Column

Trumps offensief met handel begint nu pas

Juist nu de wereldeconomie herstelt, nemen de handelsbeperkingen toe. Het beleid in de VS heeft gevolgen voor NAFTA, KORUS en TPP en maakt de WTO kreupel.

Het tijdperk van economische overgave is totaal over. Van nu af aan verwachten we dat handelsrelaties eerlijk zijn en, heel belangrijk, wederkerig. We gaan eraan werken om slechte handelsovereenkomsten te repareren, en nieuwe overeenkomsten te onderhandelen. En dat zullen eerlijke zijn.

Tot zover de Amerikaanse president Trump in zijn eerste State of the Union, dinsdagnacht. Oorlogstaal zoals vanouds, maar ook mild vergeleken bij de speeches waarbij Trump off-script is. Wat dat betreft was de State of the Union dinsdag vergelijkbaar met zijn toespraak in Davos, vorige week.

Het wil zeker niet zeggen dat dit jaar niet spannend wordt. En dat is in zekere zin vreemd. Na de enorme economische en financiële schok van 2008 werd verwacht dat protectionisme snel de kop op zou steken, zoals in de jaren dertig.

Dat gebeurde vrijwel niet. De Wereldhandelsorganisatie WTO houdt bestaande en nieuwe handelsbeperkingen bij, en de cijfers tonen geen noemenswaardige toename tot 2015. Maar juist in de afgelopen twee jaar, nu de wereldeconomie herstelt, is er een versnelling zichtbaar.

Die late reactie behoeft nog een sluitende verklaring. Het zou goed kunnen dat hij samenhangt met de eveneens vertraagde ruk naar de extremen in de politiek in veel landen zelf, of het anticiperen hierop door partijen uit het midden. Alsof de meeste energie eerst ging naar het overleven in de crisis, en de politieke gevolgen zich pas later openbaarden.

Het multilaterale karakter van vrijhandelsbesprekingen was al zo goed als overleden

De Brexit, uit 2016, is er een voorbeeld van: dit is des-integratie. Het belangrijkste handelsblok ter wereld, de Europese Unie, waar personen, goederen, diensten en geldstromen vrij vloeien, wordt er straks bijna een zesde kleiner door. TTIP, het verdrag tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten, werd eind 2016 in de praktijk ten grave gedragen. Het CETA-verdrag tussen de EU en Canada kwam er – voorlopig – met de hakken over de sloot.

En 2016 zag uiteraard ook de verkiezing van Trump, met een economische agenda die de belangen van Amerika in de wereld voorop zet. Trump stapte al uit de onderhandelingen over het Aziatische vrijhandelsverdrag TPP. De VS dralen met de goedkeuring van rechters bij de geschillenbeslechting bij de wereldhandelsorganisatie WTO en dragen zelf geen kandidaten voor. Dat maakt de WTO kreupel, terwijl de VS tot nu juist zelf het actiefst handelsgeschillen aanbrachten bij de ‘panels’ die nu mankracht ontberen. En vorige maand lanceerde Trump de eerste echte sancties tegen China, in de vorm van een invoerheffing op zonnepanelen.

Intussen zijn er sterke signalen dat NAFTA, het handelsverdrag met Canada en Mexico zal worden heronderhandeld en als het aan de regering-Trump ligt zelfs elke vijf jaar. Het KORUS-verdrag met Zuid-Korea dreigt eenzelfde lot.

Het zijn, wat de Verenigde Staten betreft, allemaal tekenen dat het land niet langer bereid lijkt om de wereldorde die het zelf na de Tweede Wereldoorlog schiep, te blijven ondersteunen. Het multilaterale karakter van vrijhandelsbesprekingen was al zo goed als overleden. De meer regionale aanpak die er voor in de plaats kwam hapert nu ook.

Niet dat het al te merken is in de praktijk: het Centraal Planbureau, een internationale autoriteit op dit gebied, ziet een gezonde groei van het volume van de wereldhandel: 4,2 procent op jaarbasis in november vorig jaar. Niet dat de handel de economische groei zo ver overtreft als in de globaliseringsjaren van vóór de crisis normaal was. Maar inzakken doet het zeker ook niet. Is dat toch weer reden tot optimisme? Te vroeg om te zeggen. We zijn, zoals de Amerikanen zouden zeggen, het bos nog niet uit. Misschien lopen we er nu pas in.

Maarten Schinkel schrijft over economie en financiële markten.