Shorttrack, de goudmijn voor Zuid-Korea

Winterspelenserie ‘volkssporten’

Alle Zuid-Koreaanse hoop op succes tijdens de Winterspelen in eigen land is gericht op het shorttrack. De sport is er mateloos populair. Shorttrackers worden van jongs af aan keihard getraind, maar dat regime is niet zonder kritiek. „Veel pijn lijden. Elke dag lactaat, lactaat, lactaat.”

De kwartfinale op de 1.000 meter tijdens de wereldbekerwedstrijd in Seoul, november vorig jaar. Met in tweede en derde positie respectievelijk de Zuid-Koreaansen Choi Min-jeong en Shim Suk-hee. Foto JEON HEON-KYUN/EPA

Het was voor hem als Nederlander heel gek. Kwam Erik Bouwman in zijn tijd als coach van de Zuid-Koreaanse langebaanschaatsers op het vliegveld met drie rijders uit zijn ploeg: olympisch kampioenen Lee Sang-hwa en Lee Seung-hoon en de uit het shorttrack overgestapte Park Seun-hi. Wij kennen haar amper, legt hij uit, beetje een middelmatige langebaanschaatser. Maar wel tweevoudig olympisch kampioen op het baantje van 111,11 meter. „Alle mensen stormden op haar af. Zij was echt nog een veel grotere held dan de langebaanschaatsers.”

Oud-shorttracker Cees Juffermans herinnert zich een soortgelijk tafereel. Hij was voor een wedstrijd in Zuid-Korea en ging een avond met een groepje op stap, onder wie een aantal oud-shorttrackers uit het land. „Ze waren oud-olympisch en wereldkampioenen, maar al jaren niet meer actief. Ik kende ze nauwelijks, ze reden ver voor mijn tijd. Overal waar we kwamen, gingen de deuren voor ons open. Ze werden op handen gedragen. Dat was het eerste moment dat mij duidelijk werd hoe groot de sport daar is.”

De organisatie van de Winterspelen in Pyeongchang maakte zich eerder deze maand zorgen over de trage kaartverkoop, die achterblijft bij vorige Winterspelen. Over één sport zullen ze zich geen zorgen hoeven maken, en dat is het shorttrack. De 12.000 plekken in de Ice Arena in kuststad Gangneung zullen gevuld zijn. Daar moet en zal het voorttnaamste succes op de Winterspelen vandaan komen. Zoals het land gewend is.

Van de 53 medailles die Zuid-Korea heeft gewonnen op Olympische Winterspelen, zijn er 42 afkomstig uit het shorttrack. De 21 gouden medailles in de sport zijn er twaalf meer dan nummer twee China. En dan te bedenken dat shorttrack pas sinds de Winterspelen van 1992 een erkende olympische sport is.

De heerschappij van Zuid-Korea kwam op in het begin van de jaren negentig, eigenlijk het moment dat shorttrack door de olympische status definitief een volwaardige internationale sport werd.

Shorttrack bestaat al sinds het einde van negentiende eeuw, toen vooral beoefend in Noord-Amerika. In 1967 werd het als schaatsonderdeel erkend door internationale bond ISU en pas in 1976 kwamen er de eerste professionele competities, het eerste WK volgde nog vijf jaar later.

Een enkele indoorbaan

„Toen ik begon in 1988 was de sport nog nieuw en waren er wel wat baantjes in de buitenlucht, maar nog maar één indoorbaan”, vertelt Chun Lee-kyung, met vier gouden olympische medailles de succesvolste vrouw ooit in het Zuid-Koreaanse shorttrack. Ze is momenteel coach van de Singaporese shorttrackploeg. Volgens haar hadden de Zomerspelen in Seoul in 1988 positieve invloed op de algehele sportcultuur en hadden de twee gouden medailles op de Winterspelen hetzelfde jaar in Calgary, waar shorttrack een demonstratiesport was, eveneens een positief effect. Er kwamen banen bij en het shorttrack groeide. Nieuwe successen, waar Chun zelf aan bijdroeg met twee keer goud op de Winterspelen van 1994, versterkten de populariteit van en investering in de sport verder.

