Opinie

    • Frits Abrahams

Meer Engels in de krant

Dear readers, how do you feel today? Fine? Or did you step out of your bed with the wrong leg? In that case I feel very sorry for you…

Misschien kijkt u vreemd op van deze openingsalinea, maar ik moet er meteen aan toevoegen: wen er alvast maar aan. De afgelopen weken hebben we in Nederland een hoogoplopende discussie over het Engels in het universitair onderwijs gehad. Daarbij werd ook vaak gewezen op de snelle opmars van het Engels in het bedrijfsleven, de reclamewereld en de omgangstaal.

De journalistiek raakt eveneens besmet en het zou me daarom niet verbazen als ook de kranten geleidelijk overgaan op het Engels. Ook voor hen geldt immers het marketingargument van de universiteiten, dat steeds meer hoog opgeleide buitenlanders zich in Nederland vestigen.

De kranten hebben er zelfs, naast de studenten, nog enkele doelgroepen bij: de expats van de grote bedrijven en het groeiende aantal Engelstaligen onder het horecapersoneel, ik bedoel die vriendelijke kelners en serveersters in Nederlandse zaken die je verbijsterd aankijken als je karnemelk of balkenbrij bestelt, om nog maar te zwijgen van een berenlul.

Mij lijkt het onvermijdelijk dat ook de columnisten zullen moeten meegaan met deze Engelse trend. De grote vraag is of zij daartoe in staat zijn, of dat zij zullen vervallen in een treurig steenkolenengels waarvan de haren van hun lezers boven de krant zullen uitvallen. Voor mezelf durf ik, eerlijk gezegd, niet helemaal in te staan.

Dat komt ook doordat er huiveringwekkende voorbeelden zijn van goed opgeleide Nederlanders die er weinig van terechtbrachten. Het meest recente voorbeeld is de voetbalcoach Louis van Gaal, toch een man die graag voor onfeilbaar doorgaat. Zijn Engels klinkende koeterwaals staat ons nog allemaal helder voor de geest. „That’s another cook.” „We are running after the facts.” „You can’t compare apples with pears.„ „That’s a truth like a cow.

Goed, misschien hadden wij zijn taalgevoel niet moeten overschatten, maar wat te denken van allerlei ontwikkelde hooggeplaatste Nederlanders? Ze heten niet allemaal Frans Timmermans, wiens Engels zó goed is dat zelfs de Engelsen er een minderwaardigheidscomplex van krijgen. Er zijn legendarische voorbeelden van taalkundig minder begaafde Nederlanders.

Er is het verhaal over Churchill die tijdens een wandelingetje met onze minister-president Gerbrandy heeft gezegd: „Spring is in the air”, waarop Gerbrandy vroeg: „Why should I?” President Kennedy vroeg bij minister Joseph Luns naar zijn hobby’s, waarop Luns zei: „I fok horses.” Kennedy kon dat, misschien mede door zijn andersoortige seksuele gerichtheid, moeilijk geloven en vroeg: „Pardon?” Waarop Luns antwoordde: „Yes, paarden!

De authenticiteit van deze anekdotes durf ik niet te garanderen, integendeel, het lijken me eerder een soort ‘sandwich-monkeystories’, als ik het even in mijn eigen Engels – je moet ergens beginnen – mag aanduiden. Maar toch: ik heb vaak genoeg dergelijke spraakverwarringen meegemaakt om te weten dat ze voorkomen.

Schrik niet: binnenkort hoop ik te beginnen met mijn Engelse columns. Er zal ongetwijfeld veel kritiek op komen, maar ik ben erop voorbereid. High trees catch much wind.

    • Frits Abrahams