De SKVR worstelt met haar opdracht

Kunst en cultuur De Stichting Kunstzinnige Vorming Rotterdam (SKVR) wilde zich voortaan op jongeren richten in plaats van volwassenen. Maar de omslag liep vast en directeur Ariëtte Kasbergen vertrok. Nu zet de stichting de rem op verdere afstoting van volwassenen-educatie.

Bij de SKVR volgen kinderen en volwassenen uiteenlopende opleidingen. Van links naar rechts de Jazzschool, een flashmob op de lijnbaan door de kinderen die meedoen aan het dansprogramma Make You Move, en archiefbeeld van een klas beeldende kunst. Foto’s vlnr Gaby Jongenelen, Hester Blankestijn en Rinie Bleeker

Het jaar 2017 moest in alle opzichten een nieuwe start worden. De Stichting Kunstzinnige Vorming Rotterdam (SKVR) zou een punt zetten achter volwassenen-educatie en voortaan alle aandacht geven aan jongeren in de wijken, met name de kansarmen onder hen.

Maar het liep anders. Met tragische gevolgen voor SKVR-directeur Ariëtte Kasbergen, die zich eind vorig jaar ziek meldde. De raad van toezicht kwam rond die tijd „met haar overeen” dat ze zou vertrekken. Het afscheid kwam na een roerige tijd, waarin cursisten massaal in opstand kwamen tegen het schrappen van het volwassenen-aanbod, en de cultuureducatie in de achterstandswijken een te zware dobber bleek.

Allereerst de volwassenen. Zij dansen bij de SKVR, tekenen er of musiceren. „Pure leeftijdsdiscriminatie om met die lessen op te houden”, vindt schildercursiste Anna Passenier (76), die voorop liep in het verzet. „We moesten in de krant lezen dat onze lessen zouden stoppen. Zot, niet? In maart 2016 hebben we geprotesteerd in Las Palmas, waarbij ook veel boze docenten aanwezig waren. De hele zaal stond op en klapte: dit gaat niet gebeuren. De sfeer ten opzichte van Ariëtte Kasbergen was ronduit vijandig.”

Die hield niettemin voet bij stuk. De strekking: de gemeente heeft bezuinigd, daarop hebben wij het lesgeld verhoogd, maar het kost ons nog elk jaar drie ton. Afstoten dus.

Maar onder invloed van de protesten schikte ze in september 2016 in: misschien zou het volwassenen-aanbod kunnen verzelfstandigen met behoud van de merknaam SKVR. „Ook dat zou een slechte oplossing zijn”, zegt Passenier. „Hoe weet je of docenten voldoende cursisten bij elkaar krijgen? Bij een grote organisatie als de SKVR heb je die zekerheid wel.” Op een zaterdag in november togen cursisten en docenten met spandoeken ‘SKVR voor iedereen’ naar het stadhuis om burgemeester Aboutaleb 1.100 handtekeningen aan te bieden.

Daar aan de Coolsingel was het immers allemaal begonnen, toen de raad in 2012 een streep haalde door de subsidiëring van vrijetijdsonderwijs voor volwassenen boven 25 jaar. Dat konden de cursisten voortaan zelf wel betalen. Marktwerking was het parool. De SKVR-subsidie ging met bijna 1,5 miljoen euro omlaag naar jaarlijks 8,2 miljoen euro. Nu is dat nog 7,4 miljoen euro. Cultuureducatie van jongeren moest de nieuwe prioriteit zijn, vond de gemeente.

Kansarme jongeren

En zo begon de SKVR vanaf 2013, het jaar waarin Kasbergen (1962) promoveerde van adjunct -directeur tot directeur-bestuurder, met een verdere uitbreiding van het nog wel gesubsidieerde jongerenaanbod. De Stichting was altijd al present onder jongeren, bijvoorbeeld met wijkmuziekscholen, maar een cultuurwerkplaats, zoals die eind 2013 werd geopend in achterstandswijk Hillesluis was toch iets geheel nieuws. In 2015 verrees ook in de Afrikaanderwijk een cultuurwerkplaats.

Op zo’n werkplaats krijgen kansarme jongeren vaak gratis sociaal-maatschappelijke cursussen aangeboden. Een workshop dromen verbeelden bijvoorbeeld, of meningsvorming. Maar het kan ook een cursus rap, poëzie of toneel zijn om gevoelige kwesties bespreekbaar te maken. Kasbergen hoopte dat de twee cultuurwerkplaatsen, de pareltjes van het buitenschoolse SKVR-programma ‘Dichtbij’, een blauwdruk zouden zijn voor andere wijken. In 2020 zou het Dichtbij-project in acht wijken moeten draaien.

Dat aantal is inmiddels bijgesteld naar vijf, laat een woordvoerster van de SKVR weten, omdat „de transitie van volwassenen naar jongeren meer tijd en energie kost dan ingeschat”. Tijdens Kasbergens bewind blijkt bovendien een financieel tekort te zijn ontstaan. De omvang daarvan denkt de SKVR in april te kennen.

Ad interim-directeur Henk Dekkers, die eerder onder meer Nieuwspoort en de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie reorganiseerde, hoopt rond die tijd tevens zijn toekomstplan voor de SKVR te kunnen presenteren. Volgens Dekkers’ woordvoerster steunt het managementteam de uitgestippelde koers om orde op zaken te stellen.

