De Neus, 35 jaar misdaad

Holleeder-proces Maandag begint het proces tegen Willem Holleeder over zijn betrokkenheid bij zes moordaanslagen en één poging tot moord. Overzicht van de hoofdpersonen uit het dossier en in het proces.

Illustratie Siegfried Woldhek

Afpersing, ontvoering en leiding geven aan een criminele organisatie staan al op het strafblad van Willem Holleeder. In 2018 buigt de rechtbank in Amsterdam zich over de vraag of aan dat rijtje ‘moord’ moet worden toegevoegd. De inhoudelijke behandeling begint maandag en de rechtbank heeft tot september zittingen gepland in deze megazaak.

Willem Frederik Holleeder (1958) wordt beschuldigd van betrokkenheid bij vijf liquidaties, één doodslag en één poging tot moord, gepleegd tussen 2002 en 2006. Holleeder was in die periode verwikkeld in een conflict dat draaide om crimineel vermogen dat was geïnvesteerd bij Wim Endstra.

De Amsterdamse vastgoedbaron Endstra groeide sinds het begin van de jaren negentig onder de ogen van justitie en politie uit tot ‘de bank van de onderwereld’. En, toeval of niet, Holleeder was een veel en in eerste instantie graag geziene gast op het chique kantoor van Endstra in Amsterdam-Zuid. Daar zette Endstra vastgoedtransacties in elkaar waarmee drugsgeld in binnen- en buitenland werd witgewassen. Hele buurten in Amsterdam-Zuid, maar ook kantoorpanden rond Schiphol en winkelpanden op de Dam kwamen via Endstra in handen van de onderwereld.

De strafzaak tegen Willem Holleeder gaat dan ook over véél meer dan moord en doodslag. Het gaat over het samensmelten van onderwereld en bovenwereld. Het toneel van deze ondermijning was Amsterdam Oud-Zuid, een plek waar vastgoedondernemers, televisiesterren, topvoetballers en sterrenkoks zich inlieten met de onderwereld van Willem Holleeder.

Wat is Holleeders rol in dat milieu geweest? Hoe heeft hij zich verhouden tot de kopstukken uit het drugsmilieu? En hoe heeft hij een conflict kunnen overleven dat aan tientallen mensen het leven heeft gekost? Het zijn allemaal vragen die de rechtbank het komende jaar zal moeten beantwoorden om zicht te krijgen op de positie van Willem Holleeder in de Amsterdamse onderwereld.

6 moordaanslagen

De geschiedenis leert dat vriendschap met Willem Holleeder risico’s met zich meebrengt. Vier van de vijf slachtoffers die Holleeder volgens het Openbaar Ministerie (OM) heeft gemaakt, zijn bevriend geweest met de Neus. En niet ver voor hun dood spraken deze mensen met de politie over hun problemen met Holleeder. Daarbij vielen in alle gevallen dezelfde woorden: als ik word vermoord, heeft Willem Holleeder het op zijn geweten.

Cor van Hout (1957-2003)

Cor leerde Willem kennen op de middelbare school. Ze waren ‘bloedgabbers’, vluchtten samen richting Frankrijk na de Heinekenontvoering en vierden het einde van hun celstraf begin 1992 met een feestje in het Amsterdamse Marriot-hotel. Het was Cor die Willems bijnaam bedacht: de Neus.

Een aanslag op het leven van Cor van Hout in 1996 was het begin van het einde van hun vriendschap. Van Hout overleefde ook nog een aanslag in 2000, maar werd uiteindelijk in januari 2003 doodgeschoten in het oude centrum van Amstelveen. Een vriend van Van Hout, botenhandelaar Robert ter Haak, werd ook geraakt en overleed enkele weken later in het ziekenhuis. Volgens justitie is in het geval van Ter Haak sprake van doodslag.

Wim Endstra (1953-2004)

Endstra raakte in het midden van de jaren negentig bevriend met Willem Holleeder. De vastgoedbaron verantwoordde die vriendschap tegenover zijn zakenpartners met de stelling dat Holleeder na de Heinekenontvoering een tweede kans verdiende. En passant kon onderwereldbankier Endstra Holleeder goed gebruiken als intermediair. Willem kende de criminelen die bij Endstra hadden geïnvesteerd en sprak hun taal. Zo kreeg de Neus inzicht in het onderwereldconflict dat aan het begin van deze eeuw losbarstte over crimineel geld dat bij Endstra was gestald. Endstra overleefde dat conflict niet. Hij sprak bijna een jaar lang met de politie over zijn problemen, maar werd uiteindelijk voor zijn kantoor aan de Apollolaan in Amsterdam-Zuid vermoord.

