Opinie

    • Tom-Jan Meeus

Bij de PVV is alles herhaling: de paranoia, de vetes: de leegte

Ik ken nogal wat mensen die voor de PVV de politiek in zijn gegaan. Jaren terug wilde ik begrijpen hoe het binnen die partij eraan toegaat, ik heb er hele avonden aan stukgeslagen. Bij sommige bronnen zat een palletje los. Maar de meesten waren normale mensen: vaak zéér rechts, vaak ook zeer sociaal.

Over één aspect vertelden ze allemaal hetzelfde: als partij was de PVV een farce. Je had Wilders, met zijn verbale vaardigheid en politieke vernuft, en verder was het een amateuristische bende. Wilders wantrouwde iedereen en kon amper delegeren, zodat PVV’ers ook elkaar niet vertrouwden: er hing een nare sfeer. In de fractie circuleerden tientallen mails waarin Wilders PVV-Kamerleden „allemaal gekken” of „malloten” noemde.

Ik beschreef die dingen een tijdje, en het grappigste was de verstandhouding met PVV-bronnen: we konden de reacties van tevoren uittekenen. Dan kreeg ik uit Wilders’ omgeving zijn gemailde respons op mijn laatste stuk doorgebriefd, mits ik die niet meteen in de krant citeerde. De partijleider bleek mijn stuk dan al zaterdagochtend vroeg, elf voor acht, te hebben gelezen: „(…) het ergste is dat die journalist met mensen gesproken heeft. Dat vind ik althans het ergste. Niet weten wie je wel en niet kan vertrouwen.” Daarna gingen op sociale media de Wilders-groupies, ongehinderd door enige kennis, los op de NRC: PVV-haters! kankerelite!!!

Na een paar jaar ben ik ermee opgehouden. De bronnen waren zeker niet opgedroogd – maar alles herhaalde zich. De paranoia, de vetes: de leegte.

Nu verschijnen er wéér berichten over rotzooi in de PVV, bij de kandidaatstelling voor gemeenteraden. In Rotterdam bleek de partijleiding de ware opvattingen van de lijsttrekker niet te kennen. In Utrecht wilde de lijsttrekker een moskee laten afbranden (en toen weer niet). In Rucphen wilde een kandidaat de premier opknopen. In Emmen liet de lijsttrekker een Adolf-kapseltje knippen. In Zaanstad blijkt de lijsttrekker onlangs ontslagen wegens stalking van een collega. In Den Haag liep de kandidaatselectie uit op chaos.

Een anoniem PVV-Kamerlid noemde de lokale kandidaten vorige week in De Telegraaf „debielen”. Wilders sprak dit dinsdag tegen, al kwam de typering opvallend dicht bij de „gekken” die hij zelf al jaren om zich heen signaleert.

Het is natuurlijk een schitterende prestatie dat hij die PVV al jaren als een soort partij weet te verkopen. Later, als hij gepensioneerd is, zullen er boeken verschijnen waaruit blijkt dat alles nog veel erger was. De vraag zal opkomen: hoe kon dit zolang voortduren?

Het antwoord: zijn aanhangers wilden het niet weten. Ik denk: nog steeds niet.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Jutta Chorus.
    • Tom-Jan Meeus