Dat managementteam kan wel wat rust gebruiken na de turbulente periode Kasbergen, waarin verscheidene medewerkers vertrokken en twee belangrijke leden ziek thuis kwamen te zitten. Er moest te veel tegelijk: het volwassenen-onderwijs afschaffen en verzelfstandigen, bezuinigen, reorganiseren en daarnaast verder oprukken op de jongerenmarkt.

Klodder spuug

In het managementteam klonk felle kritiek op het afschaffen van het volwassenen-aanbod, maar uiteindelijk sloeg de weegschaal door naar: we gaan voor de jongeren. „Een ideologische of beter gezegd idealistische omslag”, vindt een oud-SKVR-medewerker. „Maar daaronder smeulde wel de zelfkritische vraag: kunnen we het eigenlijk wel aan?”

Er waren er meer die twijfelden. In juni 2016 zond de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) een gepeperd advies aan de gemeenteraad, waarin niet alleen de voorgenomen stop op volwassenen-educatie werd bekritiseerd, maar ook de keuze voor kansarme jongeren. Is een traditionele en vanouds ambtelijke organisatie als de SKVR wel geschikt voor het grillige werk in de wijken, vroeg de RRKC zich af. „De leerlingen in Zuid zijn geen model-cursisten à la het Libanon-college”, zegt een betrokkene. „Ze zijn rauwer, vaak niet gemotiveerd en luisteren slecht. Je kan een klodder spuug in je gezicht krijgen. Daar zijn die keurige kunstvakdocenten van de SKVR niet per se op gebouwd.”

De RRKC raadde de raad bij wijze van hoge uitzondering aan om slechts voor twee jaar subsidie toe te kennen in plaats van de gebruikelijke vier. Eerst moet er maar eens een onderzoek komen naar het probleemwijken-beleid van de SKVR, vond het adviesorgaan. Een ernstig signaal.

In september 2016, drie maanden na het kritische RRKC-advies, verscheen een volgend alarmerend rapport. Ditmaal van Hogeschool Inholland en bureau Urban Paradoxes. De cultuurwerkplaats Hilllesluis had in drie jaar tijd weinig vruchten afgeworpen. Het project trok een gering aantal deelnemers en leverde daardoor nauwelijks een bijdrage aan een positieve ontwikkeling van de wijk.

Dat Kasbergen flink onder de indruk was van de uitkomsten, bleek uit haar radicale besluit „om te komen tot een fundamentele herziening van het project en de wijze van werken”. Ze wilde daar ruim de tijd voor nemen, schreef ze najaar 2016. Maar die tijd was haar dus niet gegeven. Los van alle organisatorische problemen was Kasbergen geen people manager, zegt haar omgeving. Sommigen waren zelfs bang van haar. Maar ze was ook „een krachtige, intelligente persoonlijkheid. Zakelijk en zonder verborgen agenda.”

Erfenis in duigen

Van de in januari aangetreden Dekkers zijn voorlopig niet de „fundamentele herzieningen” te verwachten waarover Kasbergen repte. „Onze ambitie blijft om zoveel mogelijk kinderen en jongeren te bereiken, maar eerst worden bedrijfsvoering, inhoudelijke keuzes en financiële dekking tegen het licht gehouden. De organisatorische en financiële druk is groot”, vertelt zijn woordvoerster.

De onder Kasbergen ingezette verzelfstandiging van volwassenen-educatie wordt afgeremd. De theater- en schrijfcursussen staan inmiddels op eigen benen, maar muziek en beeldende kunst blijven voorlopig in eigen huis. „Onze cursisten zullen daar heel blij mee zijn, omdat ze zeer hechten aan de SKVR”, aldus Dekkers’ woordvoerster.

Een rem op het Dichtbij-project én op de verzelfstandiging van het volwassenen-onderwijs. Ligt Kasbergens erfenis in duigen? „Het is natuurlijk een heel slecht voorteken dat Kasbergen al na het eerste jaar van de omslag thuis zit”, meent een betrokkene. PvdA-raadslid Co Engberts vraagt zich af: „Hoe heeft de gemeente zo’n grote organisatie als de SKVR zo weinig geld kunnen meegeven om zo’n enorme ambitie te verwezenlijken: het bereiken van kansarme jongeren? Mijn hypothese is dat Ariëtte Kasbergen is ingehaald door het tempo dat ze zichzelf had opgelegd.”

Is daarmee haar ideaal mislukt? Dat woord neemt de SKVR niet in de mond. „Het is vallen en opstaan”, vertelt de woordvoerster. „We zoeken zoveel mogelijk samenwerking met partijen in de wijk en hopen, met de adviezen van Hogeschool Inholland, meer kinderen en jongeren te bereiken. En er gaan ook dingen goed, zoals de wijkmuziekscholen. En de Brassbandschool in Zuid. Die heeft grote impact op de hele buurt.”

Ariëtte Kasbergen onthoudt zich van commentaar.

Dit verhaal kwam mede tot stand op basis van interviews met betrokkenen bij de SKVR en uit de Rotterdamse kunstwereld.
    • Willem Pekelder