John Mieremet (1960-2005)

Mieremet was een van de belangrijkste onderwereldinvesteerders bij Endstra. Samen met zijn jeugdvriend Sam Klepper vormde hij een gewelddadig en gevreesd duo: Spic & Span. Na de liquidatie van Klepper in 2000 groeide Holleeder uit tot de belangrijkste vertrouweling van Mieremet. Een mislukte aanslag op het leven van Mieremet in het voorjaar van 2002 leidde tot een vertrouwensbreuk. Mieremet kwam er achter dat hij door Holleeder was besodemieterd. Vanaf het najaar van 2002 proberen zowel Holleeder als Mieremet geld van Endstra af te persen. Holleeder is daarvoor in 2007 veroordeeld. De zaak van Mieremet is nooit voor de rechter gebracht omdat hij enkele maanden voor zijn geplande arrestatie in Thailand is vermoord, volgens justitie in opdracht van Willem Holleeder.

Kees Houtman (1959-2005)

Houtman werd op dezelfde dag als Mieremet doodgeschoten. De twee waren oude bekenden en behoorden samen tot een groep bankrovers die in de jaren tachtig en negentig naam maakte onder de naam ‘de Denkers’. Houtman, die daarna ging handelen in hasj en vastgoed, probeerde na de dood van Endstra een pand uit diens boedel te kopen en dat leidde tot een conflict met Holleeder, die in het milieu had laten weten dat het vastgoed van Endstra off limits was. Holleeder legde Houtman een boete op en begon hem af te persen toen Houtman weigerde te betalen. Voor die afpersing is Holleeder eveneens veroordeeld. Houtman sprak erover met de politie, maar werd uiteindelijk vanaf de stoep voor zijn woning geliquideerd.

Thomas van der Bijl (1956-2006)

Van der Bijl is het laatste slachtoffer in deze serie moorden. De kroegbaas was goed bevriend met twee andere slachtoffers: Cor van Hout én Kees Houtman. Hij kende Holleeder al uit zijn jeugd en leende zijn auto uit aan de Heinekenontvoerder voor de vlucht naar Parijs in 1983. Hij verklaarde later dat hij het nooit gevonden Heinekengeld heeft begraven in het Bois de Boulogne. Van der Bijl werd naar eigen zeggen zelf bedreigd door Holleeder na de moord op Cor van Hout. Hoewel hij vreesde voor zijn leven, klapte hij begin 2005 tegenover de politie uit de school over de afpersing van Kees Houtman. Hij vreesde voor zijn leven en dat van zijn vriend. En terecht. Nadat de kroegbaas een eerste team huurmoordenaars nog had weten af te schudden, werd hij in april 2006 in zijn kroeg De Hallen doodgeschoten tijdens het stofzuigen.

5 advocaten

Toen Holleeder in januari 2006 werd aangehouden voor de afpersing van Endstra en Houtman was Bram Moszkowicz nog zijn vaste advocaat. Ze kenden elkaar al uit de tijd van de Heinekenontvoering. Moszkowicz zag zich in 2007 gedwongen de verdediging neer te leggen omdat hij naar eigen zeggen was zwartgemaakt door het Openbaar Ministerie en de rechtbank, die hij „abject en infaam” handelen verweet. Hij werd vervangen door Jan-Hein Kuijpers, die op zijn beurt nog tijdens de behandeling van de zaak bij de rechtbank de hulp inriep van zijn oud-studiegenoot en hoogleraar Stijn Franken. Holleeder ging na zijn veroordeling verder met Franken. Die zag zich in 2017 genoodzaakt om de verdediging neer te leggen nadat een voormalig cliënt zich meldde als getuige tegen Holleeder. Het ging om Sandra Klepper, de weduwe van Sam Klepper met wie Holleeder in 2003 een relatie kreeg.

De verdediging is in 2016 overgenomen door Sander Janssen (41) en Robert Malewicz (43), twee kantoorgenoten die elkaar al kennen uit hun studietijd in Leiden. Ze kennen een deel van het dossier goed, omdat ze Jesse R. hebben bijgestaan, de man die is veroordeeld voor de moord op Kees Houtman en een aantal andere liquidaties. Janssen en Malewicz behoren tot de nieuwe generatie zeer talentvolle advocaten en staan goed aangeschreven.

24 onderzoeken

De schok na de liquidatie van Wim Endstra in 2004 was groot. Hoe kon een bekende vastgoedhandelaar met contacten bij vrijwel alle grote Nederlandse banken als een crimineel eindigen in een plas bloed voor zijn kantoor? Er werd naast het onderzoek naar de moord ook een rechercheteam opgetuigd om de afpersing van Endstra te onderzoeken.

De vastgoedbaron legde daarover in het laatste jaar van zijn leven uitgebreid verklaringen af, vanwege zijn veiligheid altijd op de achterbank van zijn gepantserde BMW. Deze ‘achterbankgesprekken’, later gepubliceerd in boekvorm als De Endstra-tapes, bevatten brisante onthullingen over de Amsterdamse onderwereld. Zo is het Endstra die zegt dat Holleeder zijn zwager Cor van Hout heeft laten vermoorden.

