Opinie

    • Menno Tamminga

Is het bedrijfsleven wat te machtig geworden?

Schaalvergroting. Concurrentie. Alles overheersende ondernemingen. Waar hebben consumenten, werknemers en onze welvaart baat bij? Moet Nederland marktwerking voortzetten, of misschien wel verruimen? Of is er juist meer politieke ordening in de economie nodig? Politici zijn zoekende. De Tweede Kamer hield afgelopen week maar liefst vier hoorzittingen over de economie. Over fusies van ziekenhuizen. Over het spoor. Over internet- en technologiebedrijven. En over aardgaswinning in Groningen. Nog meer is op komst. De toekomst van de postmarkt. De flexibilisering van de arbeidsmarkt.

De Kamer hoorde over totaal verschillende bedrijfstakken. Totaal verschillende diensten. Publiek (gezondheidszorg). Privaat, maar met een hoog openbaar nutskarakter (spoor, energie). Soms is het gratis (Google, Facebook), soms betaal je maar een fractie van de werkelijke kosten (ziekenhuisopname), soms de volle mep (gas, treinkaartje).

De rode draad in de hoorzittingen is de vraag: zijn bedrijven op de golven van liberalisering, privatisering en uitbesteding van overheidsdiensten wat te machtig geworden?

In het gasdebat waren de vragen doordrenkt van scepsis en wantrouwen over de rol en macht van de NAM en diens eigenaren Shell Nederland en ExxonMobil. Google en Facebook relativeerden hun dominantie, zoals machthebbers doorgaans de betrekkelijkheid van hun eigen macht beschrijven (‘het is hooguit invloed’).

In de hoorzitting over hun fusie zaten de twee academische ziekenhuizen in Amsterdam, VUmc en AMC, in de beklaagdenbank. Vanuit de wetenschap en sommige zorgverzekeraars wordt het nut van zo’n schaalvergroting betwijfeld of worden fusies zelfs afgeraden. Maar de externe toezichthouders in de zorg lieten weten dat ze er niks aan konden doen, als ze dat al zouden willen. In de zorg is dat niet één toezichthouder, niet twee, nee, ze zijn met drie. Het is de vraag of intensiever toezicht, dat nog weleens als de remedie wordt aangedragen tegen schaalvergroting en fusies, echt iets bijdraagt.

Lees ook dit verslag uit Davos hoe overheden de ongewenste macht van techreuzen kunnen aanpakken

Verrassend waren de meningen van consumentenvertegenwoordigers. De landelijke Patiëntenfederatie heeft „grote twijfels over de meerwaarde van zorgfusies”, maar de cliëntenraad van het VUmc noemde de fusie „zonder meer in het belang van de zorgvrager”.

In de hoorzitting over de dominantie van de technologiebedrijven zat geen consumentenwoordvoerder. Er is kennelijk geen landelijk gebruikersplatform. Althans… dat is er wel. Het heet Google. Of Facebook. Gebruikers voeren daar geen overleg, zoals op het spoor of in de zorg, maar stemmen met de voeten, zoals dat heet. Ze stoppen het platform te gebruiken.

Op het spoor is reizigersorganisatie Rover zeer te spreken over de aanbesteding van stoptreinen, die nu op grote schaal worden gereden door buitenlandse vervoerders die (gedeeltelijk) in handen zijn van buitenlandse overheden. De NS en vakbond FNV Spoor krijgen het echter spaans benauwd dat die regionale vervoerders verder groeien. In het regeerakkoord staat dat de NS in 2025 zijn exclusieve rechten op het hoofdrailnet kan verliezen. Dan dreigt op het spoor versnippering. Daar hebben de Britten, die het spoor eerder vergaand hebben geliberaliseerd, juist last van. Leerzaam.

Maar die mogelijke versnippering op het spoor maakt ook duidelijk hoe diepgaand de verschillen zijn tussen sectoren. Ziekenhuizen zijn juist in de ban van schaalvergroting. Die tegenstelling onderstreept dat praktische , zo niet opportunistische oplossingen te verkiezen zijn. Geen politieke eenheidsworst pro of contra marktwerking en liberalisering.

Menno Tamminga schrijft op deze plaats elke dinsdag over ondernemingsbeleid en economie.
    • Menno Tamminga