Hoe de stilte verdween uit Leonardo’s paradijs

In The Beach (2000) kan de jonge Leonardo DiCaprio zijn ogen niet geloven als hij aankomt op het Thaise eilandje Koh Phi Phi Leh. Hij laat zich vallen in het maagdelijke zand en kijkt naar het wonderschone uitzicht: turquoise water, donkere rotsen met daarachter een bos van palmbomen. In de film leeft hij op het eiland samen met een groep andere reizigers. Ze leven een vrij leven, halen hun eten uit de zee, zoenen met elkaar in verschillende samenstellingen en roddelen over elkaar bij het kampvuur. Ze zijn de enigen die op het eiland wonen, verder is er niemand.

Dat is wel veranderd nadat de film zeventien jaar geleden wereldwijd in bioscopen te zien is geweest. De stilte van het paradijs van DiCaprio is er nu moeilijk voor te stellen.

Tanakorn Jaidee (37) was 19 toen hij als kapitein voer tussen Koh Phi Phi en Koh Phi Phi Leh, de twee eilanden voor de kust van Krabi. Het eerste een stuk groter en bewoond, het tweede klein en onbewoond. Elke dag voer hij naar Koh Phi Phi Leh, naar Maya Beach. Het eiland werd al bezocht door toeristen voor The Beach, zegt hij. Maar sinds de film is het een gekkenhuis. „Crazy busy.

Het strand is zo’n 200 meter lang en in het hoogseizoen, van november tot maart, zetten dagelijks duizenden toeristen hier voet aan land. Ferries, speedbootjes en traditionele houten langstaartboten komen vanuit Koh Phi Phi, Krabi en Phuket. „Er waren dagen dat er nergens plek was om aan te leggen. Dan moesten we uren wachten voor we het strand op konden.” Verschillende bedrijfjes bieden The Beach Tours aan. Dagtripjes, want er mag niet worden overnacht op het eiland – regel van de regering. Een tripje kost zo’n 30 euro; een Engels-sprekende gids vaart je naar Koh Phi Phi Leh, er is tijd om te zonnen en foto’s te maken op Maya Beach, of te snorkelen in het water. Kleine kans dat je er de cannabisplantage van Leonardo’s woongroep vindt.

    • Carlijn Vis