Holleeder was in deze afpersingszaak de hoofdverdachte, samen met Mieremet. Het is een van de 23 onderzoeken die is opgenomen in het immense dossier dat het Openbaar Ministerie heeft samengesteld voor de behandeling van de strafzaak tegen Holleeder. Sinds 1995 is de Neus vrijwel permanent geobserveerd, afgetapt of anderszins onderzocht. Soms als verdachte, soms als contact van een andere verdachte en soms als slachtoffer.

Al die onderzoeken waarin Willem Holleeder voorkomt leveren een uniek beeld op van zijn rol in de Amsterdamse onderwereld. Omdat zelfs de Heinekenontvoering terugkomt, is dit dossier eigenlijk een samenvatting van 35 jaar misdaadgeschiedenis.

15 jaar

Terwijl de Amsterdamse recherche inmiddels al weer vijf jaar bezig is met onderzoek naar een nieuwe geweldsgolf in de hoofdstad – een conflict dat grotendeels om cocaïnesmokkel draait en tientallen doden eiste onder de ‘mocromaffia’ – buigt de rechter zich nu pas over moorden die aan het begin van deze eeuw zijn gepleegd. Waarom zitten er vijftien jaar tussen de eerste moord en de start van het proces tegen Holleeder?

De Amsterdamse onderwereld was en is een gesloten bolwerk waarover iedereen zijn mond houdt. En zij die spraken met de politie liepen grote risico’s. Wim Endstra is daarvan misschien wel het beste voorbeeld. Endstra wist dat Holleeder beschikte over corrupte contacten en vreesde dat zijn gesprekken met de politie uit zouden lekken, hetgeen ook gebeurde.

Er was uiteindelijk iemand van binnenuit nodig om deze onderwereldpuzzel op te lossen. Die persoon meldde zich eind 2006 bij de politie. Zijn naam: Guiseppe la Serpe, alias Vieze Peter. In het voorjaar van 2007 werden de eerste verdachten opgepakt op basis van zijn verklaringen. Onder hen Jesse R., telg uit een bekende Vinkeveense misdaadfamilie. Kroongetuige La Serpe vertelde de politie dat hij zelf samen met zijn jeugdvriend Jesse verantwoordelijk was voor de moord op Houtman.

Justitie had dus niet zomaar een kroongetuige gevonden, ze hadden een deal gesloten met een moordenaar. Het leverde heel veel vraagtekens en rumoer op. De complexe strafzaak die op basis van de verklaringen van La Serpe werd gestart, kreeg de naam Passage mee.

Vanwege de bijzondere afspraken met kroongetuige Peter la Serpe en omdat hij ook tijdens het proces nog de ruimte nam om daarover te onderhandelen, sleepte de zaak zich bijna vier jaar voort. In 2011 verklapte La Serpe in een onbewaakt moment dat verklaringen over Holleeder uit het dossier waren gehouden, omdat de kroongetuige heel bang was voor de Neus. Deze faux pas van het OM leidde in eerste instantie tot vrijspraak van een van de hoofdverdachten in de zaak: Dino S.

In hoger beroep draaide het hof die beslissing terug. Mede door de verklaringen van een tweede kroongetuige die betrokken was bij de liquidaties, Fred Ros, werd Dino S. tot levenslang veroordeeld.

Dino S. is volgens het hof lid geweest van een criminele organisatie die verantwoordelijk was voor de moord op Houtman.

Willem Holleeder, in die zaak geen verdachte, moet volgens datzelfde hof wel worden gezien als lid van die organisatie. Daarbij spelen twee woorden uit de verklaring van Peter la Serpe een cruciale rol: „Osdorp eerst”. Die woorden hoorde La Serpe in het najaar van 2005 uit de mond van Willem Holleeder toen hij in de auto zat met Jesse R. Daarmee bedoelde hij de moord op Kees Houtman, die in Osdorp woonde. Ze gaan een cruciale rol spelen in de strafzaak tegen de Neus.

3 vrouwen

Voordat het hof in Amsterdam in 2017 arrest wees in de Passagezaak hadden zich nog drie getuigen gemeld, mensen uit de kleine kring rond Holleeder die hem heel goed kennen: zijn zussen Astrid en Sonja en Willems ex-vriendin Sandra Klepper.

Omdat justitie in diezelfde periode ook onderhandelde met Fred Ros over een kroongetuigendeal duurde het lang voordat de beslissing viel om Holleeder alsnog te vervolgen voor moord. Uiteindelijk werd Holleeder op 13 december 2014 aangehouden, enkele maanden nadat de deal met Ros naar buiten was gekomen.