Goud voor Zuid-Korea op de aflossing (relay) tijdens de Spelen van 1998:

De Zuid-Koreaanse shorttrackers staan volgens Juffermans om twee eigenschappen bekend: hun techniek en hun duurvermogen. „Zuid-Koreanen zijn negen van de tien keer goed op de langere afstanden en op allroundtoernooien. Ze rijden goede klassementen omdat ze veel inhoud hebben, de sprintnummers zijn vaker wat minder.” Hij weet nog dat hij tijdens een wedstrijd in een volgepakt stadion zag hoe bussen met kinderen naar een baantje onder de ijshal werden begeleid om les te krijgen van oud-topshorttrackers. „En dat was niet lesgeven zoals wij dat kennen, met een rekje en dan wat aanrommelen. Ze werden in de schaatshouding gezet, in de ‘hoeken’ – alleen maar met techniek bezig.”

Eentonige training

Het trainingsregime is keihard, zegt Bouwman. „Veel pijn lijden. Elke dag lactaat, lactaat, lactaat. Veel hangen in riemen voor de hoeken, veel sprongen, krachttraining. Het is eigenlijk heel eentonig wat ze doen.” Volgens Chun was er vooral in de tijd dat zij begon veel aandacht voor de krachttraining. „We moesten de fysieke achterstand op onze westerse concurrenten goedmaken.”

De dagen die Zuid-Koreaanse shorttrackers maken zijn intensief en lang, maar volgens Chun was het voor haar nog zwaarder. Ze werd te vroeg geboren en zodoende waren haar enkels op haar vijfde nog niet sterk genoeg voor het shorttrack. Toen ze op haar twaalfde begon, zei haar coach dat ze geen natuurlijke aanleg had, dus harder moest werken. „We werden meestal wakker om 5 uur, schaatsten dan van 6 tot 8 uur. Vervolgens krachttraining van 10 tot 12 uur. Van 14 tot 16 uur schaatsen en dan twee uur fysieke training. En daarnaast trainde ik nog apart om beter te worden dan de rest.”

Volgens Chun proberen ze in Zuid-Korea op jonge leeftijd voor een solide basis te zorgen. Dat betekent aan de ene kant dat Zuid-Koreaanse shorttrackers op jonge leeftijd al wereldtop zijn – neem medaillekandidaat Choi Min-jeung, die in 2015 op 16-jarige leeftijd wereldkampioen (allround) werd bij de vrouwen. Daardoor zijn ze volgens Juffermans daarentegen ook snel opgebrand en stoppen ze op jonge leeftijd. Het selectiesysteem is keihard. „Je wordt op je vijftiende afgeschreven als je niet goed genoeg bent.”

De Zuid-Koreaanse school binnen het shorttrack heeft naast vele successen ook schandalen met zich meegebracht. Een langdurig conflict met de bond deed zesvoudig olympisch kampioen en vijfvoudig wereldkampioen Viktor An – geboren als Ahn Hyun-soo – overstappen naar Rusland.

Eerder deze maand werd bekend dat medaillekandidaat Shim Suk-hee door haar trainer geslagen was. Volgens de Zuid-Koreaanse krant The Korea Herald zou de coach hebben verklaard dat Shim niet naar hem had geluisterd en hij haar had geslagen om haar beter te laten presteren. De coach is ontslagen. Zulke verhalen gingen in zijn tijd ook al wel rond, zegt Juffermans. „Maar je ziet dat de sporters mondiger worden.”

De Zuid-Koreaanse ploeg hoopt dat het schandaal geen invloed zal hebben op de prestaties. Nooit waren die zo belangrijk als dit jaar in eigen land, nu moet er geoogst worden. Dat verwacht het land, waar fans gerust in cafés naar herhalingen van shorttrackraces van jaren terug kijken en altijd voor veel lawaai zorgen in stadions. „Gaat de aandacht ze een zetje in de rug geven”, vraagt Juffermans zich af. „Of wordt de druk ze te veel?”

    • Frank Huiskamp