Wat heeft de oorlog in Syrië Poetin gebracht?

Rusland en het Midden-Oosten

De Russische interventie in Syrië heeft de verhouding op het slagveld drastisch veranderd. Zijn de doelen gehaald die president Poetin had gesteld?

President Poetin brengt eind december in het Kremlin een toast uit op de Russische militairen die in Syrië hebben gevochten. Foto Kirill Koedrijatsjev/EPA

Kortgeschoren koppen en strakke blikken onder de glinsterende kroonluchters van het Kremlin. Op 28 december eerde de Russische president Vladimir Poetin de militairen die hadden deelgenomen aan de operatie in Syrië.

Poetin speldde medailles op en hief een glas Russische sjampanskoje op het militaire succes. „U bent teruggekomen naar het vaderland […] met een overwinning.”

Op 30 september 2015 begonnen Russische gevechtsvliegtuigen met het bombarderen van doelen in Syrië. Eind december 2017, ruim twee jaar na het begin van de operatie, gaf Poetin vanaf de Russische luchtmachtbasis Hmeimim in Syrië opdracht de troepen terug te trekken. Toegegeven: niet voor het eerst. Al in het voorjaar van 2016 had Moskou aangekondigd dat het belangrijkste deel van de operatie erop zat en dat de Russische hoofdmacht zou worden teruggetrokken.

Ook ditmaal is er geen reden aan te nemen dat de bloedige Syrische oorlog tot een einde is gekomen. Precies drie dagen na de medailleceremonie in Moskou werd luchtmachtbasis Hmeimim beschoten. Twee Russische militairen kwamen om, toestellen raakten beschadigd. Nog geen drie weken later trok het Turkse leger de grens over voor een aanval op de Koerdische enclave Afrin.

Pogingen van Rusland de regie te nemen in de slepende vredesbesprekingen leveren nog niets op. Afgelopen zaterdag liet de Syrische oppositie weten dat het maandag niet komt opdagen op Ruslands grote Syrië-conferentie in Sotsji.

Lees ook: Het Syrische leger heeft, met steun van Rusland, de strijd tegen de gewapende oppositie opgevoerd en is aan de winnende hand. In de Syrische provincie Idlib voltrekt zich een nieuw humanitair drama.

Dat neemt niet weg dat de ‘situatie op de grond’ door de Russische interventie fundamenteel is gewijzigd. In de zomer van 2015 bereikte Islamitische Staat (IS) het hoogtepunt van zijn expansie, dreigden rebellen in het noordwesten van het land door te stoten naar de kust en stond het Syrische regeringsleger op instorten. Twee jaar later bestaat de Islamitische Staat niet meer, is de strategische stad Aleppo in handen van Assad en zijn rebellengroepen als Jabhat al-Sham en het Vrije Syrische leger teruggedrongen tot geïsoleerde gebiedjes.

Een klinkende overwinning dus?

Dat hangt sterk af van de politiek-strategische doelen die Rusland nastreefde. Volgens het Kremlin ging het om het bestrijden van IS en het ‘internationaal terrorisme’. Russische en internationale experts zijn het erover eens dat Moskou ook verschillende ándere doelen probeerde te realiseren. In hoeverre zijn die gehaald?

  1. Strijd tegen terrorisme

    Volgens de officiële lezing waren de Russische luchtaanvallen vooral gericht tegen IS. „Als Rusland niet had ingegrepen, was Syrië een bruggenhoofd geworden van IS en andere extremistische groeperingen”, zegt politicoloog Sergej Markov, voormalig parlementariër namens de Poetin-getrouwe partij Verenigd Rusland. „Dan waren de gevolgen te merken geweest in de metro van Moskou, Sint-Petersburg, Londen en Parijs.” Internationaal wordt weinig geloof gehecht aan de officiële lezing. „Moskou voert het terrorisme aan als rechtvaardiging”, zegt de Duitse onderzoeker en Rusland-specialist Hannes Adomeit. „Ik zie dat niet als hoofdreden.”

  2. Russische vliegtuigen bombardeerden vooral de tegenstanders waar Assad op dat moment het meest van te duchten had: het door de VS gesteunde Vrije Syrische Leger en Jabhat al-Sham – als voormalig Al-Qaeda-filiaal weliswaar een jihadistische groepering, maar óók een vijand van IS. Beelden van aanvallen op rebellen in de provincie Idlib werden door het Russische ministerie van Defensie doodleuk verkocht als aanvallen op stellingen van IS – honderden kilometers verderop. Pas in de loop van 2016 begon het Syrische regeringsleger, gesteund door Rusland, een offensief in de richting van het grondgebied van IS. Maar het waren Koerdische strijders en andere Assad-tegenstanders die dit najaar de IS-hoofdstad Raqqa innamen.

  3. Invloed in het Midden-Oosten.

    Al sinds Sovjet-tijden is Syrië een belangrijke bondgenoot van Rusland in het Midden-Oosten. In de zomer van 2015 kwam Damascus onder zware druk, toen rebellen in het noorden en midden van het land belangrijke terreinwinst boekten. Door massale aanvallen van de Russische luchtmacht, en dankzij de hulp van Hezbollah, Iraanse troepen en meer dan duizend Russische huurlingen van de geheimzinnige firma ‘Wagner’, kon het Syrische regeringsleger in de tegenaanval gaan. Intussen hebben Assads soldaten weer 85 procent van Syrië in handen.

