Applaus voor elkaar in praathuis aan het IJ

Pakhuis de Zwijger

In Pakhuis de Zwijger zijn geen debatten; men is er in dialoog. Progressieve Amsterdammers vinden elkaar voor oplossingen die de stad nodig heeft. „Hier komen de mensen die wél willen.”

Het Nieuw Amsterdam-diner 2018, waarvoor 250 Amsterdammers waren uitgenodigd. Zij zitten aan lange tafels in de Grote Zaal, random door elkaar geplaatst voor spontane ontmoetingen. Foto Raymond van Mil

Op maandag gaat het in de IJ-zaal over groen wonen, in de Expo over duurzaam gedrag in huis. Woensdag is de resilient democracy aan de orde, donderdag praat Suzanna Jansen in de Workspace met beïnvloeders van nu over culturele toekomstdromen voor Nieuw-West. Verderop in de maand staan Turkse eenzaamheid en buurtcommunities op de agenda, er is een bewustmakende filmavond, een biologische netwerkborrel en een Inclusive Dinner met spoken word en keynote speakers.

Het decemberprogramma van Pakhuis de Zwijger zit boordevol met wat rechtse mensen linkse hobby’s noemen, en ze zijn allemaal erg populair. In een tijd dat de buitenwereld boos en gepolariseerd is, vindt wie er wat van wil maken een veilige haven in het praathuis aan het IJ. De Pakhuis-community, van de sprekers tot de dagelijks groeiende groep internetvolgers (129.835 ‘leden’ op 19 januari), hebben nog zin in de toekomst, die ze met elkaar in gesprek vormgeven.

Een nieuwe elite van participatieprofessionals geeft aan welke kant het op moet.

Het vroegere koelpakhuis en zijn online manifestatie vormen het belangrijkste ‘platform’ van Amsterdamse ‘burgerkracht’, co-creatie, doe-democratie en meer geloofsartikelen van bestuurders op zoek naar legitimatie. Van een participatie-elite van stadmakers, ruimte- en toekomstmakers. Er is veel te doen, want steden zijn momenteel ‘in transitie’ naar een volgende fase van stad-zijn.

Een nieuwe elite van participatieprofessionals geeft aan welke kant het op moet. Aan zelfvertrouwen ontbreekt het niet. We make this city, zeggen ze, we kunnen het maken, nou en of. Joachim Meerkerk, een van de ‘programmamakers’ van De Zwijger, stelt in een essay getiteld ‘Van burgerkracht naar burgermacht’ dat de stadmakers, in de ‘nieuwe democratie’, ook een deel van ‘de macht’ toekomt.

Bijeenkomst in Pakhuis de Zwijger over het toekomstige jubileumfeest ‘Amsterdam 750’, met de Club van 750. Foto Eveline Koppejan, LOS Design&Fotografie

„De overheid laat steeds meer over aan het zelforganiserende vermogen van de samenleving”, schrijft hij. De overheid is daarbij de vragende partij. „Waarom dan ook niet het gesprek aan de tafel van de stadmakers voeren? Waarom niet onder hun voorwaarden, op hun manier en wanneer het in hun agenda past?” ‘G1000’s’ of ‘burgertoppen’ werken alleen als ze ook beslissingen kunnen nemen, „de agenda kunnen bepalen, over beleid en bestedingen kunnen besluiten”.

Debat mag het niet heten wat plaatsvindt in De Zwijger, de gesprekspartners zijn er in dialoog. Debat is er in de andere praathuizen, De Balie, Felix Meritis en De Rode Hoed. „Ik geloof dat je samen de stad maakt en samen de samenleving”, zegt Egbert Fransen, de directeur van Pakhuis de Zwijger. Het is een bijzonder uitgangspunt: alsof er een gezamenlijk belang is dat we, al pratend, gaan ontdekken. „Wij kiezen voor een punt op de horizon. Met welles-nietes kom je er niet.”

Je wilt er gezien, en nog liever gehoord worden.

