Toch werken dankzij een exoskelet

Werken met een beperking Het UWV liet onderzoeken hoe technologie mensen met een arbeidsbeperking aan het werk kan krijgen.

Een werknemer van autofabrikant Ford draagt een zogeheten exoskelet om het werk gemakkelijker te maken en letsel te voorkomen. Foto Zuma Press

In Het Oude Magazijn in Amersfoort richt Marcel Massing zijn smartphone op de lege vloer naast hem. Om hem heen kijkt een groepje belangstellenden geïnteresseerd toe. Het kleine beeldscherm toont een simulatie van een schroefas van een schip, alsof deze op dat moment in de ruimte aanwezig is. Langzaam verschijnen er handelingen in beeld die een werknemer moet uitvoeren om de schroefas uit elkaar te halen en een onderdeel te vervangen.

„Deze technologie zou goed werken bij iemand met een licht verstandelijke beperking”, zegt Massing. „Iemand die dit telkens opnieuw uit zou moeten leggen is er na een paar keer wel klaar mee, maar digitaal kun je de handelingen eindeloos terugkijken.”

Massing is technologisch onderzoeker bij Artishock, een bedrijf dat zich bezighoudt met augmented reality – technologie waarmee objecten via een beeldscherm in de echte wereld getoond kunnen worden. Hij laat de techniek nu op het scherm van zijn telefoon zien, maar het idee is dat de werknemer straks een speciale bril op zijn neus zet die hem op dezelfde wijze instrueert.

Is dat niet duur? „Op dit moment kost het 3.500 euro per bril”, zegt Massing. „Maar we hebben ook een goedkopere oplossing.” Hij laat een soort papieren doosje met twee kijkraampjes zien, waarin je je telefoon kunt leggen. „Zo’n cardboard kun je opzetten net als een bril, en daarbij dan de app op je mobiel gebruiken.”

Het is slechts een van de technologische oplossingen die vorige week voorbijkwamen op een symposium in Amersfoort, waar diverse partijen nadachten over manieren om de arbeidsparticipatie van mensen met een beperking te verhogen. Andere ideeën: een robotarm die tekst direct kan omzetten in gebarentaal en een apparaat dat voor een simultane vertaling zorgt als iemand spreekt. Ook opvallend is het exoskelet: een uitwendig, elektronisch geraamte dat gebruikers met een fysieke handicap in staat stelt hun ledematen te bewegen of ergens meer kracht bij te zetten. Zo kan iemand met een dwarslaesie bijvoorbeeld weer dozen tillen.

Onderaan de lijstjes

Het is opmerkelijk dat hier wordt gekeken naar hoe technologie kan zorgen voor meer mensen op de werkvloer. Want gaat het over automatisering, dan is baanverlies vaak de eerste associatie. „Het is goed dat dit thema nu op de kaart wordt gezet”, zegt Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt aan Tilburg University, na afloop van het symposium. „Er moet een versnelling komen van de instroom van mensen met een arbeidshandicap op de arbeidsmarkt. Technologie kan daarbij een belangrijke impuls zijn.”

In 2015 telde Nederland volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek 1,7 miljoen mensen tussen de 15 en 75 jaar die door een langdurige ziekte, aandoening of handicap belemmerd werden in het krijgen of uitvoeren van werk. Van de mensen met een beperking die kunnen werken heeft slechts 29,3 procent een betaalde baan. Nederland doet het op dit gebied slecht op de internationale lijstjes: het verschil in arbeidsparticipatie tussen mensen met en zonder arbeidsbeperking was in 2011 volgens statistiekbureau Eurostat in ons land ruim 35 procent. Ter vergelijking: het EU-gemiddelde ligt iets onder de 20 procent.

Aanleiding voor het symposium waren twee onderzoeken, uitgevoerd in opdracht van uitkeringsinstantie UWV. In het eerste onderzoek werd gekeken naar acht technologische ontwikkelingen die op korte termijn de arbeidsdeelname van mensen met een fysieke, lichamelijke of psychische handicap kunnen verhogen. In het tweede onderzoek werden vier technologische voorzieningen onderzocht die mensen met een licht verstandelijke beperking weer aan werk zouden kunnen helpen. De bril van Massing is daar een voorbeeld van.

Er moet meer worden nagedacht over hoe je de aanschaf van technologie aantrekkelijk maakt voor werkgevers, zegt hoogleraar Wilthagen. „Als iemand met een arbeidshandicap kan werken met behulp van een exoskelet, bespaar je uiteindelijk op de zorgkosten en een uitkering. Maar nu is het de werkgever die minstens 40.000 euro moet investeren.” Volgens Wilthagen zou het UWV zo’n exoskelet bijvoorbeeld kunnen subsidiëren met het belastinggeld dat wordt bespaard, en de winst die ontstaat doordat werkenden een minder groot beroep doen op de zorg dan niet-werkenden.

Lees ook: Duizenden kinderen in arme landen zijn al geholpen met goedkope en op maat gemaakte protheses uit de 3D-print.

Marktwerking

Hoe denken gebruikers over de inzet van technologie? Jos Sprenkels (46) is trainer in speciale producten voor blinden en slechtzienden, en onderscheidt zelf alleen donker en licht. Zijn blindengeleidehond staat naast hem, schijnbaar onberoerd door de drukte in de ruimte. „Ik vind het vooral belangrijk dat de gebruikers vanaf het begin worden betrokken bij het onwikkelingsproces”, zegt Sprenkels. „Zij kunnen vanuit hun positie meedenken en vertellen wat de behoeften van mensen met een handicap zijn.”

Lang niet alle technologische voorzieningen zijn overigens zo duur als een exoskelet. Uit de twee UWV-onderzoeken bleek dat de kosten van vijf van de acht nieuwe technologieën hoogstwaarschijnlijk lager uit zullen vallen dan de kosten voor huidige hulpmiddelen. Op dit moment geeft het UWV jaarlijks bijvoorbeeld 80 miljoen euro uit aan zaken als vervoer, ‘jobcoaches’ en computerhulpmiddelen.

Bovendien verwacht Ton Wilthagen dat de duurdere technologieën door marktwerking steeds goedkoper zullen worden. „Kijk maar naar de prijs van laptops nu en vroeger.” Naarmate het ontwikkelingsproces vordert en een bepaalde techniek gebruiksvriendelijker wordt voor een groot publiek, daalt ook de prijs. En zo, verwacht Wilthagen, zal ook dat exoskelet in de toekomst betaalbaar worden voor werkgevers.

Correctie (30 januari): In een eerdere versie van dit artikel stond dat een speciale AR-bril 13.000 euro kost. Dit moet 3.500 euro zijn.

    • Jiri Haanen