De stad van James Dean en Donald Judd

Kunst op reis Waar leefden kunstenaars? Op reis naar de plekken waar zij hun stempel drukten. Deze week James Dean en Donald Judd in Marfa, Texas

Foto’s Chinati Foundation, Erick Slobbe

Acteur James Dean en beeldhouwer Donald Judd hadden één ding gemeen. Hun namen zijn onlosmakelijk verbonden aan een charmant stadje in het uiterste zuidwesten van Texas. Een filmische plek is het, vlak tegen de Mexicaanse grens, waar tumbleweed door de straten rolt en een stoplicht aan een kabel piepend in de wind wiegt, boven het enige grote kruispunt in de wijde omtrek. Zijn naam ontleent het stadje aan een personage uit de roman De gebroeders Karamazov (1880) van Fjodor Dostojevski. De huishoudster uit dat boek heette Marfa.

James Dean verbleef in 1955 meerdere maanden in Marfa, toen hij er samen met Elizabeth Taylor en Rock Hudson de film Giant opnam. De crew logeerde in het luxe, in neokoloniale stijl gebouwde hotel El Paisano, dat nog altijd een ontmoetingsplaats is voor cocktails drinkende cowboys. Na Deans overlijden bij een auto-ongeluk, kort na zijn vertrek uit Marfa in datzelfde jaar, werd er een klein museumpje voor hem ingericht in El Paisano. Nu kun je er overnachten in de James Dean Room, de kamer waar de acteur destijds bivakkeerde.

Het stadje Marfa.

Maar het is vooral de minimalistische kunstenaar Donald Judd (1928-1994) die het tweeduizend zielen tellende Marfa bekendheid bracht. Hij besloot in de jaren 70 om de New Yorkse kunstwereld achter zich te laten en zich in Marfa te vestigen, in de hoop daar de rust en de ruimte te vinden voor zijn geometrische kunstwerken. Hij was op zoek naar een permanente locatie voor zijn werk, een plek waar zijn sculpturen tot in de eeuwigheid konden blijven bestaan. Want, vond hij, in andere musea werd veel te veel met zijn sculpturen gesold. Hij kocht de leegstaande fabriekjes en winkelpanden van Marfa en begon een kunststichting in de vervallen legerbarakken: de Chinati Foundation.

Zo kwam het dat Marfa opeens bevolkt werd door kunsttypes uit New York en Europa – museumdirecteuren, verzamelaars, galeristen. Talloze kunstenaars volgden hem, op zoek naar goedkope atelierruimte. Nu, bijna een kwart eeuw na zijn dood, is Marfa een ware kunstenaarskolonie – een culturele en biodynamische oase in de Chihuahuawoestijn. Het grootste deel van de week is het er uitgestorven. Maar als het weekend nadert, openen de galeries en restaurants hun deuren. Dan ontdek je dat er achter iedere gevel een tentoonstelling, boekwinkel, filmhuis of radiostation huist.

Judds woonhuis, een ommuurd complex naast de spoorlijn, staat bekend als The Block. De twee voormalige legerhangars bouwde hij om tot meubelwerkplaats, bibliotheek, atelier en woonruimte. Sommige kamers zien eruit als museumzalen, met witte muren en betonnen vloeren waar Judds aluminium beelden en wandobjecten smetteloos gepresenteerd worden. Een van de studio’s bevat voorbeelden van zijn vroegste sculpturen, die Judd had meegenomen uit New York en die in Marfa precies zo werden neergezet als hij wilde. Om ervoor te zorgen dat ze nooit meer van hun plaats zouden komen, liet Judd de deuren van de studio vervolgens met baksteen versmallen.

Aan de rand van Marfa ligt de Chinati Foundation, een kunstcentrum dat verspreid is over diverse legerbarakken op een terrein van ruim honderd hectare. In twee voormalige artillerieloodsen is Judds meesterwerk 100 untitled works in mill aluminium (1982-1986) opgesteld: honderd aluminium dozen die tot op de millimeter zijn afgestemd op de dimensies van het gebouw. Door de glazen wanden valt het licht overvloedig binnen. Het glimmende aluminium weerkaatst de struiken, het gras en de wolken. Buiten is het landschap – met zijn gele tapijt onder een felblauwe hemel en daartussen de scherp uitgelijnde bergtoppen – net zo strak en kaal als de sculpturen van Judd.

Overnachten kun je in Hotel El Paisano, hotelpaisano.com, of op de camping El Cosmico, die wigwams en fifties caravans verhuurt: elcosmico.com
    • Sandra Smallenburg