We zitten op de bovenste etage van het Pakhuis, een open ruimte met werkeilanden en affiches aan de muur. Fransen heeft er een eigen vertrek, met uitzicht op het IJ. Zes verdiepingen onder ons loopt de Jan Schaeferbrug naar het Java-eiland onder het gebouw door, genoemd naar de oud-wethouder, -staatssecretaris en liefhebber van duidelijke taal, wiens beroemdste uitspraak luidt dat je in geouwehoer niet kan wonen.

Het gebouw was opgeknapt door Stadsherstel Amsterdam, toen Fransen, ex-KPMG, in 2006 de exploitatie in handen kreeg. Hij had een slim en sluitend plan. De inkomsten uit horeca en zaalverhuur zorgen voor financiering van het avondprogramma, dat grotendeels gratis is. De commerciële en inhoudelijke onderdelen bloeien dankzij elkaar: twee exploitatie-bv’s en de Egbert Fransen Holding erboven, en Stichting Pakhuis de Zwijger.

Sterk merk

Pakhuis de Zwijger is een sterk merk geworden, gesponsord door de gemeente, het waterbedrijf, de haven en woningcorporaties, onder andere. Je wilt er gezien, en nog liever gehoord worden. Wethouders en raadsleden zijn er kind aan huis. Net als op het Forum vroeger in Rome ontmoet wie wat te melden heeft elkaar, er worden ideeën ingestoken, plannetjes en coalities gesmeed, er wordt steun verworven. De samenstellende delen van de dialoog vormen een veelstemmig, niet te negeren koor, met de talk of the town als repertoire.

Fransen telt af op zijn vingers. „We informeren, inspireren, agenderen, confronteren. We brengen mensen samen.” In het Pakhuis komt veel knowhow over de vloer. „Amsterdam had niet één plek waar de hele creatieve sector bij elkaar komt.” Fransen toont een organogram in de vorm van een bloem. De blaadjes zijn de stakeholders: de burgers, de gemeente, de kennisinstellingen, de bedrijven. De Zwijger, de kern van de bloem, houdt ze bij elkaar.

Het Pakhuis is niet elitair, vindt Fransen. Iederéén komt hier. De wereld bestaat niet uit links en rechts, maar uit progressief en conservatief. Het gaat er niet om waar je vandaan komt, maar of je mee wilt op weg naar de toekomst. Het is een reis met een doel, maar zonder eind. Voortdurend onderweg naar morgen.

Avond in Pakhuis de Zwijger rondom het thema ‘Wit Aan Zet’, op 24 februari 2017. Foto Ptah Ankh Re Photography

Verjaardagsfeest Amsterdam

Aan het begin van een avond over ‘Amsterdam 750’, de 750ste verjaardag van de stad over zeven jaar, zit een indrukwekkend gezelschap invloedrijke Amsterdammers aan het diner in de Expo, naast de Jan Schaeferbrug. Ze zijn lid van de ‘Club van 750’. Er zijn bestuurders, wetenschappers, creatieve ondernemers. Duncan Stutterheim is erbij, de feestorganisator, en Zef Hemel, de planoloog. Paul Scheffer houdt een praatje.

Naast Toon van de Put, die alle woonboten in Amsterdam wil voorzien van groene daken, en communicatieadviseur Aly Hendriks, zit Frank Alsema. Hij is placemaker, oud-regisseur van de VPRO, oud-directeur van de NDSM-werf en kwartiermaker van het tot circulaire woonwijk transformerende vroegere havengebied Buiksloterham. Hij ziet Pakhuis de Zwijger als een plek waar verschillende disciplines, verschillende narratieven samenkomen, zegt hij.

In de crisis van 2008 en volgende jaren bleken veel vanzelfsprekendheden versleten, zegt Alsema. De politiek bleek verouderd, de economie, de banken, onze manier van produceren en consumeren. Alternatieven borrelden bottom-up op, tegelijkertijd, op hotspots en in broedplaatsen overal ter wereld. Zelfbouw, tijdelijkheid, herontwikkeling. Zelf doen. Het praatpakhuis aan het IJ heeft een uitstekende antenne voor die thema’s.

