Recensie

Pepijn Schoneveld sterk met publiek

Recensie

Als Pepijn Schoneveld het publiek een vraag stelt of even iemand op de eerste rij aanspreekt, leidt dat eigenlijk altijd tot een grappige situatie.

Pepijn Schoneveld (‘Peppi’ voor intimi) maakt geen testosteron aan, slikt antidepressiva voor zijn angsten, heeft een vriendin die vreemdging maar hem toch nog graag oraal bevredigt en een stoere vader die niet goed kon omgaan met zijn vroegtijdige dood. Materiaal genoeg voor ten minste vijf voorstellingen. Schoneveld doet alle onderwerpen in één avond, maar zonder er een echt uit te diepen.

Schoneveld, die in 2012 in de finale van het Leids Cabaret Festival stond, maakt persoonlijk cabaret, dat nooit therapeutisch wordt omdat hij persoonlijke ontboezemingen combineert met gekke gedachtesprongen. Op de beste momenten heeft zijn eerlijkheid een tragikomisch effect, bijvoorbeeld wanneer hij als hypochonder zijn zoveelste doktersbezoek beschrijft („Is het anuskanker?”).

Maar op veel momenten blijft zijn vierde programma Stante Pede te oppervlakkig. Schoneveld probeert een vervreemdend personage neer te zetten, maar zijn gedachtekronkels over vrouwen die in de put zitten of orale seks in ruil voor een massage zijn te voorspelbaar.

Als hij dan eens een boeiend onderwerp te pakken heeft, werkt hij het niet goed uit. Zo zegt Schoneveld het taboe op antidepressiva te willen doorbreken, maar komt hij niet verder dan het uitrollen van een lange bijsluiter en het opsommen van een paar bijwerkingen.

Toch is Stante Pede amusante. Dat komt vooral door Schonevelds sterke timing en soepele publieksinteractie. Als hij het publiek een vraag stelt of even iemand op de eerste rij aanspreekt, leidt dat eigenlijk altijd tot een grappige situatie. Op de première werd hij daarbij geholpen door een iets te openhartige vrouw op rij 2 en een man op rij 1 die zijn wc-bezoek wel erg slecht timede. Op zulke momenten komt Schoneveld scherp uit de hoek en laat hij zien een talentvolle comedian te zijn.

    • Dick Zijp