Kaaswinkel Damrak moet toch weg

Toeristenwinkels

De kaaswinkel van de Amsterdam Cheese Company aan het Damrak moet weg. De rechter ziet de zaak als toeristenwinkel.

De kaaswinkel van Amsterdam Cheese Company aan het Damrak die dicht moet. Voor de rechtbank weegt het algemeen belang zwaarder dan de schade van de ondernemer. Foto Tammy van Nerum

De regelgeving voor toeristenwinkels in het centrum heeft de eerste juridische toets doorstaan. De rechtbank wees een klacht van de Amsterdam Cheese Company af. De eigenaar had in een bodemprocedure bezwaar gemaakt tegen het besluit van de gemeente om zijn winkel te sluiten.

De sluiting van toeristenwinkels is een van de maatregelen die de gemeente Amsterdam in oktober nam – na maanden geheime voorbereiding. Het gaat om een voorbereidingsbesluit; binnen een jaar na de afkondiging moet Amsterdam de maatregelen verankeren in een nieuw bestemmingsplan voor het gebied. Op grond van dat voorbereidingsbesluit is stadsdeel Centrum vanaf 6 oktober begonnen met de handhaving.

De Amsterdam Cheese Company was een van de winkels die tot sluiting werd gedwongen. Eigenaar Quirijn Kolff tekende bezwaar aan. Hij voerde aan dat het pand op het Damrak al werd verbouwd tot kaaswinkel vóór 6 oktober. Ook werd er op 5 oktober al daadwerkelijk kaas verkocht, in een stalletje in de ingang. Meer in het algemeen protesteerde Kolff tegen de willekeur en onduidelijkheid die volgens hem in de gemeentelijke regelgeving zit. Hij voerde op de zitting aan dat het zo voor vrijwel iedere ondernemer onmogelijk wordt om in de binnenstad een detailhandelsvestiging op te richten, aangezien daar nu eenmaal veel toeristen zijn.

Op al die punten wees de rechter de eisen van de kaaswinkelier af. Dat het om een winkel gaat die op toeristen is gericht, blijkt volgens de rechter uit het „eenzijdig aanbod” van „(Beemster)kazen)”, uit de reclameteksten als ‘all our cheeses are ready to fly’, en uit het feit dat de voertaal in de winkel Engels is.

In het vonnis stelt de rechtbank dat „het enkele feit” dat in het huurcontract de intentie is opgenomen om een kaaswinkel met deze specifieke formule te openen, niet wil zeggen dat het daarmee een kaaswinkel is. Ondernemer Kolff zegt in een reactie dat hij niet begrijpt dat hij, die „duidelijk te goeder trouw was en specifiek onder toen geldende gemeentelijke regelgeving” verplichtingen is aangegaan en investeringen heeft gedaan, niet wordt toegestaan zijn winkelconcept te exploiteren en bovendien geen uitstel of enige vorm van compensatie krijgt. Hij gaat tegen de uitspraak in hoger beroep.

Bovendien spant Kolff een kort geding aan tegen het dwangbevel dat hij woensdagochtend ontving: zijn kaaswinkel moet vrijdagochtend negen uur sluiten, anders timmert de gemeente hem dicht. Kolff heeft woensdag „direct contact gezocht met de gemeente om in gezamenlijk overleg te bekijken in hoeverre wij aanpassingen aan ons concept kunnen maken om wel te voldoen aan de nieuwe regels. Daar vinden we tot op heden bij de gemeente geen thuis. Ik heb nu dus twee dagen om bij wijze van spreken een nieuw concept voor een kledingzaak te bedenken. Ik vind het onwaarschijnlijk dat ons niet meer tijd wordt gegund.” De Amsterdam Cheese Company heeft vijf vestigingen in het centrum van de stad – de andere vier waren lang en breed voor 6 oktober in bedrijf.

Voor de rechtbank weegt het algemeen belang zwaarder dan de schade van de ondernemer. In het vonnis staat het zo: „Om verdere verschraling van het winkelaanbod, die overigens voldoende duidelijk blijkt uit het eerder genoemde rapport ‘Sturen op een divers winkelgebied’, te voorkomen moest de gemeenteraad een middel gebruiken om terstond de situatie in de Amsterdamse binnenstad te bevriezen.”

Stadsdeel Centrum blijft intussen handhaven. Op basis van een inventarisatie in het gebied, in november afgerond, zijn meer dan 2.000 winkels in kaart gebracht. „Van een tiental bedrijven is inmiddels geconstateerd dat zij mogelijk in strijd zijn met het voorbereidingsbesluit”, laat een woordvoerder weten. „Daarnaast is er sprake van ongeveer vijftig winkels die in de gaten worden gehouden.”

    • Bas Blokker