Still uit Phantom Thread, met boven Daniel Day-Lewis als Reynolds Woodcock

Laurie Sparham/Focus Features

‘Gif pept elke film op’

Regisseur Paul Thomas Anderson De nieuwste film van regisseur Paul Thomas Anderson, Phantom Thread, gaat over de mode-industrie in het naoorlogse Londen. ‘Een vruchtbare bodem voor een duistere romance.’

Londen, haute couture, jaren vijftig. Waarom? De Amerikaanse regisseur Paul Thomas Anderson (47) rolt zijn lichtgrijze ogen richting plafond. Ogen die gemakkelijk sprankelen en priemen – of getergd wegrollen: „Ja zeg, waarom niet? Voor mij ging een totaal onbekende wereld open. Er zijn genoeg films over Coco Chanel en Yves Saint Laurent en de grote Parijse modehuizen. Maar dit zeer specifieke milieu van Londense modehuizen in een periode dat de naoorlogse soberheid op zijn eind liep, en voor Swinging London ze wegvaagde? Conservatief maar van hoog niveau, en doordrenkt met al die regeltjes van de Britse klassenmaatschappij. Het is een weelderig decor toch? Vol prachtige kostuums, stijlvolle meubels, doorleefde huizen. Een vruchtbare bodem voor een duistere romance, dacht ik. Hoe meer ik erover las, hoe gefascineerder ik raakte.”

Vrijdagavond wipte Anderson aan bij het Internationaal Film Festival Rotterdam voor een vertoning van Phantom Thread, live begeleid door het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Zes Oscarnominaties kreeg hij voor deze verknipte romance tussen de jonge Alma (Vicky Krieps) en Reynolds Woodcock (Daniel Day-Lewis). Een morbide film, die juist daarom vederlichte filmmuziek nodig had, zegt Anderson. Zijn vaste componist, Radioheads’ Jonny Greenwood, vermeed atonaal en somber. „De muziek moest Engels klinken, een beetje jazzy en elegant gedempt. Piano met vilt. De film zit op het randje van benauwend en claustrofobisch, het kan zomaar zo’n bloedsaai Engels kamerspel worden. Daarom moest er iets bovenop dat het laat zweven.”

Blufferige acteur

Ik spreek Paul Thomas Anderson en actrice Vicky Krieps met enkele andere journalisten in het Soho Hotel in Londen. Phantom Thread is een typische Anderson: een rijk, complex tapijt dat een onbekend milieu opent en enkele verknipte relaties uitdiept. Het is zijn eerste film die zich niet in of rond Californië afspeelt.

In Phantom Thread speelt Daniel Day-Lewis modeontwerper Reynolds Jeremiah Woodcock, die de Londense upper class kleedt voor debutantenbal of bruiloft. Een precieuze, nukkige vrijgezel, die helemaal opgaat in zijn vak: ‘phantom thread’ verwijst naar Victioriaanse naaisters die zo werden afgebeuld dat ze in hun vrije tijd werktuiglijk bleven naaien met ‘spookdraden’.

Woodcock heeft romances met wegwerp-muzen, jonge vrouwen die hij verleidt, vleit en wegwerpt. In het ‘House of Woodcock’ zijn er rangen en standen, regels en ‘regels over regels’, zo vat Anderson het samen. Zuster Cyril handhaaft die met fluwelen vuist, tot Reynolds serveerster Alma (Vicky Krieps) ‘ontdekt’, een immigrante die door de oorlog in Engeland aanspoelde. Die muze blijkt van een ander kaliber dan broer en zus gewend zijn.

PT Anderson groeide op in San Fernando Valley, de vulgaire uitloop van Los Angeles. Groot, lawaaiig gezin, een mislukte, blufferige acteur als vader: zijn films wemelen van gemankeerde vaderfiguren. In 1996 viel PT Anderson op met zijn sombere filmdebuut Hard Eight, een jaar later brak hij door met de uitgelaten mozaïekfilm Boogie Nights, over de pornowereld van de jaren ’70 in ‘The Valley’. Anderson, indertijd: „Ik consumeerde als tiener tonnen porno, de camp daarvan sprak mij ook aan. Karate en porno: zo wil ik mijn leven leiden.”

Nu, twintig jaar later, is er het hitchcockiaans verdorven Phantom Thread, een film vol zijde, kant en druppeltjes gif. Het levert Anderson zijn achtste Oscarnominatie op als regisseur of scripschrijver in even zoveel speelfilms, maar hij lijkt iets te eigenzinnig, arty en misschien arrogant om ook werkelijk een Oscar te krijgen.

Acteurs lopen met hem weg. Via Anderson breken ze door (Philip Seymour Hoffman, Mark Wahlberg), verdienen ze artistiek krediet (Burt Reynolds, Adam Sandler, Tom Cruise in Magnolia (1999) of winnen ze prijzen.

Kleermaker worden

Phantom Thread wordt misschien de zwanenzang van de Britse acteur Daniel Day-Lewis (60), die zegt dat het zijn laatste rol is. Zijn filmrollen zijn schaars geworden: slechts zeven rollen in de 21ste eeuw, waarmee hij wel twee Oscars en twee Oscarnominaties won, de helft met PT Anderson: Oscar voor There Will Be Blood (2007), een nominatie voor Phantom Thread. Anderson: „ Hij had genoeg aan een paar losse ideeën. Een duistere romance, Londense mode, meer had ik niet.” Ze staken de oceaan over, Anderson naar Londen voor research, Day-Lewis naar New York om onder de hoede van kostuummaker Marc Happel kleermaker te worden.

Anderson: „Ik mailde Daniel elke week een paar pagina’s scenario, terwijl hij leerde hoe hij een knoopsgat moest naaien.”

„Paul is gek, op een erg goede manier”, zegt Vicky Krieps, de nu nog vrij onbekende Luxemburgse actrice die Phantom Thread speels naar haar hand zet. „Wie is zo morbide een vrouw te verzinnen die haar man uit liefde vergiftigt?”

Still uit Phantom Thread, met boven Daniel Day-Lewis als Reynolds Woodcock. Laurie Sparham / Focus Features

„Ja gif, daar houdt iedereen toch van?” zegt Anderson. „Gif pept elke film op. Een druppeltje door dat drankje. Neemt hij een slok? Toch niet. Jawel. Gif is het allerbeste middel voor suspense. Eerlijk gezegd: mijn inspiratie voor deze film was de periode dat ik ziek thuis lag. Ik voelde me zo slap en het ging maar niet over. Even was er de gedachte: mijn vrouw lijkt best gelukkig met de situatie. Zou ze iets door mijn eten roeren?”

Reynolds en Alma hebben een mysterieuze, wat seksloze relatie. Vreesde Anderson dat fysieke intimiteit het mysterie zou verwoesten? „Natuurlijk. Wilt u die twee naakt in bed zien? Nee, in elegante kleren. De film moet ouderwets clean aanvoelen. Überhaupt ben ik niet zo’n fan van seks in films, behalve als ze over seks gaan. Je denkt: oh, gaan ze neuken dan? Maar dat is toch niet echt? Seks schept vaak afstand en verstoort de magie.”

Of #MeToo nog iets veranderde in de manier waarop Anderson zijn film ziet? „Ik kom niet graag met algemeenheden over man en vrouw. Wat betreft Woodcock: zo’n nuffig mannetje, omringd door veertig naaisters in laboratoriumjassen, een zuster die hem pampert, rijke dames die tegen hem opkijken en arme meisjes die hij oppikt en afdankt. Mondo bizarro, wat een baasje. Hoog tijd dat iemand hem op zijn plaats zet.”