden aan de ambassadeurs. Gabriel voelde zich daartoe geroepen na de commotie in eigen land over de Turkse inzet van Duitse Leopard-tanks in Afrin. In de jaren negentig nam Turkije die tanks over van Duitsland. Maar Gabriel haalde bakzeil, onder druk van de bondgenoten.

Het Nederlandse aandringen om de Turken bij de NAVO op het matje te roepen houdt verband met de kritiek, vorige week, in de Tweede Kamer op minister Zijlstra (Buitenlandse Zaken, VVD). De Kamer vroeg een veel steviger houding. Maar sinds maandag heeft Zijlstra er een probleem bij nu hij zijn ambassadeur in Ankara heeft teruggetrokken. Tegen die achtergrond komt een extra botsing, over Afrin, ongelegen.

Met het grondoffensief tegen Koerdische militie YPG dreigt voor Turkije een confrontatie met NAVO-bondgenoot Amerika, schreef correspondent Toon Beemsterboer in januari.

‘Een duivels dilemma’

„Een klungelige balanceeract” noemt The Washington Post de terughoudendheid van de Amerikaanse regering in het dossier. De VS werken nauw samen met de Syrisch-Koerdische YPG in de strijd tegen Islamitische Staat in Syrië. Om de YPG nu op verzoek van Turkije te laten vallen is geen optie. Balanceren dus: de VS zullen YPG blijvende steun beloven én begrip tonen voor de Turkse bezorgdheid.

„Een duivels dilemma”, zegt PVDA’er Kati Piri, Turkije-rapporteur in het Europees parlement (EP). „We moeten allemaal gissen naar het einddoel van de Turken. En we worden bestookt met propaganda uit YPG-kamp en uit het Turkse kamp.”

Donderdag stemt het EP over een resolutie tegen de schending van mensenrechten in Turkije. Piri: ,,Het is een aanklacht tegen de golf van arrestaties van Turken die kritiek hebben op het Afrin-offensief.” In totaal zijn volgens Turkije 449 mensen gearresteerd om „het verspreiden van terroristische propaganda” over Afrin. Ook zijn 124 betogers opgepakt.