Straks staat de Noordzee vol met windmolens

Klimaatdoelen

De inrichting van de Noordzee moet snel op de politieke agenda komen. Wellicht nemen windmolens in 2050 een kwart van de ruimte op zee in.

Windpark Luchterduinen. Foto Remko de Waal

Een kwart van het Nederlandse deel van de Noordzee vol met windmolenparken. Dat is voor 2050 één van de scenario’s waarmee het Planbureau voor de Leefomgeving rekening houdt. Gezien de toenemende druk op de natuur, de scheepvaart en zeker ook de visserij moet eigenlijk nu al nagedacht worden over de inrichting van het Continentale Plat na 2030.

„Dat is noodzakelijk om te voorkomen dat er grote knelpunten ontstaan”, zegt Jan Matthijsen, een van de auteurs van de de scenariostudie De toekomst van de Noordzee. „Er staan nu bijna driehonderd windmolens in de Noordzee. Dat kunnen er in 2050 zesduizend zijn. En als ook de Denen, Engelsen en Duitsers veel molens neerzetten, zijn de gevolgen voor bijvoorbeeld de natuur groot. Maar we hebben nu de kennis niet om daar een inschatting van te maken.”

Lees ook over hoe Nederland zijn eigen weerstand tegen wind creëerde, met de provincie Zuid-Holland als voorbeeld: Wind is voor Zuid-Holland nu een besmette term

Het PBL, dat deze woensdag met het rapport naar buiten komt, onderscheidt vier scenario’s voor de Noordzee. Het meest behoudende is het scenario ‘Langzaam verder’, waarmee de doelen van het klimaatakkoord van Parijs (maximaal 2 graden opwarming) lang niet worden gehaald. In dat scenario wordt 5 procent van het Nederlandse deel van de Noordzee gebruikt voor windparken. Dat is nu 0,25 procent.

Alleen met scenario 4 (‘Samen duurzaam’) worden de klimaatdoelen wel bereikt. Dan loopt de productie van wind op zee op van 1 gigawatt nu, naar 60 gigawatt. „In die gevallen moeten er ook manieren gevonden worden om die opgewekte stroom goed aan land te krijgen. Dat gaat rond 2030 spelen: als je weet dat sommige investeringen een aanlooptijd van tien jaar kennen, is wel duidelijk dat er snel keuzes gemaakt moeten worden.”

Het verzet tegen windmolens groeit. De sector heeft een oplossing

De nieuwe molens zullen deels in beschermde natuurgebieden komen, maar de nadelige gevolgen kunnen worden beperkt door de juiste constructies te kiezen. Dat goede nieuws is er niet voor de visserij. In alle scenario’s neemt „de beschikbare ruimte” volgens het PBL aanzienlijk af. De meest acute dreiging voor de visserijsector op de Noordzee komt overigens niet van de windmolens, stelt het PBL. Een harde Brexit zorgt er voor dat Nederlanders niet meer in de Britse wateren mogen vissen. „Dat is bij windparken natuurlijk niet zo. Die kun je voor een deel toegankelijk maken.”

Het PBL kan niet zeggen welk scenario het waarschijnlijkst is, maar het kabinet wil het aantal windparken op zee sowieso vergroten. Zeker nu exploitatie zonder subsidie mogelijk lijkt. Het regeerakkoord stelt „het aanbod van kavels voor windenergie op zee” te willen vergroten. En „bij de locatie van windmolens op zee” moet rekening worden gehouden „met de belangen van de visserij”.

Het kabinet lijkt vast te houden aan zijn streven om na 2023 elk jaar de capaciteit op zee met 1 gigawatt uit te breiden. Dat is net zo veel als wat er nu in de Noordzee staat. Matthijsen: „De visserij ziet zelf ook wel dat de windparken niet te stoppen zijn. Dat werd me wel duidelijk in de gesprekken die wij hierover hebben gehad.”

    • Erik van der Walle