Noodsignalen uit de ‘logge leerfabriek’

Universiteiten Overheid en management jagen docenten en studenten aan de universiteiten op. NRC hield een enquête: Docenten hebben „te veel taken en te veel studenten”.

Zo'n veertig boze studenten 'bezetten' de bestuurskamer van de faculteit Letteren van de Rijksuniversiteit Groningen. Zij willen met de "sit-in" een gesprek met de universiteit afdwingen over de kwesties die Eelco Runia vorig weekend aansneed in NRC in verband met het rendementsdenken op de universiteit. Foto Kees van de Veen

Commissies, vergaderingen, toetsmomenten, scripties, modulehandelingen, visitaties, Course Unit Assessment Overviews, onderzoeksaanvragen, internationale publicaties. Het werk van een universitair docent is zwaar geworden. Overheid en management vragen steeds meer van hen, en ze krijgen geen extra tijd om daaraan te voldoen.

Dat blijkt uit de enquête die NRC deze week hield over de werk- en studiedruk op universiteiten. Aanleiding voor de oproep was een essay van geschiedenisdocent Eelco Runia die ontslag neemt bij de Rijksuniversiteit Groningen wegens de bureaucratisering en deprofessionalisering van zijn vak. Tot en met vrijdagmiddag reageerden 500 docenten en 405 studenten.

Lees ook: Werkdruk docent en student enorm

Het belang van financiële overwegingen en de bureaucratie de afgelopen jaren enorm zijn toegenomen: 80 procent van de docenten herkent wat Runia schreef; 91 procent ervaart grote werkdruk. Driekwart van de docenten zegt onvoldoende tijd te hebben om het werk te doen. Ondanks dit alles is 87 procent tevreden over de onderwerpen waarover ze les geven. Tweederde van de studenten vindt de onderwijskwaliteit goed; 44 procent zegt te weinig begeleiding te krijgen bij de studie.

Docenten besteden een kwart van hun tijd aan colleges voorbereiden en geven, ruim een kwart aan onderzoek, 16 procent aan nakijkwerk en tentamens afnemen en de rest aan administratieve taken, vergaderen, besturen.

Waarom hebben de docenten het zo druk? Studentenaantallen nemen toe, maar het aantal docenten niet, schrijft Koen van der Gaast, docent milieukunde aan de Universiteit van Amsterdam (UvA). „Het systeem is gericht op het steeds verder opknippen van vakken in talloze opdrachten, die ‘cutting edge innovatief’ moeten zijn en vooral op de praktijk gericht.” Dat betekent, schrijft hij: bergen werk. „Maar er komt geen extra geld om nieuwe docenten aan te nemen of de bestaande docenten meer werk of zekerheid te bieden, zodat ze zich deze nieuwe didactische technieken eigen kunnen maken.”

Het is naar te merken dat de universiteit bijna een winkel is geworden

Noralyne Maranus, student onderzoeksmaster

De focus op output is zeer aanwezig. Ik twijfel sterk of ik verder wil in de academische wereld

Postdoc

Kwaliteitsafspraken

„Jonge, gepromoveerde werknemers worden uitgebuit in tijdelijke onderwijsaanstellingen met nauwelijks perspectief op een vaste baan”, schrijft Lieke Stelling, onderzoeker aan Universiteit Utrecht. „Onderzoek doe je volledig in je eigen tijd. Zo heb ik mijn onderzoekbeurs gehaald.”

Vooral de administratieve verantwoording drukt zwaar op docenten: visitaties van de accreditatie-instelling, kwaliteitsafspraken met de overheid, toetsingscommissies, studenten-enquêtes en interne onderzoeken. Volgens Van der Gaast overbodig: academici zijn al gemotiveerd, schrijft hij, en hoeven geen „toetsingscyclus waar je ieder stapje moet verantwoorden”.

Ook studenten hekelen de bureaucratie. „In het eerste jaar werd ik constant verrast door procedures waar ik geen weet van had en nooit uitleg over had gekregen”, zegt een tweedejaars bachelorstudent Engels van de Universiteit Leiden. Studenten klagen over onbereikbare en onbeleefde administratie-afdelingen. „Helemaal als je in het buitenland bent voor onderzoek valt er praktisch niet met ze te communiceren”, schrijft een masterstudent Asian Studies.

Het maakt studeren onpersoonlijk. „Gedurende mijn hele studie, bachelor en master, is er geen docent geweest die mijn naam wist. Niet dat ik een muurbloem was, maar er was simpelweg tijd noch ruimte voor persoonlijke begeleiding”, schrijft een student van de UvA, die uit weerzin besloot niet te promoveren. „De universiteit is een bedrijf geworden. Iets moet publicabel (lees: significant) zijn, dus je zoekt maar in je data tot je iets significants tegenkomt.”

Ronkende verhalen

De afstand tot de leiding van de universiteit is soms groot. Een hoogleraar: „Oorspronkelijk huurde een gemeenschap van docenten en studenten wat personeel in, nu huurt een door bestuurders gecontroleerde productie-eenheid wat personeel in om onderwijs te verzorgen.”

Lees ook het verhaal van Theo Verheggen, voormalig universitair hoofddocent psychologie, die nu in de leer is als lasser in een garage.