Als de verhalen van de drie vrouwen eind maart naar buiten komen, wordt het imago van Willem Holleeder als knuffelcrimineel in een ochtend weggeblazen. De vrouwen wilden laten zien wat voor man hij is. Uitleggen dat hij niet de innemende, charmante grappenmaker is die gezellig door de stad snort en lachend met iedereen op de foto gaat. „Dat is allemaal buitenkant, toneelspel”, aldus Astrid Holleeder in NRC. „Hij regisseert alles en iedereen in zijn leven. Hij heeft ‘doen alsof’ geperfectioneerd. Doen alsof hij bemiddelt, terwijl hij afperst. Doen alsof hij helpt, terwijl hij moordt. Álles is gespeeld.”

2 officieren van justitie

Ze zijn heel ervaren, de officieren van justitie die verantwoordelijk zijn voor de vervolging van Holleeder: Sabine Tammes (59) en Lars Stempher (43). Maar ook voor ervaren officieren is deze strafzaak een enorme uitdaging. Niet alleen gezien de omvang van het dossier. De media-aandacht zal ongeëvenaard groot zijn, dat brengt de persoon van Willem Holleeder met zich mee. En gezien de beeldvorming rond hem zal een straf lager dan levenslang sowieso als een nederlaag voor justitie worden uitgelegd.

Wat hun werk onvoorspelbaar maakt, is het familiedrama dat intrinsiek is verbonden met deze zaak. Tammes en Stempher proberen al vanaf dag één Astrid, Sonja en Sandra een stem te geven in de rechtbank. Nadat Willem Holleeder als verdachte is gehoord, zullen de rechters het verhaal van de drie vrouwen horen. En dat is winst voor het Openbaar Ministerie. Willem wilde dat zijn zussen eerst zouden worden gehoord, om te voorkomen dat zij hun verklaringen op Willems verhaal zouden kunnen afstemmen. Daar is de rechtbank niet in meegegaan.

De vrouwen zijn uitgesproken over Willem Holleeder, maar daarmee zijn ze nog geen vrienden van het Openbaar Ministerie. Astrid Holleeder heeft geen geheim gemaakt van haar moeizame relatie met justitie. Dat gaat terug op de manier waarop zij en haar familie zijn behandeld tijdens en na de Heinekenontvoering.

Desondanks is Astrid Holleeder, zelf strafrechtadvocaat, een belangrijke getuige. Zij is jarenlang de vertrouweling van haar broer geweest en kan over details praten die niemand anders kent. En in strafzaken waarin het bewijs in belangrijke mate stoelt op getuigenverklaringen maken de details het verschil. Daarnaast zijn er nog de opnames van haar gesprekken met Willem die haar verhaal kunnen bevestigen.

4 rechters

Het laatste woord is uiteindelijk aan de rechters onder voorzitterschap van Frank Wieland (68). Hij zal in het najaar van 2018 vonnis wijzen, als alles meezit. Want zowel de afpersingszaak tegen Holleeder als de Passagezaak hebben laten zien dat dit soort grote zaken een eigen dynamiek kunnen krijgen. Zo werd de bunker in Osdorp, waar ook nu de meeste zittingen zullen plaatsvinden, de nacht voor de start van de Holleederzaak in 2007 beschoten met een raketwerper. En wie had kunnen voorspellen dat de behandeling van de Passagezaak bijna vier jaar zou duren?

Dat de rechtbank met van alles rekening houdt, blijkt wel uit het feit dat niet drie maar vier rechters aanwezig zullen zijn bij de feitelijke behandeling. Die ene extra rechter mogen alleen maar luisteren en geen beslissingen nemen. Zij zijn aanwezig om te voorkomen dat de zaak helemaal over moet als een van de rechters, door ziekte bijvoorbeeld, de zaak niet kan afmaken.

Frank Wieland heeft zich wel eens laten ontvallen dat hij niet van theater houdt in zijn rechtszaal. Maar als het circus-Holleeder maandag 5 februari eenmaal begint, is alles mogelijk, zo zal Wieland ervaren. De enige zekerheid is dat Willem Holleeder op 29 mei 2018 zijn zestigste verjaardag viert. De Neus heeft dan ruim een kwart van zijn leven in gevangenschap doorgebracht.

Correctie (8 februari 2018): In een eerdere versie van dit stuk stond dat Sander Jansen en Robert Malewicz sinds 2017 de advocaten van Holleeder zijn. Dit klopt niet. Ze zijn sinds 2016 de advocaten van Holleeder. Ook wordt vermeld dat vijf rechters de strafzaak bijwonen, twee meer dan gebruikelijk. Dat klopt niet. Er zit slechts één extra rechter, en daarnaast, ook een extra griffier. Beiden zijn hierboven aangepast.