Nabestaanden houden laatste woord over orgaandonatie

Donnorregistratie Pia Dijkstra probeert haar streven naar meer geregistreerde donoren te redden met een concessie aan ongeruste senatoren.

Pia Dijkstra van D66 Foto Frank van Beek/ANP

De wil van nabestaanden blijft altijd „doorslaggevend” in de beslissing of iemand die plotseling overlijdt orgaandonor wordt. Met die belofte hoopt Tweede Kamerlid Pia Dijkstra (D66) de senaat te overtuigen van de initiatiefwet waarmee ze het systeem van donorregistratie wil veranderen. Dijkstra deed de toezegging vrijdag in een brief aan de Eerste Kamer. Die had dinsdag in een fel debat over de donorwet gevraagd zwart-op-wit helderheid te krijgen over de positie van nabestaanden.

Dijkstra wil het systeem van orgaandonatie in Nederland omdraaien. Wie zich niet voor of tegen donatie registreert, heeft straks automatisch ‘geen bezwaar’ tegen het gebruik van de eigen organen bij overlijden. Nu zijn mensen in principe geen donor, tenzij ze zichzelf aanmelden. De praktijk is dat de ruime meerderheid van de Nederlandse volwassenen nu niets registreert, waardoor transplantaties afhankelijk zijn van toestemming van nabestaanden. Die weten vaak niet wat hun geliefde gewild zou hebben en beslissen meestal negatief.

Dijkstra wil met de invoering van de categorie ‘geen bezwaar’ forceren dat meer mensen bewust hun keuze aangeven en dit ook met hun familie bespreken. Met meer registraties zou voorkomen kunnen worden dat, zoals nu, ruim 140 mensen per jaar sterven terwijl zij op de wachtlijst staan voor bijvoorbeeld een nier of hart.

Senatoren van verschillende partijen vreesden dat, bij mensen die zich desondanks niet registreren, tegen de wil van nabestaanden organen zouden worden weggenomen. De brief van Dijkstra probeert ze wat dat betreft gerust te stellen. Zowel bij ‘geen bezwaar’ als bij een ‘ja’-registratie kunnen nabestaanden bij de arts bezwaar maken. Zij hebben, schrijft Dijksma, „dus het laatste woord”.

Lees ook: ‘Nepnieuws’ over hersendood vervuilt donordebat

Met deze toezegging maakt het D66-Kamerlid haar wet echter ook kwetsbaar. Als het eindoordeel in praktijk aan de nabestaanden blijft, verliest de wet aan kracht om mensen te motiveren voor hun dood zelf een keuze te maken.

De angst dat anders buiten de wil van de familie wordt besloten organen uit te nemen, blijkt onterecht. Dijkstra wil de nabestaanden dan ook „geen formeel vetorecht” geven. Waar de arts in een gesprek met verdrietige familie nu vraagt om toestemming voor orgaantransplantatie, zal deze straks melden dat de persoon die overlijdt geen bezwaar had of zelfs orgaandonor wilde zijn. Hiermee, „is het startpunt van het gesprek anders”, laat Dijkstra via een woordvoerder weten. Nabestaanden „hoeven alleen nog maar in te stemmen als ze vinden dat de keuze inderdaad past bij hun dierbare, ze hoeven de keuze niet te maken. Dit is een wezenlijk verschil”.

In de wet zelf heeft Dijkstra geformuleerd dat nabestaanden in het geval van geen bezwaar ‘aannemelijk’ moeten maken dat de persoon in kwestie geen donor had willen zijn. In haar brief van vrijdag voegt ze toe dat het tot de „professionele autonomie van de arts” behoort om ook eventuele persoonlijke „bezwaren van de nabestaanden te laten prevaleren”.

Buiten de senaat is de brief ook een handreiking naar artsen. Artsenfederatie KNMG schreef eerder deze week nog een zeer kritische brief over het wetsvoorstel: de onduidelijkheid over de positie van nabestaanden zou tot wrevel kunnen leiden in gesprekken tussen artsen en nabestaanden. De politiek, vond de KNMG, moest deze fundamentele vraag niet overlaten aan de medische praktijk.

De beroepsvereniging van intensive care-artsen, die het vaakst te maken krijgen met orgaandonatie, vond dat overdreven. Zij zouden ook in de toekomst nooit zonder toestemming van nabestaanden organen uitnemen, hadden zij senatoren in een deskundigenbijeenkomst al verteld.

Ook hier schippert Dijkstra: aan beide beroepsverenigingen wordt tegemoet gekomen. Er is een duidelijke politieke lijn én de arts besluit uiteindelijk met de nabestaanden of iemand als donor in aanmerking komt.

Senator Frank de Grave (VVD), wiens fractie verdeeld is, ziet in de brief van Dijkstra een bevestiging van hoe de praktijk volgens hem zou moeten zijn. Wel betekent dit, zegt hij, dat de wet „een bescheiden wijziging” van de praktijk is.

De woordvoerders Zorg van andere fracties die verdeeld zullen stemmen en waar senatoren nog twijfelen – CDA, PvdA en 50Plus – waren vrijdag niet bereikbaar voor een reactie. Elk Eerste Kamerlid kan doorslaggevend zijn bij de stemming op 13 februari.

    • Enzo van Steenbergen
    • Emilie van Outeren