Het OM wil af van de Holleeder-mythe

Proces-Holleeder

Deze maandag begon in Amsterdam-Osdorp de vierde grote strafzaak tegen Willem Holleeder. Hij zou levenslang kunnen krijgen.

Holleeder verlaat de rechtbank met zijn advocaat. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

„Goedemorgen meneer Holleeder, ik stel nog een keer vast wie u bent.” Rechter Frank Wieland begroet Willem Holleeder zoals hij dat de afgelopen drie jaar altijd heeft gedaan: „U bent Willem Frederik Holleeder, geboren op 29 mei 1958 in Amsterdam. U kent de agenda en weet dat u niet hoeft te antwoorden op vragen.”

Holleeder kent het ritueel. De verdachte, bijgenaamd ‘De Neus’, zit al sinds zijn arrestatie, medio december 2014, in voorarrest. Dit is de vierde grote strafzaak die hij meemaakt in zijn leven. Hij is vervolgd en veroordeeld voor de Heinekenontvoering, voor de afpersing van vier zakenmannen, onder wie Wim Endstra, en voor bedreiging van misdaadverslaggever Peter R. de Vries.

Holleeder – zwarte trui met daaronder een overhemd – staat tussen zijn advocaten als de gordijnen voor de ramen van de met glas afgeschermde zaal opengaan. Hij fluistert even wat in het oor van advocaten Sander Janssen en Robert Malewicz. Aan hen de taak om Holleeder te verdedigen tegen een meer dan stevige aanklacht.

Al sinds het voorjaar van 2016 verblijft Holleeder, die dit voorjaar zestig wordt, in totale isolatie in de extra-beveiligde gevangenis in Vught. De afgelopen periode heeft het Openbaar Ministerie de verklaringen van Holleeder onderzocht over zijn leven in de misdaad sinds de Heinekenontvoering in 1983. „De vraag is of Holleeder de waarheid spreekt, of de waarheid naar zijn hand zet”, aldus officier van justitie Sabine Tammes.

Het Openbaar Ministerie verdenkt Holleeder van betrokkenheid bij vijf moorden, één poging tot moord en één doodslag, gepleegd tussen 2002 en 2006. Holleeder hangt levenslang boven het hoofd. De zaak wordt behandeld in de extra beveiligde rechtbank in Amsterdam-Osdorp. „De vraag is of de nabestaanden van de slachtoffers te weten komen waarom hun geliefden zijn omgekomen”, zei Tammes maandagochtend.

In Osdorp is in 2007 ook de zaak behandeld voor afpersing van onder anderen vastgoedbaron Wim Endstra en pandjesbaas Kees Houtman, waarvoor Holleeder werd veroordeeld tot negen jaar cel. Deze twee mannen heeft Holleeder volgens justitie laten vermoorden. In juridisch jargon: uitlokking tot moord.

In de strafzaak tegen een aantal andere verdachten van de moord op Houtman concludeerde het gerechtshof in Amsterdam dat Holleeder lid is geweest van de criminele organisatie die de moord op Houtman heeft uitgelokt en uitgevoerd. Het komt zelden voor dat een hof zich zo uitspreekt over een verdachte die in een aparte zaak wordt berecht.

Het Openbaar Ministerie (OM) stelt dat Holleeder in de periode na zijn vrijlating, in 2012, zelf nadrukkelijk de publiciteit heeft gezocht. Volgens Tammes heeft Holleeder met alle publiciteit een ander beeld van zichzelf proberen te scheppen. „Het moet hier in de rechtszaal ook gaan om demythologisering van de persoon Holleeder.”

Het OM betreurt dat ook de zussen Astrid en Sonja Holleeder nadrukkelijk de publiciteit hebben gezocht. Maar volgens Tammes doet dat niet af aan de waarde van de verklaringen.

Bij het ter perse gaan van deze krant was de verdediging van Holleeder nog niet aan het woord geweest.