Hij hallucineerde dat zombies zijn roeispanen vastpakten

Roeien

Mark Slats huilde op de Atlantische Oceaan elke dag om zijn zieke moeder. Hij gaf niet op, won de zwaarste roeiwedstrijd ter wereld en verpulverde een wereldrecord.

Mark Slats viert feest bij zijn aankomst in Antigua, half januari, na iets meer dan dertig dagen op de oceaan. Foto Ben Duffy/ Talisker Whisky Atlantic Challenge

Wind en zeestroming staan pal tegen en als Mark Slats (39) op 15 december na 22 uur roeien in slaap valt, dobbert hij langzaam terug naar het Canarische eiland La Gomera, startpunt van de Talisker Whisky Atlantic Challenge, de zwaarste roeiwedstrijd ter wereld. Als hij twee uur later wakker schrikt, ziet hij op zijn radar hoe hij mijlenver is teruggeblazen. Even lijkt alles voor niks geweest. „Ik kom niet weg bij die kuteilanden”, wanhoopt hij.

Links en rechts geven soloroeiers op, mentaal geknakt nog voor de race begonnen is. Maar voor Slats is dat geen optie: zijn moeder lijdt al drie jaar aan longkanker en vanaf het moment dat hij besloot solo de Atlantische Oceaan over te roeien, bloeide zij op, trots als alleen een moeder dat kan zijn. Ze moet hem zien finishen. En als zij niet mag opgeven, dan hij ook niet.

Dus roeit Slats tegen de stroming in, soms met één hand terwijl hij een poedermaaltijd opwarmt in een beker kokend water. Op dag twee ontworstelt hij zich aan de stroming van de Canarische eilanden.

Overdag roeit Slats drie uur en neemt hij een uur pauze. Soms veranderen die intervallen, als hij van vermoeidheid door zijn alarm heen slaapt. Hij ontwikkelt trucjes om de dag door te komen: hij poetst zijn tanden om de dag, zodat hij er extra naar uit kan kijken. Koffie drinken in dat uurtje pauze is een haast orgastische ervaring.

Iedere dag huilen

„95 procent van de tijd” klinkt er muziek uit zijn waterdichte telefoon: Adele, Pink, Bruno Mars, en eentje in het bijzonder: ‘One Day’ van Bakermat, met soundbites van de toespraak van Martin Luther King. Als hij het nummer nu afspeelt in zijn auto wordt hij teruggeworpen in zijn boot. Heerlijk vond hij het, alleen op zee, met alleen zichzelf om rekening mee te houden.

Hij huilt iedere dag, soms uren achter elkaar. Het begint vaak als hij aan zijn moeder denkt, die thuis in Wassenaar aan de chemo ligt. Maar hij stopt niet met roeien. Hij heeft een missie.

Mark Slats werd geboren in Darwin, Noord-Australië, als kind van twee Nederlanders die op zoek waren naar avontuur. Toen hij acht was, verhuisde het gezin terug naar Nederland. Slats deed de mavo en meldde zich aan bij de marine. Hij deed er een opleiding werktuigbouwkunde en haalde later in versneld tempo zijn diploma tot timmerman – het beroep van zijn vader. Op zijn 23ste ging hij terug naar Australië.

Terug op zijn geboortegrond raakte hij gefascineerd door de zeilsport. Zeilen gaf hem een gevoel van vrijheid. Hij had alleen geen geld voor een boot. En dus deed hij in 2002 mee aan de Australische kampioenschappen kooivechten. Voor de winnaar lag 20.000 Australische dollar klaar. Als tiener had hij leren boksen in Wassenaar. Bovendien was hij groot van stuk: twee meter bij honderd kilo. Slats won al zijn partijen op knock-out, vertelt hij. Daarna werkte hij een paar maanden bij een tomatenboerderij tot hij ‘De Cornelia’ kon kopen. Zonder een zeilles te hebben gevolgd voer hij in achttien maanden de wereld rond, van Brisbane naar de haven van Scheveningen, weken levend op een rantsoen van rijst. Toen hij die tocht had overleefd, was geen uitdaging meer te zwaar.

Na vier dagen roeien op de Atlantische Oceaan weet hij het al: hij gaat het wereldrecord verbeteren. Vooraf had hij becijferd dat hij de oversteek in 38 dagen kon maken – veel sneller dan de snelste mens tot dat moment, de Ier Gavan Hennigan.

Trainen als een prof

Toen Slats zich in het najaar van 2016 bij Roeivereniging Rijnland aanmeldde en vertelde dat hij zich wilde klaarstomen voor een wedstrijd over 100 kilometer, verklaarden ze hem voor gek. Hij vertelde er niet bij dat het in werkelijkheid ging om een tocht over de Atlantische Oceaan. Hij moest eerst maar eens een ergometer aanschaffen en thuis aan zijn conditie gaan werken. Die dag kocht hij een roeimachine en roeide hij op zijn zolderkamer een marathon in 2.39.19 uur. Bij de roeiclub wisten ze dat het menens was.