Het is niet alleen praten, maar ook zakendoen in De Zwijger. Hier schiet je de directeur van de bank of de waterleiding gewoon even aan. De avonden aan het IJ brengen concrete projecten voort: Fabcity, toekomststad op het Java-eiland, vorig jaar, of Alsema’s eigen Stadslab Buiksloterham. „Amsterdam heeft de gemeente niet meer nodig om zoiets te organiseren. Dat doet de stad zelf wel.”

In de Grote Zaal, een arena met videoschermen rondom, krijgt wie dat wil één voor één het woord voor zijn pitch of plannetje voor het feestjaar. Ideeën te over. Een slavernijmuseum. Een vrijheidsmuseum. Een brug over het IJ. Nog een brug over het IJ. Duncan Stutterheim wil weer een feest, ditmaal op de ringweg A10. Er is een idee voor een midgetgolf-baan in het Westerpark, ter nagedachtenis aan burgemeester Van der Laan.

Op een dinsdagavond in januari zijn 250 Amsterdammers uitgenodigd voor het Nieuwjaarsdiner. De gasten, elk op zijn manier ‘stadmaker die meebouwt aan de toekomst van Amsterdam’, zitten aan lange tafels in de Grote Zaal, met nummerbriefjes random door elkaar ge-plaatst ter bevordering van spontane ontmoetingen: „Hallo, wie ben jij? Wat heb jij te vertellen?” Ze eten, praten en luisteren naar bijdragen van ‘een jonge generatie makers’, allen sprekende voorbeelden van multicultureel, divers succes.

Johan Fretz vertelt hoe hij zijn Surinaamse roots vond, en hoe mooi dat was. Liset Meddens vertelt over een fossielvrij Nederland, Arna Mackic over de inclusieve stad, Milan Meyberg over creatieven met een fuck no-mentaliteit. Woordkunstenaar Gershwin Bonevacia houdt een woordperformance, singer-songrapper Enrique treedt op.

Avondvullend applaus

Onderzoeksjournalist en Amsterdammer Eric Smit, aan tafel 14, is kritisch, naar de aard van zijn werk. De aanwezigen zijn wel erg blij met elkaar, vindt hij, in een avondvullend applaus voor elkaars progressiviteit. Een collectief gevierde maakbaarheidsillusie. De wereld buiten het Pakhuis is weerbarstiger, heeft Smit ondervonden. Hij houdt ervan als het wringt en schuurt, zegt hij. Misschien is Smit meer van het debat.

Dat dreigt even te ontstaan als zijn buurvrouw, de theatermaker Titia Bouwmeester, het niet met Smit eens blijkt. Maar de twee vinden elkaar spoedig in het gesprek. Een tafel verderop heeft Sebastiaan Capel, stadsdeelvoorzitter van Zuid, een leuke avond. „Ik ben fan van het Pakhuis”, zegt hij. De politiek is een mooi, maar soms hachelijk bedrijf, met emoties en tegengestelde belangen. Een avond in De Zwijger, met zoveel optimisme en goede zin, is voor een politicus een warm bad.

Er wordt een nieuwe, door het Pakhuis ingestelde prijs uitgereikt, de Nieuw Amsterdam Prijs. Een oeuvreprijs voor de oud-politica en activiste Saar Boerlage, en de hoofdprijs voor Jerry Afriyie, vanwege diens ageren tegen Zwarte Piet. „De strijd gaat door”, zegt hij in zijn dankwoord.

Aan tafel 7 zit Pauline Westendorp, netwerkbouwer in de energietransitie. Op de avond over Amsterdam 750 jaar was ze er ook. Het Pakhuis is de plek om dingen voor elkaar te krijgen, zei ze toen. Westendorp wil haar wijk, de Stadionbuurt, over vier jaar aardgasvrij hebben. Vroeger werd zoiets ingezet door bestuurders, die dan inspraakavonden over hun plannen organiseerden. Ze organiseerden hun eigen tegenstand, zei Westendorp.

Een avond in De Zwijger is zoveel effectiever. „Hier komen de mensen die wél willen.” Vanavond zit Westendorp in de buurt van oud-milieuminister Jacqueline Cramer. Ze zwaait en mengt zich weer in het gesprek.

    • Bert Nijmeijer