Angst voor oververhitting treft beurzen

Financiële markten Een gunstig banenrapport in de VS maakt beleggers toch onrustig. Automatische beurshandel kent zijn eigen dynamiek.

Handelsvloer in Beijing deze dinsdag.

De Europese beurzen zijn deze dinsdag scherp lager geopend na een forse koersval op Wall Street maandagavond. Daar verloor de Dow Jones-index 4,6 procent, terwijl de S&P-500 index 4,1 procent prijsgaf. De Amsterdamse AEX-index opende 3,7 procent lager, na gisteren al 1,35 procent lager te zijn gesloten.

Ook in de rest van Europa was de stemming slecht, met soortgelijke verliezen in Frankfurt en Parijs. In Japan verloor de Nikkei-index eerder 4,7 procent en in HongKong eindigde de Hang Seng 5,5 procent in de min.

Directe aanleiding voor de snelle koersdalingen lijkt het nieuws van vrijdag dat de Amerikaanse arbeidsmarkt zó sterk aantrekt dat de lonen er, met 2,9 procent, het hardste gestegen zijn sinds het begin van de financiële crisis. Dat is economisch goed nieuws, maar beleggers worden er toch onrustig van. Het wakkert in de Verenigde Staten de zorg om inflatie aan en versterkt de verwachting dat de centrale bank, de Federal Reserve, zijn rente wellicht sneller en forser zal opschroeven dan gedacht. De lage rente was de voorbije jaren een van de belangrijkste aanjagers van de almaar stijgende beurzen.

Lees ook deze vooruitblikkende analyse van NRC-redacteur Maarten Schinkel: ‘Amerika eerst’ raakt nu ook beurzen

Nadat het banenrapport vrijdag uitkwam, gingen Amerikaanse aandelen al met 2,5 procent onderuit. Maandag kwam daar nog eens een verlies van 4,6 procent bij. Hoewel dat in punten (1.175) de grootste daling in de geschiedenis was, is het percentueel slechts de op 32 na grootste.

De S&P 500-index, met de grootste fondsen aan de Amerikaanse beurs, staat nu 7,8 procent lager dan op de laatste piek, op 26 januari. Op Wall Street geldt dat nog niet helemaal als ‘correctie’: dan moet de beurs 10 procent of meer zijn ingezakt. Zo’n correctie was er bijvoorbeeld eind 2015 en begin 2016. Zorgen over de Chinese economie waren toen de aanleiding, maar onderliggend sluimerde toen, net als nu, het gevoel dat de beurzen overgewaardeerd raakten.

Computersystemen

De grote vraag is of wat er nu gebeurt méér is dan een tijdelijke aanpassing. Het antwoord daarop hangt niet alleen af van handelaren, maar ook van hun computersystemen, die steeds meer hun eigen dynamiek genereren. Die systemen nemen koop- en verkoopbeslissingen op basis van variabelen die ooit zijn ingevoerd, maar die weinigen zich nog herinneren als de beurs inzakt. Maandag kelderde de Dow Jones-index in minder dan een uur maar liefst 1.000 punten, ofwel bijna 4 procent. Reden voor persbureau Bloomberg om te vermoeden dat ‘niets wat ademt’ hier verantwoordelijk voor was.

Complicerende factor is de obligatiemarkt. Daar steeg de afgelopen tijd de effectieve rente op Amerikaanse staatsleningen. Dat komt niet alleen omdat de inflatie stijgt, waardoor leningen minder waard worden. De rente op de leningen is omgekeerd evenredig aan de koers. Ook het belastingplan van president Trump speelt een rol. Het plan vergroot het Amerikaanse begrotingstekort. De Amerikaanse staat moet dit jaar tegen de 1.000 miljard dollar aan nieuwe leningen zien binnen te halen. Omdat er meer leningen op de markt komen, drukt dit de prijs ervan.

Eerste werkdag nieuwe Fed-baas

De roerige maandag in de VS was óók de eerste werkdag van Jay Powell, de nieuwe baas van de Federal Reserve, die door president Trump werd benoemd. Net nu de beurzen in het rood staan, staat niet langer zijn vertrouwde Janet Yellen aan het roer van de Fed. In een videoboodschap die van tevoren was opgenomen, zei Powell dat de Fed „waakzaam” zal blijven. De grote vraag is of hij in maart, bij de volgende Fed-vergadering, de rente zal verhogen.

In de loop van dinsdagochtend was het beeld wat beter. De koersen in Europa herstelden zich enigszins. De Amerikaanse termijnmarkt in aandelen gaf dinsdagochtend aan dat er geen verdere verliezen te verwachten waren.

    • Mark Beunderman
    • Maarten Schinkel