Ook zonder basisbeurs stijgt het aantal studenten

Hoger onderwijs

Het hoger onderwijs is nog steeds populair. De roep om technici en zorgpersoneel wordt gehoord: ook in die sectoren stijgen de aantallen.

Stijging alom aan hogescholen: meer eerstejaars, meer studenten, meer diploma’s

Het aantal ingeschreven studenten in het hoger onderwijs is in 2017 met sprongen gestegen. Dat blijkt uit cijfers van Vereniging Hogescholen en de Vereniging van Universiteiten (VSNU), die donderdag bekend werden.

Met 4,5 procent meer studenten dan in 2016 groeiden de universiteiten net als afgelopen jaren het hardst. Ze hebben nu samen 276.700 ingeschreven studenten. Bij de hogescholen nam het aantal ingeschreven studenten met 1,4 procent toe tot ruim 453.000. Ook het aantal afgestudeerden op hogescholen steeg, met 3,9 procent. Er zijn nu 11 procent meer eerstejaars aan de universiteiten en 5,5 procent meer eerstejaars aan de hogescholen dan in schooljaar 2016-2017. Daarmee is ook bij de hogescholen het dal in inschrijvingen van 2015, na de afschaffing van de basisbeurs, grotendeels weg.

Ondanks de gestegen studiekosten blijft hoger onderwijs een goede investering voor jongeren. Volgens cijfers van het CBS hebben afgestudeerden gemiddeld een hoger inkomen en een grotere kans op een baan.

Meer stapelen

Opleidingen worden vaker ‘gestapeld’: 20 procent meer studenten aan de universiteit komt van het hbo. Ook stromen meer mbo’ers door naar het hbo. De roep om technici en zorgpersoneel wordt gehoord: het aantal eerstejaars techniek steeg aan de universiteiten (6 procent) en aan de hogescholen (7 procent). Zo’n 20 procent van de hogeschoolstudenten volgt nu bèta-techniek. Het aantal eerstejaars gezondheidszorg steeg met 9 procent. Het aantal eerstejaars voor onderwijs steeg nauwelijks.

Omdat de rijksbijdrage voor de opleidingen geen gelijke tred houdt met het grotere aantal studenten, blijft wel minder geld voor de studenten over. Bij het hbo zakt volgens ramingen de rijksbijdrage licht. Die gaat van de studentenaantallen van twee jaar eerder uit.

Spanning

Aan de universiteit wordt de spanning tussen groei van het aantal studenten en de bekostiging het grootst. Anders dan vorig jaar komt de groei vooral door Nederlandse studenten. Met Europese studenten erbij komt de toename neer op bijna 4 procent. Voor studenten van buiten de EU hoeft de overheid niets bij te leggen, want zij betalen de volledige kosten van de opleiding zelf. Bijna 16 procent van de universitaire studenten komt uit het buitenland. Voor hogescholen zijn de financiën onvoorspelbaar omdat bijna de gehele rijksbijdrage van studentenaantallen afhankelijk is.