Recensie

Een warm bad, maar het eten is te wisselend van kwaliteit

Dat De Reiger met bepaalde zaken wegkomt, heeft alles te maken met de enorme hartelijkheid van het personeel en de ongedwongen sfeer.

Foto Remco Koers

De Reiger is zo’n mooi, bruin café-restaurant met toog en houten lambrisering, een beetje Jugendstil, dat al ruim dertig jaar een succesvol bestaan in de Jordaan leidt. In een vroeger leven kwamen we er vaak. Mooi pand, hartelijke sfeer, tikkie Frans en het eten was in orde.

In onze herinnering was het vooral een eetcafé, maar ze noemen zichzelf café-restaurant, je kunt er niet reserveren en het zit vaak vol. Ook op deze naargeestige woensdagavond zijn veel tafeltjes al om half zeven bezet en de bediening moet stevig aanpoten om het iedereen naar de zin te maken. Zo te zien lukt dat goed, het publiek is gevarieerd en het gezellige gekwetter is niet van de lucht.

Zonder aarzeling bestellen we ons eten bij een vriendelijke jongeman in de bediening: carpaccio „op eigen wijze” (11,50) en de Amsterdamse dagsalade (9,50), de vegetarische rotolo (19,50) en de spareribs met coleslaw en friet (21,50) als hoofdgerechten.

Op de wijnkaart zien we een pinot noir van Stepp (26,50) – onze avond kan beginnen. De wijn is lekker: gekoeld en kruidig, pinot noir met karakter. Wat opvalt op de menukaart is dat je bij sommige hoofdgerechten de extra’s bij moet bestellen (en betalen) en de prijzen zijn al niet bescheiden hier, zeker niet als je de zaak als een veredeld eetcafé beschouwt. En dat doen we, want na drie gangen kunnen we niet anders constateren dan dat het eten smaakt, maar op veel punten verbetering nodig heeft.

De Amsterdamse salade bijvoorbeeld komt met een bitterbal met gerookte kalkoen, maar die smaak valt niet te herkennen. We vinden ’m vooral melig. Het gepocheerde ei op de sla is wel prima, maar de reepjes tomaat komen van een smakeloze waterbom en de gebakken spekreepjes zijn hard en taai. De carpaccio is een meevaller, in de eerste plaats omdat deze niet ijskoud wordt opgediend, wat nogal vaak gebeurt, en de marinade van huisgemaakte pesto smaakt goed. Ook de spareribs kunnen ons bekoren. Ze zijn gemarineerd in sojasaus en dus nogal donker, maar ze vallen bijna van het botje en zijn vreselijk lekker.

De bijgeleverde coleslaw is een beetje weinig, maar wel lekker, en de frieten zijn in orde. Spareribs gelden hier als de signature dish en ja, dat zet de toon natuurlijk. Omdat vegetariërs vast walgen van zo’n berg vlees, staan er gelukkig ook vlees- en visloze schotels op de kaart, wij proberen de rotolo. Rotolo is een Italiaans gerecht dat een beetje op cannelloni lijkt: het is pastadeeg, met een vulling opgerold en in een doek gekookt. Deze is gevuld met spinazie, zoete aardappel, ricotta, gele en paarse wortel en komt met pestosaus en tomatensalsa. Een hele mond vol, maar wij vinden het behalve lomp ook niks aan: laffe pannenkoek met veel pesto, zo smaakt het.

Ten slotte nemen we een kaasplankje (11,50) en die komt rechtstreeks uit de koeling. Koude kaas is niet lekker en behalve dat is ie hier en daar droog. Van de bediening horen we dat er verschillende chefs in de keuken staan, zowel voor vis- als vleesgerechten en ook nog voor de koude kant. Het gekke is dat wij daar op het bord niet veel van merken, dit is te wisselend van kwaliteit.

Dat De Reiger ermee wegkomt heeft alles te maken met de enorme hartelijkheid van het personeel, de ongedwongen sfeer die in een ‘echt’ restaurant vaak ver te zoeken is, het feit dat het hier – weer of geen weer – altijd als een warm bad voelt.

Eigenlijk zou de zaak rigoureus moeten kiezen: óf er een oprecht eetcafé met dijenkletsers van maken, óf een restaurant met gerechten die verder verfijnd worden. Niet hip, niet met frutsels en franje, schuimpjes en gels – van dat soort zaken zijn er genoeg –, maar met mooie ingrediënten en minder gedoe. De restaurantprijzen voeren ze al, nu het eten nog.

Journalist en recensent Petra Possel test wekelijks een restaurant in en om Amsterdam.
    • Petra Possel