‘Ik ben tegen dit communistische team’

Pyeongchang 2018

De ijshockeyvrouwen van Zuid-Korea krijgen tijdens de Winterspelen aanvulling van een aantal speelsters uit Noord-Korea.

Zuid-Koreaanse toeschouwers protesteren in Incheon met vlaggetjes tegen het gemengde ijshockeyteam met speelsters uit zowel Noord- als Zuid-Korea. Foto Kim Doo-ho/AFP

„Kim Jong-un is een verrader!” In de ijzige kou staat een man of vijftig op deze zondagavond buiten het ijshockeystadion in Incheon luidkeels te demonstreren. Er wordt met Zuid-Koreaanse vlaggetjes gezwaaid en sommige demonstranten houden borden omhoog met foto’s van de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un met een rood kruis door zijn gezicht. In het stadion is het oefenduel bezig tussen het Zweedse vrouwenteam en het team dat uit Noord- en Zuid-Koreaanse speelsters bestaat.

Het gezamenlijke team, waartoe beide Korea’s eind december besloten, zorgde in Zuid-Korea voor ophef. Fans vinden het oneerlijk dat speelsters die hard hebben getraind, nu opzij geschoven worden voor Noord-Koreaanse speelsters. Een petitie tegen het gemengde team kreeg tienduizenden handtekeningen.

Vooral ouderen zijn boos

De oudere generatie, die de Koreaanse Oorlog nog heeft meegemaakt, is er vooral boos over. Zoals de 64-jarige Choi Do-chang, die buiten het stadion staat te protesteren. „Ik ben niet tegen de Winterspelen, maar wel tegen dit hockeyteam, dat nu een communistisch team wordt met Noord-Korea erin. De Spelen gaan om sport, dit team is niet in de geest daarvan.”

Maar niet iedereen is tegen. Kim Daseul (29) staat buiten met een groepje jongeren, die allemaal gekleed zijn in rode jassen met daarop ‘Red Angels’. Ze zijn fans van de Zuid-Koreaanse sporters, zegt Daseul, die een entertainmentbedrijf runt. „Wij zijn heel blij en opgewonden over dit team. Ik denk dat het een mooie kans is om op een vreedzame manier met Noord-Korea samen te werken.”

In het stadion was het een eensgezind vertoon van de fans die van tijd tot tijd ‘We zijn één!’ schreeuwden. Of de speelsters zelf last hadden van de controverse, daar laten ze zich niet over uit. Wel spreekt een van hen over een taalprobleem. Door de scheiding van Noord- en Zuid-Korea spreken de mensen inmiddels een heel andere variant van het Koreaans. „Er waren moeilijkheden op het ijs om elkaar te begrijpen. Maar het gaat steeds beter.”

Sarah Murray, de Amerikaanse coach van Zuid-Korea, voegt daaraan toe: „We zitten met drie talen aan tafel, waardoor onze teambesprekingen drie keer zo lang duren.” In recente interviews verborg ze nauwelijks haar ongenoegen over het gebruik van haar team voor „politieke doeleinden”. Er schemert onderhuidse onvrede door. „Het is moeilijk tegen spelers, met wie je heel lang getraind hebt, die je klaarstoomt, zo kort voor de Spelen te moeten vertellen dat ze niet mee kunnen spelen. Maar ik heb er niet veel invloed op.”

Over eventuele medaillekansen tempert Murray de verwachtingen: „We hadden anderhalve week om dit team voor te bereiden. Vier jaar geleden mochten we al blij zijn dat we de Spelen haalden, ons doel nu is niet om een medaille te halen, maar vooral om ons spelniveau te verbeteren.”

Toch deelt ze een complimentje uit aan de Noord-Koreanen: „Het moet voor hen ook niet makkelijk zijn ineens te zijn toegevoegd aan ons team en onze systemen te moeten leren. Maar ze pikken het snel op, werken hard en ik ben onder de indruk van hoe ze vanavond hebben gespeeld.”

Murray zei eerder dat bij elk duel tijdens de Spelen drie van de 22 speelsters Noord-Koreaans zullen zijn.” De Noord-Koreaanse speelsters en hun coach waren tevreden over het resultaat, 3-1 winst. Maar de tentoongespreide eensgezindheid betekent nog niet dat alle speelsters in Pyeongchang samen zullen slapen. Murray: „In een ideale wereld zouden we in dezelfde accommodatie zitten, want we spelen samen en zitten in een team. Maar de Noord-Koreaanse speelsters zullen in een eigen gebouw zitten. Dus daar hebben we mee te dealen.”