    Moskou laat er geen twijfel over bestaan: ondanks de aangekondigde ‘terugtrekking’ houdt Rusland de luchtmachtbasis Hmeimim in gebruik – met instemming van Damascus. Om dat te onderstrepen heeft Rusland hypermoderne S400-luchtafweerraketten gestationeerd, waarmee een groot deel van Syrische luchtruim wordt bestreken. De haven in Tartus – nu niet meer dan een overslagpunt – zal worden uitgebreid en geschikt worden gemaakt voor grote marineschepen. „Rusland wilde een serieuze speler worden in het Midden-Oosten”, zegt Adomeit. „En dat is gelukt.”

  4. Lees ook: ‘Zeven militaire vliegtuigen vernietigd bij aanval op Russische basis in Syrië’
  5. Verlichting van de sancties

    Na de annexatie van de Krim en het uitbreken van de oorlog in Oost-Oekraïne in 2014 kondigde het Westen sancties af. Veel analisten zien in de Russische interventie een poging om de aandacht af te leiden van Oekraïne, en om de Europese Unie en de Verenigde Staten te bewegen tot het verzachten van de sancties. Rusland probeert zijn invloed in het Midden-Oosten te versterken, zo zegt de Wit-Russische militaire expert Arseni Sivitski, „om zijn invloed te kunnen uitruilen tegen economisch en militair-economisch voordeel”.

    Politicoloog Sergej Markov omschrijft het doel iets anders: „Moskou wilde graag een coalitie sluiten met het Westen tegen het wereldwijde terrorisme.” Ze zijn het met elkaar eens: dat doel is niet gerealiseerd. Sterker nog: de Russische Alleingang in Syrië heeft de spanningen met de VS alleen maar verder doen oplopen. Vrijdag nog breidde Washington de sanctielijst verder uit met negen Russische bedrijven en 21 personen.

  6. Poetin (l) en de Syrische president Bashar al Assad (r) poseren samen met gevechtspiloten bij de Hmeimim luchtmachtbasis in Syrië. Een maand nadat Rusland de overwinning uitriep in Syrië werd de basis bestookt met mortieren.
    Foto Michail Klimentjev / AP,
    Poetin speldde medailles op bij militairen die in Syrië hebben gevochten en hief een glas Russische sjampanskoje op het succes.
    Foto Kirill Koedrijatsjev / AP
    Een poster van Poetin en Assad in Aleppo, Syrië.
    Foto Hassan Ammar / AP
  7. Geen regime change

    De Arabische Lente werd in het Westen gevierd als een volksopstand tegen meedogenloze dictators, maar in Moskou zag men heel iets anders: de zoveelste poging van de Amerikanen hun macht te vestigen. „In Rusland houden we niet erg van de ‘Oranje Revoluties’ van de VS”, zegt politicoloog Markov. Die term is een verwijzing naar de omwenteling in Kiev in 2004, toen de pro-westerse presidentskandidaat Joesjtsjenko de overwinning van de pro-Russische kandidaat Janoekovitsj via de straat ongedaan wist te maken. Wat Moskou betreft herhaalde deze coup zich in 2014, toen dezelfde Janoekovitsj werd afgezet tijdens de Majdanopstand.

    Het voorkomen van een dergelijk scenario in de rest van de wereld – en bovenal in Rusland zelf – zou je rustig een obsessie van de regering-Poetin kunnen noemen. Ondanks de mensenrechtenschendingen en de inzet van chemische wapens door Assad blijft Rusland achter de ‘wettige’ president staan. De operatie in Syrië, zo zegt Hannes Adomeit, is op te vatten als een waarschuwing aan de VS: tot hier en niet verder.

  8. ‘Supermacht’ Rusland

    De Russische staatstelevisie kan er nog steeds geen genoeg van krijgen. De Russische interventie in Syrië leverde beelden op waar het Pentagon nauwelijks aan kan tippen. De SU-34, Ruslands nieuwe jachtbommenwerper, maakte indruk. Imponerend was ook de inzet van kruisvluchtwapens vanaf oorlogsbodems in de Kaspische Zee, duizenden kilometers van hun doelen. Voor het eerst voerden Russische jagers missies uit vanaf een vliegdekschip, de Koeznetsov.

    Volgens Markov heeft de missie in Syrië een gevaarlijke misvatting rechtgezet: de idee dat Rusland alleen als kernmacht nog serieus te nemen is. „Rusland heeft laten zien dat de conventionele strijdkrachten zich op een hoog niveau bevinden”, zegt Markov. „En dat oorlog met Rusland een slecht idee is.” Hannes Adomeit maakt een kanttekening. Rusland, de twaalfde economie ter wereld (Nederland is nummer achttien) kan zich de exorbitante investeringen in zijn defensie op termijn niet veroorloven. „Rusland heeft vooral de índruk gegeven dat het nog steeds een militaire grootmacht is.”

    • Steven Derix