Docent Nederlands Mario Van De Visser: „De professionele communicatie-afdeling van de universiteit produceert ronkende verhalen met foto’s van mensen die het gemaakt hebben, maar ik herken me zelden in die beeldvorming. Daardoor heb ik het idee dat wat ik doe van ondergeschikt belang is en dat werkt door in de arbeidsvreugde en de verbondenheid die ik voel met mijn werkgever (ik heb er twee, Tilburg University en de Universiteit Gent).”

Een Leidse docent schrijft „erg verbolgen” te zijn over de reactie van de rector magnificus van de Universiteit Leiden, Carel Stolker, op het stuk van Runia. Stolker twitterde: „Ik lees een groot zelfbeklag vol minachting voor de universiteit en wie daar werken en er vorm aan geven.” De reactie van de docent: „Hij onderschrijft de algemene boodschap niet. Maar de werkdruk is ontzettend hoog, dat zou hij serieus moeten nemen en er niet neerbuigend over moeten doen.”

Er wordt steeds meer nadruk gelegd op zo snel mogelijk afstuderen

Masterstudent

Onderzoek doe ik vooral op mijn vrije dag, in de avonden en in de weekenden

Universitair docent

Studenten zien de druk waar hun docenten onder staan. Masterstudent filosofie Thomas Keulemans schrijft dat docenten „tot over hun oren” in het werk zitten. Ze zien ook dat docenten toch proberen goed te helpen. „Dat betekent dat ze voortdurend gratis aan het werk en zijn”, schrijft masterstudent Noralyne Maranus.

„Mijn docenten zijn fantastisch”, schrijft een eerstejaars masterstudent geschiedenis aan de EUR. „Maar ze kunnen hun werk niet onder fatsoenlijke omstandigheden uitvoeren. Ze hebben te veel taken en te veel studenten. Aan onderzoek komen ze nauwelijks toe.” De kleine faculteit wordt „verwaarloosd en uitgeknepen”, schrijft de student. „Het water staat de faculteit aan de lippen en bijna alle docenten hebben een flexcontract.”

Studenten gebruiken termen als ‘winkel’, ‘24-uursorganisatie’ en ‘logge leerfabriek’ om de universiteit te omschrijven. Een grote groep, 42 procent, zegt dat de universiteit druk uitoefent om zo snel mogelijk af te studeren. „Tijdens mijn bachelor besprak ik met de studieadviseur dat ik graag extra vakken wilde doen en naar het buitenland wilde”, schrijft Esther de Boer, masterstudent biomedische wetenschappen aan de UvA. „Dat werd afgeraden, want dan zou ik vijf jaar over mijn bachelor doen en dat was toch echt niet de bedoeling.”

„Initiatief, kritisch denken, onderzoeken en creatieve oplossingen bedenken zijn ondergeschikt aan gehoorzaamheid”, schrijft een derdejaars bachelorstudent computing science aan de RUG. „Er is een hoge mate van ‘teaching to the test’. Van academische vorming is geen sprake.” Er ontstaat „diploma-inflatie”, schrijft een student: omdat afgestudeerden geld opleveren, worden bachelordiploma’s „weggegeven”.

Verlengstuk van het vwo

Zo’n 40 procent van de docenten moest zich verantwoorden voor de slagingspercentages van hun studenten. „Ondanks het feit dat de conclusie van de examencommissie was dat het academisch niveau omhoog moest, werd dit tegen mij gebruikt in functioneringsgesprekken”, aldus een universitair hoofddocent. „Je moet je verantwoorden bij het onderwijsbureau als het slagingspercentage te laag is”, schrijft een hoogleraar. „Je snijdt jezelf dan in de vingers, want dan zijn er hertentamens en is er dus minder tijd voor onderzoek.” De Groningse universitair docent Arend van Essen: „Het lijkt erop dat de universiteit een automatisch verlengstuk is van het vwo.” Veel mensen gaan naar de universiteit omdat ze een goede baan willen, stelt een student, niet uit interesse voor de wetenschap.

Verdiepende vragen worden beantwoord met een schouderophalen

Derdejaars bachelorstudent

Het gebruik van Engels zit docenten minder hoog dan de werkdruk en de bureaucratie. Bijna driekwart van de docenten vindt het gebruik van Engels zinvol; onder studenten is dat 53 procent. Promovendus Gert-Jan Munneke van de UvA vindt Engels noodzakelijk om internationale studenten te bereiken, zeker als het de voertaal is van het vakgebied. Wel klagen zowel studenten als docenten over „toneelstukjes”, waarbij docenten voor een volledig Nederlandstalig publiek in het Engels moeten doceren.

René Boomkens, hoogleraar aan de UvA, heeft geen probleem met Engels voor masterstudenten. Maar het besluit om over te stappen, zegt hij, wordt momenteel ingegeven door slechts één argument: het vergroten van de aantallen studenten. „Dat zal de kwaliteit van het onderwijs zonder twijfel aantasten.”

Naschrift (30 januari 2018): een onterecht vermelde naam is uit dit stuk geschrapt.
Correcties: Lieke Stelling werkt niet op de Erasmus Universiteit, zoals eerder vermeld, maar bij Universiteit Utrecht. Dit is aangepast. Ook is Koen van der Gaast geen geschiedenisdocent, zoals eerder vermeld, maar docent milieukunde. Dit is eveneens aangepast.

    • Mirjam Remie
    • Maarten Huygen