Commentaar

Zoek rendement universiteit niet in hogere ‘output’

Universitair personeel is overbelast, ook studenten ervaren zware druk en zien ‘diploma-inflatie’. Oorzaak: de uit de hand gelopen sturing van het wetenschappelijk onderwijs en onderzoek op basis van rendement. Het is makkelijk om de geluiden die opstijgen uit een peiling afgelopen week van NRC onder docenten en studenten in het hoger onderwijs af te doen als het gebruikelijke zelfbeklag van een geprivilegieerde groep. Dat is wat bijvoorbeeld de Leidse rector magnificus Carel Stolker deed via Twitter. Misschien exemplarisch voor de brede kloof die gaapt tussen de wetenschappers die zwoegen in het vooronder van de universiteiten en de boven hen gestelde managers.

Het nieuwste debat over dit rendementsdenken is nu losgebarsten door de filippica waarmee publicist Eelco Runia zijn baan als universitair docent in Groningen aan de wilgen heeft gehangen. De argumenten zijn treurig genoeg bekend. Bekostiging van universitair onderwijs is afhankelijk gemaakt van veronderstelde rendementen: die zogenoemde outputfinanciering kan onderdeel zijn van een systeem waarin de verdeling van gelden voor onderwijs (en onderzoek) meetbaar, transparant en controleerbaar kan worden gemaakt. Maar toegepast als leidend beginsel in een sector die in principe op afstand staat van marktwerking, heeft dat streven naar rendementen in termen van het aantal aangemonsterde of afgeleverde studenten vooral perverse effecten.

Wetenschappers die goed zijn in onderwijs en onderzoek, zien hun energie en denkvermogen vervliegen in verstikkende ‘midterm reviews’, visitaties, antwoordmodellen en ‘toetsmatrijzen’. Studenten zijn verhandelbare bulkgoederen, ‘commodities’, in de internationale concurrentie tussen universiteiten op een wereldmarkt van hoger onderwijs.

Het rendementsdenken is kennelijk niet gekoppeld aan het alom beleden streven naar hogere kwaliteit. Zie de verengelsing van het academisch onderwijs op plekken waar dit nergens toe dient. Met enige regelmaat wordt tegen deze kolderieke vertoning geprotesteerd. Kolderiek, omdat het Nederlandse universitaire onderwijzend personeel zich over het algemeen veel beter, en exacter kan uitdrukken in de moedertaal. Het is dus een verarming van de kwaliteit van het onderwijs wanneer studenten worden blootgesteld aan docenten die zich moeten uitdrukken in uitgekleed „academisch Engels”.

Het eigenaardige is: drie jaar geleden liepen studenten en wetenschappelijk personeel van de Universiteit van Amsterdam ook al te hoop tegen exact ditzelfde fenomeen. Het leverde de eerste Maagdenhuisbezetting op van deze eeuw.

Ondertussen is rendementsdenken wijd verbreid in veel, niet per se aan de markt verbonden, sectoren waar hoogopgeleide professionals het beste functioneren als zij dat zelfstandig kunnen doen. Als al die gespecialiseerde professionals vaker ‘nee’ zouden zeggen tegen hun (generalistische) managers, is dat wellicht ook al een stap dichterbij de oplossing. Bewustwording kan ook leiden tot een cultuuromslag.

Maar dat ontslaat de politiek verantwoordelijken voor deze cruciale sector niet van hun plicht al het mogelijke te doen om uitwassen van deze trend tegen te gaan. Toenmalig minister Jet Bussemaker (Onderwijs, PvdA) wees in een brief aan de Tweede Kamer rendementsdenken af. Haar opvolger, Ingrid van Engelshoven (D66), toonde zich afgelopen vrijdag ook mordicus tegenstander. Na de woorden nu de daden. Precies: talk the talk and walk the walk.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.

Lees ook: Werkdruk docent en student enorm, over de universiteit die kreunt onder de werkdruk.