De klap komt bij Otterspeer nog harder aan dan anders

NK sprint

Dai Dai Ntab en Letitia de Jong wonnen de titels. Hein Otterspeer miste net als bij het OKT op honderdsten de boot. „Ik schoot tekort.”

Hein Otterspeer over de Winterspelen: „Ik zal de maand februari moeten ondergaan. Het zal heftig zijn, dat weet ik zeker.” Foto Vincent Jannink/ANP

In de kantine van Thialf, achter een warme chocolademelk met slagroom, pakt Hein Otterspeer na de training in de aanloop naar het NK sprint zijn telefoon. „Moet je deze bocht zien.” Wereldbeker begin december in Calgary, 1.000 meter B-groep, gefilmd door de fysio van zijn team. „Die eerste 600 meter, waanzinnig, vier tienden onder het wereldrecord. Dan ga ik goed schaatsen, topsnelheid boven de zestig. Je ziet dat er zoveel ontspanning in zit. Als je het er niet aan af ziet, gaat het hard bij mij. Ja, ik kan wel wat.”

Zondag slaagde favoriet Otterspeer (29) er niet in om de nationale sprinttitel te pakken. In een opvallend goed gevuld Thialf eindigde de 1,93 meter lange en 89 kilo zware sprinter als tweede achter de verrassende kampioen Dai Dai Ntab. Twee mindere 500 meters, 0,09 seconde achterstand. „Ik was het aan mijn stand verplicht om te winnen”, sprak hij na afloop bij de NOS. „Maar de vorm schoot tekort.”

Opnieuw een tegenvaller, al valt die in het niet bij het missen van de Spelen, eind december bij het olympisch kwalificatietoernooi. Toen het er echt om ging, greep Otterspeer naast de tickets voor Pyeongchang: vierde op de 500 meter (op 0,04 seconde) en de 1.000 meter. Officieel is hij nog reserve, maar de schaatser van de Lotto-Jumboploeg van coach Jac Orie rekent nergens meer op. „Ik denk niet dat ik daar nog aan de bak kom.”

Goederentrein

Nee, de eerste dagen van 2018 waren niet gezellig. „Je leeft met de teleurstelling van het OKT, twee keer de boot gemist, het besef dat je thuisblijft. Krijg je een telefoontje dat je bij de EK de 500, 1.000 en teamsprint mag rijden. De knop moet om, toch weer vol verwachtingen naar Kolomna. Ga ik bij de eerste ijstraining door mijn rug. Ze hadden me beter meteen op de eerste goederentrein naar huis kunnen zetten. Start ik ondanks de blessure op de 1.000 meter en de teamsprint, worden we ook nog eens gediskwalificeerd wegens een verkeerde wissel. Weg zilveren medaille. Toen was het echt klaar.”

Terug naar huis in Heerenveen, trainen zonder veel motivatie. De dan nog geblesseerde Kai Verbij, voor wie Otterspeer olympisch reserve is, schaatst steeds beter in de trainingen. „Hij zal gewoon starten.” Van de zijlijn volgt hij de commotie om de Russen Pavel Koelizjnikov en Denis Joeskov, die niet mogen meedoen. „Het IOC is blijkbaar vastberaden, iedereen die vieze handjes heeft wordt geweerd.” Ach, wat zou het? „Alles wat met de Spelen te maken heeft, gaat het ene oor in en het andere uit. Je probeert het te vermijden. Ik zal de maand februari moeten ondergaan. Het zal heftig zijn, dat weet ik zeker.”

De klap komt voor Otterspeer nog harder aan omdat hij dit seizoen juist uit een diep dal klom. Derde was hij op het WK sprint van 2013, tweede in 2015. Bij momenten de sterkste 1.000 meterrijder ter wereld. Maar hij miste de Spelen van Sotsji, zakte vanaf 2016 ver weg. „Zeker vorig jaar. Ik ging experimenteren in trainingen, merkte dat het de verkeerde kant opging. Geen snelheid, wel vermoeidheid. Dan zakt de moed je in de schoenen. Je hoopt dat het beter wordt, maar ik heb het hele jaar niks gereden. Dat sloopt je onderhuids.”

In de zomer gaat het roer rigoureus om. „Terug naar de basis: diep zitten, zijwaarts afzetten. Sterk worden in de schaatshoeken, zuinig zijn met mijn lichaam, leven als een sprinter.” Daar zijn in augustus de snelle rondjes weer, eindelijk. Podiumplaatsen half november bij de wereldbeker op de 500 meter in Stavanger. Maar waarom lukte het dan niet bij het OKT? „Fysiek was ik goed genoeg. Maar op dat moment kwam er net niet uit wat ik in me heb. Dat is ook een kunst. Ik reed 98-procent ritten, anderen waren wel 100 procent.”

Kop ervoor

Ondanks de nieuwe teleurstelling bij het NK, waardoor hij naast plaatsing voor het WK sprint greep, probeert Otterspeer zich vast te houden aan zijn verbeterde niveau van dit seizoen. „Ik zet de kop er weer voor.” Vorige week was hij tweede op de 1.000 meter bij de wereldbeker in Erfurt. „Ik richt me op de wereldbekerfinale.” De Spelen van 2022 in Beijing? „Dat is ver weg. Maar ik ben pas 29. Stefan Groothuis won als 32-jarige goud. Niks is onmogelijk. Het blijft een motivatie om ooit een keer mee te doen aan de Spelen. Er zit nog te veel in me.”

    • Maarten Scholten