Slats begon „als een prof” te trainen, dertig uur per week, vanaf april in zijn eigen roeiboot. Het ontwerp kocht hij voor 50.000 euro van botenbouwer Rannoch in Schotland en toen ‘Peanuts’ klaar was, roeide hij naar Nederland, zonder apparatuur. Die bouwde hij er later zelf in. Om deel te nemen aan de Atlantic Challenge was hij 130.000 euro kwijt. Hij moest er zijn huis voor verkopen en fulltime blijven werken. Slats heeft een eigen aannemerszaak in Wassenaar. Tot zes uur ’s avonds renoveerde hij huizen, om daarna zijn roeiboot naar Scheveningen te rijden en naar Haarlem te roeien, zeventig kilometer. Om acht uur begon weer een nieuwe werkdag.

In de zomermaanden roeide hij soms 12 uur non-stop, tot ontsteltenis van zijn vriendin Simone. Slats wist dat het nodig was om te winnen, maar zijn relatie had er onder de lijden: twee maanden voor de start gingen de twee uit elkaar. Slats was altijd moe, had last van een tennisarm en slijmbeursontstekingen. Het jaar 2017 was een hel, zegt hij.

Er zwemmen vaak dolfijnen rond zijn roeiboot, die nieuwsgierig zijn naar een zonderling op zee. Als Slats ’s nachts plaatsneemt in het overdekte slaapgedeelte van zijn boot en zijn ogen dichtdoet, kan hij hun sonartonen horen, soms geflankeerd door de lagere klanken van walvissen – zijn roeiboot fungeert als een klankkast.

Overdag moet Slats 10.000 calorieën tot zich nemen. Het eten aan boord is niet denderend, het is astronautenvoedsel in smaken als Chicken Korma en Spaghetti Bolognese. Naarmate zijn tocht vordert, raakt hij vermoeider. Wat begint als dagdromen, verandert in heftige hallucinaties van zombies uit de serie ‘The Walking Dead’ die zijn roeispanen vastpakken. De laatste dagen snoert hij zich vast om niet over boord te slaan.

Ziek van een chorizoworstje

Slats heeft 25 dagen lang te maken met windkracht 7. De omstandigheden voor een wereldrecordpoging zijn gunstig, maar de zee is heftig. Talloze keren per dag werpt een zijwaartse golf zijn boot om. Door een zelflozend dek zinkt hij niet, maar zijn ruim is altijd nat. Daar wordt hij op den duur „helemaal debiel” van. Zijn billen gaan er van open. Hij maakt ze elke drie uur schoon met babydoekjes en alcohol.

Een keer wordt Slats ziek, van een chorizoworstje. Vier dagen van diarree volgen. Hij heeft een piepklein potje om zijn behoefte te doen. Als zijn boot omslaat ligt het soms vol uitwerpselen. Als mensen hem vragen wat hij op zee het meest heeft gemist, is dat een fatsoenlijke wc.

Op 14 januari krijgt Slats Antigua in zicht. Hij moet English Harbour zien te bereiken, aan de zuidkant. Om half acht ’s avonds recht hij zijn rug, en spreidt hij zijn armen als een heilige, met in zijn rechterhand een fakkel die zijn uitgemergelde lijf in mystiekrood schijnsel hult. Slats is in 30 dagen, 11 uur en 49 minuten solo de Atlantische Oceaan over geroeid, negentien dagen sneller dan recordhouder Hennigan. Hij wint bovendien de zwaarste roeiwedstrijd ter wereld.

Aan de kade staan honderden mensen te joelen, onder hen toch ook vriendin Simone, die hem bij het aanmeren in de armen vliegt. Er wordt champagne over hem heen gespoten, een speaker noemt hem The Flying Dutchman, The Gentle Giant. Als hij voor het eerst in een maand weer voet aan wal zet, kan hij nauwelijks staan. Zijn zeebenen hebben zijn gewicht al die tijd niet hoeven dragen. Het eerste wat hij eet zijn twee hamburgers met friet.

Brief van de koning

Slats blijft een week op het Caribische eiland. Met de burgemeester plant hij een boom in een nationaal park, in restaurants krijgt hij gratis te eten. Als hij in Wassenaar terugkomt, wordt hij twee keer gehuldigd.

In Cafetaria ’t Tonnetje in Wassenaar lacht Slats zijn tanden bloot. Zijn huid is diep gebruind en zijn blik heeft iets glazigs. Zal de vermoeidheid wel zijn, zegt hij. De adrenaline begint eindelijk af te nemen. Hij heeft alleen nog last van zijn kuiten.

Nadat hij twee kroketten met mayo heeft besteld gaat zijn telefoon. Het is een vriend. Slats’ dialect is aan de Haagse kant. „Ik krijg potverdomme vorige week een brief van de koning. Dat-ie het een enorme prestatie vindt. En dat-ie me de volgende keer gaat volgen. Bizar toch?”

Als hij heeft opgehangen, vertelt hij dat hij binnenkort om de tafel zit met „twee grote kledingmerken” die geïnteresseerd zijn hem te sponsoren. Krijgt hij anderhalve ton los, dan kan hij zich fulltime storten op dit soort uitdagingen. Volgend jaar wil hij meedoen aan de Marathon des Sables, een zesdaagse hardloopwedstrijd door de woestijn van Zuid-Marokko. Maar eerst doet hij in juni mee aan de Golden Globe Race, een solotocht rond de wereld in een zeilboot die gebouwd is voor 1988, zonder technologie aan boord. Het doel is die wedstrijd te winnen, onder toeziend oog van zijn moeder.